zondag 24 augustus 2014

Team 1 2013/2014

                                 
  RSB seizoen 2013/2014, Team 1




HZP SCHIEDAM 1  –  MAASSLUIS 1 

F.G. Maas... 3 afzeggingen
Afgelopen maandag speelde ons eerste tam de laatste competitiewedstrijd tegen het eerste team van Maassluis. Teamleider F.G. Maas had het niet gemakkelijk: onze sterkste speler FM John van Baarle en Frans Groeneweg waren herstellende van gezondheidsproblemen en op het allerlaatste moment meldde Daniël van Loenen zich af, ook vanwege de gezondheid. F.G. Maas had Piet Hofstee en Cees Verhagen al gevraagd om in te vallen en nu moest er nog iemand gevonden worden. Maas vroeg Freerk Gerkema. Freerk speelt liever niet in het eerste, omdat hij zich dan onder druk voelt staan. Maar wij waren al kampioen, dus geen druk en Freerk viel in. Er werd gegrapt: “we hebben een versterkt tweede team opgesteld”.

Teamleider F.G. Maas... aan nieuwe uitdaging toe


Toen Frans Groeneweg bezig was om de borden en stukken voor de wedstrijd neer te leggen zag hij tot zijn verbijstering dat er nog 4 (vier!!) notatiebiljetten waren. Als de bestuursleden zelf notatieboekjes gebruiken en als anderen niet melden dat de notatiebiljetten vrijwel op zijn, dan krijg je dit soort problemen. Maar Arnold van der Kammen dacht dat hij thuis (op honderd meter afstand) nog notatiebiljetten had en gelukkig was dit zo.

Mevr. Vreeken
Het team van Maassluis kwam binnen en daarin speelde ook mevrouw Vreeken, die kampioene van Nederland is geweest. Frans ging naar haar toe, stelde zich voor en zei dat hij nog tegen haar had geschaakt. Mevrouw Vreeken keek om zich heen en zei: “Ik denk dat ik zowat tegen iedereen hier wel een keer geschaakt hebt”. F.G. Maas ging ook naar haar toe en zei dat hij in zijn middelbare schooltijd had meegedaan aan een simultaanwedstrijd tegen mevrouw Vreeken.



Er was nog een bekende: Dirk Brijs die altijd meedoet aan onze zomercompetitie.

F.G... openingsspeech
Na de openingsspeech van F.G. Maas werd er geschaakt (Voor de verslagen houden we  de ratings van februari aan). Aan bord 5 speelde Jan Zoorob (1944) met zwart tegen Paul Blok (1429). Zo'n ratingverschil is toch niet normaal. Het zou aardig zijn als Jan een paard voorgaf of in ieder geval twee consumptiebonnen extra. Er was eerst niets te merken van dit ratingverschil: Paul had zijn pionnen op e4 en d4 en zijn stukken daar mooi omheen. Jan was met d6 en g6 flexibel maar wel met minder ruimte. Toen ging Paul in de fout: hij speelde d5 en maakte daarmee veld e5 vrij voor het paard van Jan. Het paard bedreigde de dame en de loper en daarmee ging de loper verloren. Hierna kreeg Jan aanval en toen zijn b-pion dreigde te promoveren was het genoeg (1 – 0).

Jan... het eerste punt


Aan bord twee speelde Alex Kapitonenko met wit tegen Gert Dijkstra (1841). Alex heeft nog geen officiële rating, maar die rating wordt ongetwijfeld veel hoger dan die van Gert. Het zag er na enige tijd vreemd uit: de a-, b- en c-pionnen waren verdwenen. Alex had zijn  centrumpionnen nu op d4, e4 en f4. Gert op d6, e7 en f7. Alex had meer ruimte en zijn stukken werkten mooi samen. Uiteindelijk veroverde Alex via een penning een paard en was het 
(2 – 0).

Alex 2-0...


Aan bord 8 speelde Cees Verhagen (1846) met wit tegen Jan Parre (1410). Weer zo'n ratingverschil. Zijn die luitjes uit Maassluis graag de underdog? Cees ging met de damevleugel pionnen naar voren en Jan speelde e5 en f5. Er werd wat geruild en er ontstond een eindspel waarin beiden een toren, loper, paard en 6 pionnen hadden. Cees staat beter en krijgt een paardvork op koning en toren. Dit materiële voordeel offert Cees later terug waarna de a-pion van Cees niet meer te stoppen is (3 – 0).

Cees... niet meer te stoppen


Theo van Zessen (1812) had zwart aan bord 7 tegen Michael Kroes (1676). Om 10 uur was er pas één stel lichte stukken geruild en stonden de pionnen nog symmetrisch tegen over elkaar. Theo trapte in een paardvork, waarna een eindspel ontstond waarin Theo een toren en 5 pionnen had en Michael loper, paard en 5 pionnen. Maar Theo wist remise te bereiken (3.5 – 0.5)

Theo... remise


David van der Mast (1856) had aan bord zes wit tegen Hans Quak (1526). Ik zeg niets meer over de ratings. David rokeerde lang en Hans rokeerde kort. Beiden startten een koningsaanval door met de pionnen daar naar voren te gaan. David wint dan een licht stuk. Er wordt geruild en er ontstaat een eindspel waarin David een toren en twee lopers heeft en 6 pionnen. Hans heeft toren plus loper en 7 pionnen. Een centrumpion van David zorgt voor de winst (4.5 – 0.5).

David... zorgt voor teamwinst


Aad Juijn (1892) had wit aan bord 4 tegen Dirk Brijs (1651). Er ontstond een nogal geblokkeerde pionnenstelling. Dirk had lang gerokeerd en Aad rokeerde later kort. Uiteindelijk krijgen beiden een half open lijn, maar Aad staat actiever, waardoor hij kan binnenvallen en een pion verovert. De stelling is dan zo dat Dirk opgeeft (5.5 – 0.5).

Aad... wint ook


Aan Bord 3 speelde Freerk Gerkema (1754) met zwart tegen mevrouw Vreeken (1763). Eindelijk een (iets) hogere rating voor Maassluis! In de opening krijgt mevrouw Vreeken meer ruimte, maar geleidelijk slaagt Freerk erin zich te bevrijden. Freerk komt 2 pionnen voor, maar op die vleugel heeft hij 3 zwakke pionnen. Mevrouw Vreeken dreigde met een paardvork de kwaliteit te veroveren, maar vond dit toch gevaarlijk: Freerk zei dat één van die zwakke pionnen dan dreigde door te lopen. Mevrouw Vreeken heeft steeds nieuwe dreigingen. Ineens komt er een afruil en zijn de dreigingen van mevrouw Vreeken weg en staat Freek nog steeds 2 pionnen voor, waaronder een vrijpion op de a-lijn. Freerk brengt die pion naar voren en als die pion dreigt te promoveren geeft mevrouw Vreeken op. (6.5 – 0.5).

Freerk wint van Mevrouw Vreeken...


Aan bord 1 moest Piet Hofstee (1684) met zwart tegen Marcel Bergen (1874) spelen. Piet moest John van Baarle vervangen. Piet werd dus in het diepe gegooid. De opening verliep traag: veel pionzetten en weinig zetten met de stukken. Piet krijgt het loperpaar tegen loper en paard van Marcel. Marcel heeft ook een dubbele c-pion. Uiteindelijk gaat de zwakke d-pion van Piet verloren. Piet verovert de pion terug en door zijn loperpaar staat hij actiever. Later krijgt Marcel een meer gelijke stelling. Beiden hebben dan een toren een loper en vier pionnen. Dan wordt de loper van Piet ingesloten en gaat verloren. Piet spartelt nog tegen maar verliest uiteindelijk. Een prima partij van Piet tegen een tegenstander met een veel hogere rating.

Piet... stand-in voor FM John 


Hiermee won ons eerste team met 6.5 – 1.5 en heeft dit team alle wedstrijden gewonnen. Op naar de eerste klasse.

Verslag/Fotografie: Frans Groeneweg
Ballonnenman: Aad Juijn







Charlois Europoort 5 – HZPS 1  3½ - 4½,  Ronde 6

HZPS1 KAMPIOEN!!!!!

(vlnr) Piet, John, Daniël, Aad, Theo, Alex, Cees, F.G en Jan...


3 invalkrachten...
Vrijdagavond 14 maart was het zover. Op papier waren we al op voorhand de gedoodverfde kampioen van klasse 2C. Met een gemiddelde ELO van 1930 punten (met de aantekening dat Alex nog geen rating heeft, maar ongetwijfeld ruim boven dit gemiddelde moet worden getaxeerd), kun je veilig stellen dat we in potentie een stevig promotieklasse team hebben. Zo’n kampioenschap waarmaken is echter ’n heel ander verhaal. Vanavond stond de “kraker” Charlois Europoort 5 – HZPS 1 op het spreekwoordelijke programma. Doordat wij in de incomplete klasse 2C bivakkeerden, waar SO Rotterdam 4 zich vlak voor de 1e ronde uit terugtrok, en reeds in de 1e ronde al vrij waren, liepen wij tot nu toe gezellig achter de muziek aan te hobbelen. We wonnen wel iedere wedstrijd maar geraakten never op de 1e plek, zeg maar tot en met de 5e ronde in het wiel van Charlois gehangen. Vanavond hadden we dus de kans om vlak voor de finish te demarreren. Teamoverste F.G. Maas werd echter gekweld door ’n aantal afzeggingen, en dat waren ook nog eens niet de minsten. David van der Mast moest werken, Jan Zoorob moest nog bijkomen van zijn maandagpartij tegen Aad Juijn, en Frans Groeneweg is nog herstellende van zijn operatie. FM John van Baarle heeft een behoorlijk griepje te pakken, en besloot mede door de vele afzeggingen uiteindelijk toch dan toch maar mee te spelen (zeldzame jaren ‘50 mentaliteit, Bravo John!). Het 2e presteert dit seizoen ook uitstekend (is al gepromoveerd, en kan óók nog kampioen worden), dus goede reserves genoeg. Topscorer van het 2e Cees Verhagen (5 uit 5), Piet Hofstee (3½ uit 6), en Jan Brand (4 uit 6) durfden de belangrijke invalbeurt wel aan. Dat is dus dat… Dan resteert nog de propaganda machinerie. Oftewel het verslag en de foto’s. De fotografie is sowieso in goede handen bij Elise Juijn, maar ondergetekende was deze keer ook nog eens zo vrijpostig om Elise te vragen om ’n paar aantekeningen of wat steekwoordjes op te schrijven over de gebeurtenissen op de borden, met als uitzondering van die van ondergetekende, want die hoort zelf wel te weten wat er op zijn bord gebeurde… Elise stemde toe.

... helpende handen
U weet waarschijnlijk zelf wel hoe dat gaat met bevallige jonge dames, die wel ’n beetje hulp kunnen gebruiken. De mannelijke helpende handen (m.b.t. het verslag) werden uit alle richtingen toegestoken. Zoals wij dat o.a. van het dierenrijk kennen, is het bij mensen al niet veel anders gesteld. Het “wijfje” zocht zekerheidshalve in dit geval 2 “mannetjes” uit. Natuurlijk niet zomaar “de eerste de beste”mannetjes… Elise’s oude leermeester FM Michel de Wit en Tjerk Tinga de RSB bekerbedwinger van onze FM John van Baarle (remise). Oké… deskundige informanten derhalve… ‘n paar aantekeningen en wat steekwoorden groeiden met deze types al snel uit, tot een hoeveelheid informatie, dat zich nog het best laat vergelijken met iets als… “originele wetenschappelijke verhandelingen waarmee je op je gemakkie een doctorstitel binnen kunt slepen”. U begrijpt dat ik deze dissertatie in een luchtiger en beknopter vorm moest transformeren. Uiteraard ben ik Elise en haar 2 assistenten wel dankbaar voor het naslagwerk dat ik voor mij had liggen tijdens het schrijven van dit verslag, maar toch ook nog even moest controleren in hoeverre het zaakje teveel door ’n Charlois-bril was bezien.

Onze tegenstanders…
Charlois Europoort
klik hier voor toernooi
Charlois Europoort is ’n vereniging met een rijke maar ook succesvolle historie. Verschillende malen kampioen van Nederland geweest. De vereniging is ook wel bekend onder de naam “de oude dame van zuid”. Rotterdam-Zuid, in de media nog weleens oneerbiedig aangeduid als “het afvoerputje van ons land”. Natuurlijk… voor ons als Schiedammers, is alles wat aan de andere kant van de Maas ligt van bedenkelijke signatuur. Schaken kunnen ze er echter wel! Van de 6 extern spelende teams spelen er 3 in de KNSB competitie en 3 komen uit in RSB verband. Het Charlois vlaggenschip komt uit in de 1e klasse KNSB, en staat daar momenteel stijf bovenaan. De bedoeling is dan ook om volgend seizoen in de Meesterklasse uit te gaan komen. Ons 1e team heeft meestal te maken met Charlois Europoort 4. Dit team is meestal in de top van de 1e klasse RSB te vinden, met zo af en toe ’n uitschieter naar de promotieklasse. Door onze onverklaarbare misstap vorig seizoen, moesten we het met ’n jaartje 2e klasse doen. Charlois Europoort 5 dus, deze keer… Mijn ervaring met de mannen van Zuid is prettig te noemen (beide clubs hebben op de websites ’n hyperlink naar elkaar). Gezellige, slimme(?!), humoristische types die vooral gezegend zijn met een gezond gevoel voor rivaliteit. Er is natuurlijk wel sprake van een gecultiveerd “wij” en “jullie” sfeertje, maar dat heeft geen afstand  of scherpte in zich. Zelfs niet nu onze beide teams om het kampioenschap moesten strijden. De beste nummer 2 uit de drie 2e klassen heeft ook recht op promotie. Het is vanuit mijn sympathiegedeelte naar “de oude dame van zuid”dan ook wel wrang te noemen, dat HZPS bij winst, deze promotiekans voor Charlois afschiet. Aan de andere kant zijn we toch ook genereus gebleken, door met 3 invalkrachten op te komen dagen…

Dan gaan we nu over tot het partijengedeelte, en geven we de microfoon aan voorzitter André Osinga… We komen erin bij André’s laatste zinnetje van zijn voorwoord… “dat het een sportieve wedstrijd moge worden, en dat vooral de sterkste zal winnen”…

De jeugd van tegenwoordig…
Onze voorzitter Theo van Zessen (1812) zag aan het witte 7e bord jeugdlid Joris Geene (1754) tegenover zich. De jonkies op Charlois worden “gedrild” door o.a. FM Michel de Wit… Oppassen dus voor Theo. Aanvankelijk gaat het de goede kant uit met Theo, meer ruimte in het centrum, en Joris staat na 12 zetten al vrij gedrukt. Wanneer Theo door gaat drukken wordt zijn pion op d5 zwak, en gaat eraf. Joris komt los en positioneel beter te staan. Theo moet het nu van tactische grappen gaan krijgen, want op stelling ziet het er steeds zorgelijker uit. Joris laat zich niet gek maken, en ziet Theo steeds onnauwkeuriger gaan spelen. De foutjes stapelen zich op en de situatie blijkt onhoudbaar voor wit… Enigszins aangedaan strijkt Theo de vlag.
1-0

Voorzitter Theo... in de narigheid


Au, au, au…
Invalkracht Cees Verhagen (1846) speelde aan het zwarte bord 8. Met 5 uit 5 voor het 2e, en één gewonnen invalbeurt in het 1e, stond Cees fier op de volle 100%. Vanavond moest Cees het opnemen tegen het “tactische wonder” van Charlois Europoort Piet Verheij (1778). Wanneer je als tegenstander Piet niet kent, dan bekruip je tijdens de partij al snel het gevoel van… “what the f*** heb ik nu toch aan mijn fiets hangen”. Piet kent slechts één richting op het schaakbord, en dat is zo snel mogelijk naar de overkant, en dan maar kijken wat je daar allemaal tegen komt. Cees kende Piet kennelijk niet. Tijdens een van de spaarzame onderonsjes gedurende de partijen, fluisterde Cees mij toe… “wat ’n agressief ventje, zeg”. In zijn aanvalsdrift ging Piet echter lelijk in de fout, hij offerde een stuk, maar dat was niet goed. Nu stond Cees een stuk voor. Het eerste punt leek geruisloos op het scorebord te verschijnen. Dan slaat Cees de plank gigantisch mis, wat dan resteert is voor Piet één toren en 4 pionnen, en Cees 2 paarden en 3 pionnen… helaas hopeloos geposteerd. Cees, vol zelfverfoeiing, kon zichzelf wel wat aandoen!
2-0  

Cees onnodig ten onder tegen "agressief ventje" Piet Verheij


Zo… met dit scenario hadden we toch niet echt gerekend. Vrij vroeg op de avond al met 2-0 achter… Teambaas F.G. Maas’ gezicht stond niet op zijn paasbest, ondanks de aanwezigheid van enkele paastakken in de speelzaal. Vooraf gaf F.G. mij nog te kennen met de kleinst mogelijke overwinning al tevreden te zijn. Ja duh… wie niet zou ik zeggen. In ieder geval, zover was het nog lang niet.

Franse slag…
Ondergetekende Aad Juijn (1892) had vlak voor de wedstrijd nog even ’n één op ééntje met Daniël van Loenen, dat ging over Daniël zijn zwarte openingsrepertoire (het gebrek daaraan, eigenlijk). Aad is in tegenstelling tot Daniël, bepaald geen francofiel. De slechte resultaten van Daniël dit seizoen hebben volgens Aad dan ook alles te maken met dat rare Frans. Aad speelde aan het zwarte bord 4 tegen invalkracht Marcel Dirks (1715). Aad is de laatste tijd nogal experimenteel met openingen bezig, en haalde  voor de verandering eens het Siciliaans uit de hoge hoed. Marcel kwam op de proppen met het Rossolimo systeem. 1.e4-c5 2. Pf3-Pc6 3.Lb5 en nu is g6 het geijkte antwoord, maar ik vermijd liever hoofdvarianten, 3… a6 4.LxP bxL  5.0-0-d5 6.exd-cxd 7.d4-e6, en voilá zwart zit met een soort van Franse toestanden opgescheept. Mijn buurman Daniël had de grootste schik kan ik u verzekeren. Mogelijk ingegeven door het belang van beide teams vanavond, en misschien toch ook het ratingverschil, speelde Marcel vrij voorzichtig en (te) voorkomend. Terwijl mijn stelling om een voortvarende aanpak vroeg. Rond zet 15 had zwart een aardig voordeel bereikt. Op de 24e zet begon ik te verdwalen in mijn mogelijkheden. In de schermutselingen die nu ontstonden verzuimde Marcel zijn kans het initiatief te grijpen. Uiteindelijk won ik een pion, en wist met mijn vrijpion Marcel tot overgave te dwingen…
2-1    

Aad... winst
(ondanks Franse toestanden)


De eerste 4 borden...


De Sjonnies… 
Aan bord 1 (wit) en gelukkig maar, FM John van Baarle (2204). Tegenstander John van de Laar (1779) één van de gangmakers en opvallende verschijningen bij Charlois had zich, naar mij werd ingefluisterd, goed voorbereid op onze John. Nu valt zoiets natuurlijk niet mee, want de oude partijen die van John op het internet rondspoken zijn meer als vaak e4 partijen, en wij weten dat John tegenwoordig meer dan alleen e4 opent. In de partij stond onze John al snel lekker actief. Zwart had zijn witveldige loper binnen de keten. De narigheid begon toen zwart om stukverlies te voorkomen, zijn koningsstelling met g5 moest verzwakken. Dit was het moment dat wit een beslissende koningsaanval kon inzetten, hetgeen uiteraard met vaste hand naar winst werd gevoerd. Onderweg naar huis zei John dat andere John best behoorlijk had gespeeld, over zijn eigen aandeel was John minder te spreken. Ik was niet echt scherp, het was geen goede partij… Ach ja… resultaatvoetbal, zullen we maar zeggen.
2-2 

Onze John... met vaste hand naar winst


Nou… dat is al een beter aangezicht dan 2 partijen geleden. Wel moet worden gezegd dat op dit moment op de andere borden de zaken niet of nauwelijks enige duidelijkheid gaven. Zogezegd… het kon op dit moment alle kanten uit…

Brandalarm…
Invalkracht Jan Brand (1631) speelde vanavond aan het witte bord 5. Jan trof het niet echt. Tegenstander Herman van Malde (1808), is de man in vorm. Herman stond en staat nu met 5 uit 5 op plaats 1 in het top 10 klassement van onze klasse. Het is toch wel opmerkelijk hoe goed de Charloisers presteren, want zelfs na deze verliesronde staan er maar liefst 5 van de “oude dames” in dit klassement. Wij moeten genoegen nemen met 2 afgevaardigden, we hebben nog wel één rondje tegoed ten opzichte van Charlois. Zoals gezegd Jan zou dus ’n pittig avondje tegemoet gaan zien. In een Tarrasch van het Damegambiet bleef de situatie lang in evenwicht, je zou zelfs kunnen spreken van een licht wit initiatiefje. Van enig ratingverschil viel weinig te merken. Op een bepaald moment had Jan zelfs de tegenwoordigheid van geest om remise aan te bieden. Herman antwoordde dat zijn teamleider zulks vast niet goed zou vinden. Om minimaal uitzicht op de 2e plaats te hebben moest Charlois gewoon winnen van ons. De partij kabbelde voort, totdat het noodlot toesloeg… Jan gaf pardoes een toren cadeau! Triest voor Jan natuurlijk, die toch een goed partijtje had neergezet… Maar ja… het is all in the game!
3-2   

Jan... toren verblunderd


Pietje precies…
Nadat de 2 andere invalkrachten het helaas niet hadden kunnen bolwerken, was het Piet Hofstee (1684) die de eer van de invalkrachten moest redden. Aan het zwarte 6e bord kreeg Piet te maken met Peter de Joode (1789), een ratingverschil van zo’n slordige 100 punten in het nadeel van Piet. In een opmerkelijk soort van gesloten Siciliaans verdwenen de dames al snel naar de zijlijn. Piet staat licht gedrukt. Met rustig en technisch spel weet Piet zich langzaam maar zeker naar het betere van het spel te wurmen. De witte pionnen op de koningsvleugel staan enigszins verdacht. Wanneer Piet één van de witte pionnen weet buit te maken, gloort er hoop. Piet laat niet meer los, en weet het eindspel vakkundig naar winst om te zetten… Een zeer welkom punt op dat moment! Piet redt de eer van de invalkrachten en wordt door de overige teamspelers bijkans de hemel in geprezen… Vakwerk Piet!
3-3

Piet... vakwerk!


Escapisme…
Onze man uit vorm Daniël van Loenen (1987) speelde aan het witte bord 3. Daniël is er ’n paar jaartjes uit geweest, en zoekt nog steeds naar zijn “oude” niveau. Tegenstander vandaag was Eduard Smits (1708). Volgens de informanten Michel en Tjerk komt Eduard beter uit de opening, het is een soort Grand-Prix opening, maar dan met verwisselde kleuren. Zwart heeft een sterk paard op d4, en de witte koning staat wat kwetsbaar. Toch speelt kennelijk het grote ratingverschil van 300 punten ook ’n woordje mee. Langzaamaan neemt Daniël het roer over. Het middenspel gedeelte is dit seizoen ongetwijfeld het sterkste punt van Daniël. Hetgeen dit seizoen al eerder is gebeurd, gebeurt nu weer. Daniël wikkelt plots af naar een voor hem verloren staand eindspel! Tot afgrijzen van de HZPS gemeenschap… Eduard verzaakt echter, en met het nodige kunst en schwindelwerk weet Daniël het toreneindspel met minuspion remise te houden… Opluchting alom!
3½-3½

Daniël... als enige remise


Met deze stand op het bord, en Alex als laatst bezige speler kon het veroveren van het  kampioenschap eigenlijk niet meer misgaan. Bovendien zou een kleine nederlaag betekenen dat in de laatste ronde tegen Maassluis 1 de kleinst mogelijke overwinning voor ons alsnog het kampioenschap veilig zou stellen. Voor Charlois was de winst natuurlijk zeer belangrijk, in dat geval zouden zij een prima kans hebben om als beste 2e mee te gaan naar de 1e klasse. Maar goed, dan moet dus wel eerst nog even van Alex worden gewonnen!  

Olé, olé, olé… Oleksii…
Aan het zwarte 2e bord speelde onze “aanwinst van het jaar” Alex (Oleksii) Kapitonenko (nog geen rating, tpr 2181). Marcel den Bleker (1950) is op rating verreweg de beste man van dit CE 5, en dat was merkbaar. In een vreemd aandoende Slavische partij werd al vroeg tot grootscheepse ruil overgegaan. De stelling bleef erg lang in balans, met de aantekening dat wit de betere pionnenstructuur had, maar zwart een sterk paard op e4. Het eindspel dat uiteindelijk op het bord kwam was er een van loper (Marcel) tegen paard (Oleksii). U begrijpt dat het een drukte van belang was bij dit laatst overgebleven bord… Hier ging het met name over het lot van Charlois aankomend seizoen. Nog ’n jaartje 2e klasse of wellicht als beste nummer 2 naar de 1e klasse. De druk was groot voor Marcel. Beide heren nog 3 pionnen, en de witte loper van Marcel tegen, hoe kenmerkend, het zwarte paard van Alex. Schaakingewijde FM Michel achtte de remisekansen hoog. Wit moest wel erg nauwkeurig spelen, bovendien sprak de tijd, of beter gezegd het gebrek daaraan, ook een hartig woordje mee. Met ongekende precisie wist Alex Marcel in de problemen te manoeuvreren, met vaste hand en ogenschijnlijk ijskoud van gemoed trok Alex de partij naar zich toe… Een staaltje van ijzer met handen breken. Uitstekend gespeeld Alex!
3½-4½

Alex... MATCHWINNER!


"Oude dame van Zuid"
teleurstelling groot
Uiteraard was de teleurstelling groot bij “de oude dames van zuid”… Immers, door deze nederlaag, en het vrij zijn in de laatste ronde is de kans groot dat Erasmus 2 beslag op 2e plaats gaat leggen. De welgemeende felicitaties van Charlois spelers en enkele aanwezige (KNSB) coryfeeën waren niet van de lucht, John van de Laar zette zich verrassend snel over de teleurstelling heen, en stelde voor dat het “vijandelijke” kampioensteam op een groepsfoto moest (zie het resultaat bovenaan dit artikel), Elise werd in stelling gebracht en John posteerde het resultatenbord naast de kampioen. Tevens stelde John voor om het feestje te completeren met wat drankjes. Wij hebben natuurlijk best wel ’n paar spelers die voor iets dergelijks wel in zijn, maar we hebben er ook ’n paar bij waar je, denk ik, geen drank in moet kiepen, omdat de gevolgen dan volstrekt niet zijn te overzien. Teamleider F.G. Maas bedankte dus vriendelijk voor het voorgestelde feestje, en wees John op het feit, dat de thuisreis nog lang genoeg was, en het bovendien al aardig laat was geworden…

Ik wens vanaf deze plek de overige teams van Charlois Europoort die nog in promotie/degradatie perikelen zijn verwikkeld heel veel succes toe!

De laatste wedstrijd van het eerste, dit seizoen, betreft de thuiswedstrijd op maandag 31 maart tegen Maassluis 1. Hoewel deze wedstrijd voor onze positie volstrekt van generlei waarde is, gaan we natuurlijk weer vol aan de bak, dat blijven we aan onze stand verplicht…

Verslag/Ballonplakkerij: Aad Juijn
Fotografie/Aantekeningen: Elise Juijn
Informanten: FM Michel de Wit/Tjerk Tinga     





HZPS 1 – RSR Ivoren Toren 4  7-1,  Ronde 5

...vanzelf wel bovendrijven
We blijven nu wel steeds alles winnen, maar staan nog steeds niet op de 1e plek in klasse 2C. Oké, wel even tijdelijk, tot zaterdag waarschijnlijk, want dan zal Charlois Europoort 5 zijn wedstrijdje tegen Maassluis 1 wel hebben gewonnen. Dat we niet op de 1e plek staan komt uiteraard doordat in onze poule iedere ronde één team vrij is, en dat waren wij reeds in de 1e ronde. Maar goed, we komen vanzelf wel bovendrijven als we gewoon blijven winnen. Vanavond moest er opgetreden worden tegen RSR Ivoren Toren 4. Vorig seizoen (toen we nog 1e klasse speelden) kregen we nog te maken met RSR Ivoren Toren 3, dat toen kampioen werd, en naar de promotieklasse vertrok. Eén van de zaken die me van de wedstrijd tegen dat team nog scherp voor de geest staat, was het beruchte akkefietje, dat daarna verder door het leven zou gaan als het “bierincident”.  Ik fris uw geheugen even op: in ons oude clublokaal was het de gewoonte dat er om half twaalf luidkeels door het barpersoneel (Herman) werd geroepen… “LAATSTE RONDE!!”, dan moest je echt snel je consumptie(s) halen, want Herman(dad) was na het missen van deze laatste kans onvermurwbaar.

Wij hebben op de club ’n paar drinkebroers, maar RSR Ivoren Toren kent toch zeker óók zijn “liefhebbers” van het “vocht der vergetelheid”. Het was zo, dat destijds één van de dorstige Torenbewoners zijn laatste biertje (voor die avond, tenminste) had weten te bemachtigen. Eén van de minstens zo dorstige stalbewoners (Zwart paardmens) wist op ’n goed getimed moment, en in alle anonimiteit, het biertje van de Torenaar achteloos achterover te keilen. De godvers en nog veel meer van dit soort krachttermen werden luidkeels de ether ingeslingerd, door de arme Torenist. Het slachtoffer bezwoer destijds geen poot meer in deze “tent”te zetten. We zijn nu verhuisd, dus meneer kan weer komen… Afgelopen zomer, tijdens mijn vaste schrijversactiviteiten inzake het PK van de RSB, kwam ik schijnbaar “toevallig” de benadeelde weer eens tegen. Met ’n biertje nu stevig in de hand geklemd, begon hij zijn klaagzang opnieuw over het voorval… Tja, in de Bijbel staat de veelomvattende tekst te lezen: “…en de dorstigen zullen worden gelaafd”, ik ben zoals u inmiddels wel veronderstelt wordt te weten, 13 jaar uitbater van zo’n “Bijbelse oase” geweest, en heb ‘n aantal van dit soort “…oh, ik dacht dat het mijn biertje was” situaties, zien ontaarden in knokpartijen. En “vanzelfsprekend” werd ik door de teamleider van RSR 4 (Leo van Dongen) laat op de avond, aan dit voorval herinnerd (Leo zat destijds op de terugweg met de gedupeerde in de auto, en heeft toen naar eigen zeggen, ongeveer 20 minuten lang een onvervalste en niet mis te verstane tirade over het “voorvalletje” moeten incasseren). Wat hebben we nu geleerd? Teveel drank kan leiden tot probleemgedrag, maar helemaal geen drank, dus kennelijk ook! Dit was afgezien van de nederlaag van 2½-5½ mijn eerst opkomende herinnering aan het RSR van vorig jaar…

Dit seizoen is alles anders, zelfs de speelzaal, en de klasse waarin wij uitkomen (en zelfs de bierprijs). Zo ook het team van RSR. Niemand minder dan de RSB competitieleider Arrian Rutten speelt in dit team, dat onder supervisie van Leo van Dongen staat. Verder wist het RSR team zich gesteund door 2, RSR schaakcoryfeeën . Nathanaël Spaan (2187) en Philip Westerduin (2030) moesten lijdzaam toezien hoe hun idolen langzaamaan onderuit geschoffeld werden. De verwachtingen bij de bezoekers waren vooraf al niet al te hoog gespannen. Enkele spelers gingen er bijvoorbeeld vanuit dat alles boven de 0 pure winst zou zijn. Teamleider Leo van Dongen ging natuurlijk over de opstelling. Hij had het toonbeeld van onverschrokkenheid, en dus het goede voorbeeld kunnen zijn door zich als een “echte vent” op te stellen, en dan wel aan bord 1, natuurlijk! Leo had duidelijk dus geen trek in FM John, en slachtofferde daar Arnold Rijken (1553), een invaller uit het 5e

Dan zullen we nu maar eens aan de partijbesprekingen beginnen, met daarbij de aantekening dat ondergetekende zelf ook aan de bak moest, en dus niet al te veel (bijna niets) heeft meegekregen van de partijen. Net als in voorgaande verslagen beroep ik mij dus voor het leeuwendeel op aantekeningen, mailtjes en mondelinge overdrachten. Verder gebruik ik de meest actuele KNSB Ratinglijst…  

Jetzt Geht's Los!

De meester aan het woord…
Aan het 1e bord (zwart) natuurlijk FM John van Baarle (2204), en zoals gezegd werd invalkracht Arnold Rijken (1553) als geheim wapen opgevoerd. FM John gaf mij na de partij een geschreven samenvatting van het gebeuren mee. We laten de meester zelf aan het woord: In mijn partij tegen Arnold Rijken speelde wit in een gelijke stelling te passief. Arnold overzag een zet van mij, waarna hij de keus had tussen het verlies van zijn pionnen op de damevleugel of dameverlies. Hij koos het laatste…
1-0

FM John ...geen woorden maar daden!


Niet klagen, maar dragen…
Mijn buurman Daniël van Loenen (1987) speelde met zwart aan bord 3. Tegenstander was niemand minder dan RSB competitieleider Arrian Rutten (1736). Daniël heeft niet de gewoonte om zijn partijen toe te lichten, dus zult u het moeten stellen met het halve oog dat ik somtijds op de stelling wierp. Arrian ging nogal op safe, d.w.z. hij koos voor de Franse ruilvariant. Een beetje pretentieloos, maar geef Arrian eens ongelijk (ratingverschil). Daniël rokeerde kort en Arrian lang. Zwart slaagde erin de B-lijn te openen, en dat gaf aanknopingspunten. Zwart offerde ‘n pion (of raakte hem kwijt). Het leek mij dat Arrian zich uitstekend verdedigde, en de zwarte aanval nooit echt een aanval werd. Toen Arrian remise aanbood, ging Daniël gelaten over tot een akkoord… Knappe prestatie natuurlijk van de competitieleider!
1½-½    

Daniël... toch weer 'n halfje!


Ontwikkelingshulp…
David van der Mast mailde mij het volgende verslag:
Aan bord 6 nam David van der Mast (1856) het met wit op tegen Martin Jaspers Focks (1619). In de opening nam Martin gretig alle pionnen aan die David hem aanbood. Na 8 zetten leverde dit Martin 3 extra pionnen op! Desondanks was de stelling "gelijk" volgens Rybka. Wits voordeel was dat zijn stukken zich in rap tempo ontwikkelden (vergelijkbaar met bullit-chess). Hierdoor was het wit die aanviel met diverse dreigingen, en zwart kon enkel verdedigen. Zwart gaf weliswaar 2 pionnen terug maar de koning bleef kwetsbaar opgesteld op de e/f lijn in combinatie met zijn passieve torens en stukken. Dit was doorslaggevend. Na 20 zetten gaf Martin het op.
2½-½    

David... (achtergrond) miniatuurtje


Van horen zeggen…
Theo van Zessen (1812), speelde aan het zwarte bord 7. De tegenstander was Wouter Scheffer (1576). Over het gebeuren vertelde Theo mij na afloop ongeveer het volgende: Vanuit een Konings-Indische verdediging verkreeg Theo al snel het betere spel, dat resulteerde in 2x pionwinst. Nadat zwart ook nog eens de kwaliteit won (Lg7xTa1) brak een fase aan waarin Theo moest opletten. Het middenspel liet zich als lastig omschrijven. Al met al is zwart nooit in gevaar geweest, en kon het punt relatief makkelijk worden geïncasseerd…
3½-½    

Theo...


... slapend naar winst?


Niets is wat het lijkt…
Uw verslaggever, ook wel bekend onder de schuilnaam Aad Juijn (1892) speelde aan het witte bord 4. Aan de andere kant van het bord zat Wijnand Dobbinga (1630). Eigenlijk ging het in de opening al mis met Wijnand, door een verkeerde keus gingen er in rap tempo 2 pionnen vanaf. Er dreigde een "walkover"… maar niets is wat het lijkt. Door dameruil wist Wijnand de druk van de ketel te halen. Er resteerde een gewonnen staand eindspel voor wit, maar gezien de slechte samenwerking van de witte stukken werd de winst nog een hele klus. De witte overwinning kwam weliswaar niet meer in gevaar, maar een "walkover" werd tijdig door Wijnand voorkomen!
4½-½

Aad (met sjaal)... geen "walkover" wel 1-0


De teamoverwinning was nu een feit, dit tot groot genoegen van onze teamleider F.G. Maas. F.G. houdt van ordentelijkheid en duidelijkheid, deze eigenschappen zorgen ervoor dat wij als spelers tot het uiterste worden gedreven. Door onze muurvaste opstelling, weet iedereen waar die aan toe is, inclusief onze tegenstanders. Zo kunnen onze tegenstanders met akelige precisie uitzoeken tegen wie ze willen. Volgens de zwart-wit filosofie van F.G. is dit geen enkel probleem, want we gaan uit van onze eigen kracht, en de tegenstander zoekt het verder maar uit! Bovendien zou F.G. ervoor tekenen dat iedere wedstrijd met 4½-3½ wordt gewonnen… Tja, breng daar maar eens wat tegenin.

F.G. Maas... zwart-wit redenatie?


Подолати...    
Aan bord 2 (wit) speelde onze ratingloze crack uit de Oekraïne Oleksii (Alex) Kapitonenko. Teamleider Leo van Dongen (1768) moet gedacht hebben “ik ga tegen dat type zonder rating”, niet zo gek natuurlijk, want misschien heeft Alex 1100 of zoiets ratingpunten, je weet maar nooit. Over deze partij tast ik voor het overgrote deel in het duister. Alex komt nooit van zijn bord, voordat de partij klaar is, en bovendien kent mijn Oekraïense taalbeheersing nogal wat hiaten. Leo vertelde mij dat hij een stuk had geofferd voor frivool spel. Die enkele keer dat ik even ’n blik op de stelling wierp (geen Fanta) zag ik dat Alex een toren op de 7e rij had weten te krijgen. Welingelichte kringen wisten mij te melden, dat daaruit een beslissende aanval voortvloeide, Leo heeft zich echter zeer dapper verweerd!
5½-½

Alex (r)... toren op 7e rij 1-0


Invaller van invaller…  
Aan bord 8 (wit) speelt normaliter Frans Groeneweg. Frans heeft dit seizoen belangrijker “dingen” aan zijn hoofd. Invaller zou de superster uit het 2e team worden Cees Verhagen, helaas was Cees ziek geworden en moest dus verstek laten gaan. Op het laatste moment werd Freerk Gerkema (1754) uit zijn tuigje getrokken. Emilian de Kievit (1574) werd zijn tegenstander. Ook over deze partij is de  informatie summier. Ik heb na afloop van deze partij nog wel de analyse meegekregen. In deze analyse stond Freerk een stuk voor. Het werd mij al snel duidelijk dat dit een wild west analyse betrof. Het evenwicht in de partij is nooit echt verbroken geweest, was het commentaar van Freerk. Remise was een logische uitslag vonden beide combattanten.
6-1  

Freerk... het andere halfje!


Lekker lang, lang lekker…
Jan Zoorob (1944) speelde aan het zwarte bord 5, en mailde mij het volgende essay: Ik had zwart tegen Arend Bongers (1759). Mijn aandacht was er in het begin niet helemaal bij, zodat ik zet 3 en 4 van zwart verwisselde. Dit resulteerde in een andere stelling dan ik gewend was en moest genoegen nemen met een iets mindere stelling. Ik verzuimde vervolgens om de a-pion op te schuiven, wat mij ongeveer gelijk spel zou opleveren. Arend kreeg een gedekt paard (zo heet dat nu eenmaal) op b5 en ik richtte mijn aandacht op de voorbereidingen voor de opmars e5-e4. Ik meende dat wit middels 29. g2-g4 mijn koningsvleugel kon ontregelen, maar bij analyse thuis bleek dat een misvatting. Blijft de vraag of ik de zwarte voortzetting (een pionoffer waarna zwart een ruime + had) achter het bord had gevonden. Op zet 30 kon wit wel g4 spelen, doch dat gebeurde niet. Na 32. ..;h4 verkreeg zwart eindelijk voordeel wat niet meer verdween. De zwarte paarden konden op de koningsstelling wits stelling onder druk zetten nog steeds ter voorbereiding van e4.Wit kon thans niet meer dan afwachtende zetten spelen en zwarts koning wandelde eerst naar d7 om de pion op d6 te dekken. Op zet 43 kon eindelijk de lang voorbereidde zwarte opmars middels e4 plaatsvinden. Ik sloeg op zet 45 met de f-pion terug op e4 wat een voor wit lastige zwarte vrijpion betekende die vervolgens naar e2 marcheerde. Zwart had nu groot voordeel en Arend was gedwongen de kwaliteit te geven voor mijn paard en pion e2. Na nog enkele zetten met nog 4 minuten op de klok gaf Arend op. Toch een moeizame zwarte overwinning door het tegenspel van Arend.
7-1

Jan... moeizaam naar winst


"oude dame van zuid"...
Na de moeizame seizoenstart tegen Erasmus 2 (3-5 winst) is de stroefheid (altijd met nieuwe dingen) er vanaf. De ene monsterscore na de andere dient zich aan. Prettig natuurlijk dat het nu soepeltjes loopt, want in de volgende ronde gaan we op vrijdag 14 maart op bezoek bij “de oude dame” van zuid. Charlois Europoort 5 om wat preciezer te zijn. Dit team blijft ons hardnekkig volgen (2 matchpunten minder). Bij winst op Charlois zijn we plots kampioen, dan doet onze laatste ronde wedstrijd tegen Maassluis1 er niet meer toe. Ik stel voor om nog even goed gefocust aan de klus tegen Charlois te verschijnen…

Verslag: Aad Juijn
Fotografie: Elise Juijn 



Hoeksche Waard 2 – HZPS 1  1-7,  Ronde 4

Op donderdagavond 9 januari stond de verre uitwedstrijd naar Hoeksche Waard 2 op de agenda, in het dorp Numansdorp, dat overigens na de fusie in 1984 met het dorp Klaaswaal, de gemeente Cromstrijen vormt. En dit verklaart meteen waarom de thuishaven sporthal “Cromstrijen” heet. Dan weet u dat ook weer… Het team van de Hoeksche Waard 2 heeft na 4 ronden (inclusief deze dus) slechts 6 bordpunten weten te bemachtigen, en is dus duidelijk een paar kilootjes te licht voor de 2e klasse. Teamleider F.G. Maas moest 2 invallers optrommelen, Frans Groeneweg heeft momenteel andere prioriteiten aan het hoofd, en FM John van Baarle strijdt op dit moment in Duitsland (Oberstdorf-Tiefenbach) om de Alpenpokal mee naar Schiedam te nemen (klik hier om John te volgen). De stand-ins voor beide heren: Piet Hofstee en Andries Schukking. Wanneer vaste fotograaf en speler Frans G. niet meegaat is het Elise Juijn die deze taak op zich neemt, maar wanneer deze dan óók verhinderd is…

...bliksempoeder
Teamleider F.G. Maas heb ik nog nooit met een fototoestel gezien, als hij al over ’n fototoestel beschikt. Ik kan u niet precies uitleggen waarom, maar mijn gedachten dwalen onwillekeurig steeds af in de richting van een zgn. plate camera, en als dit zo is, dan is het bepaald geen sinecure om zo’n gevaarte mee te nemen, bovendien kan het voor de belichting benodigde “bliksempoeder” voor brandgevaarlijke situaties zorgen. David van der Mast bood uitkomst met zijn geavanceerde camera. Een andersoortig probleempje is de totstandkoming van dit verslag. Ondergetekende had wedstrijdleider extern/fotograaf David toegezegd dit voor zijn rekening te nemen, normaalgesproken wil ik mij voor deze taak graag in de partijen verdiepen, om zodoende te voorkomen dat u “baarlijke nonsens” (sorry John, maar zo heet zoiets nu eenmaal) voorgeschoteld krijgt. Aangezien ik zelf ook aan de bak moest (en dat duurde potdorie langer dan gehoopt) heb ik van vele partijen (haast allemaal) geen of weinig indrukken meegekregen. Een paar spelers brieften mij na afloop beknopt over hun geesteskindjes, van enkele anderen kreeg ik de partijnotaties mee, en weer anderen stuurden ’n mailtje met daarin een eigen verklaring van hun geestesproduct. Bij de notoire “geheimschuivers” (zij die om onduidelijke redenen “hermetisch” gesloten zijn over hun “pareltje”) ging ik tijdens mijn eigen partij wél even poolshoogte nemen (je leert je pappenheimers natuurlijk wel kennen). Om kort te gaan, het partijengedeelte van het verslag kan hier en daar afwijken van mijn eigen, enigszins hyperbolische schrijfstijl, dit omdat ik de toegestuurde mailtjes stomweg kopieer en plak...

De reis verliep naar mijn idee voor alle spelers en de teamleider voorspoedig, d.w.z. ik hoorde daarover geen bijzonderheden. De stemming van de HZPS’ers was uitstekend te noemen, hier en daar zelfs wat manisch misschien, maar wanneer je deel uitmaakt van zo’n sterk team, blaas je vanzelf wat op. Deze “opgeblazen” attitude is op zich een verademing te noemen. Bij enkele van onze tegenstanders hing een atmosfeer van “het zal wel weer niks worden, maar omdat het moet gaan we het maar proberen”… Dit gevoel is mij overigens niet geheel onbekend, immers, was ik vorig seizoen geen teamleider van ons 2e?

Schaakspel
blinden en slechtzienden
Dan rest mij nog het partijgedeelte. Oleksii Kapitonenko speelde vanavond ’n partij met een extra handicap. Hoeksche Waard speler Louis van Duuren is zeer slechtziend tot bijna blind, en speelt daaruit voortvloeiend met een blindenbordje naast het speelbord. De zetten van Louis moeten dan door de tegenstander op het speelbord worden uitgevoerd. Door de mogelijke overlast dat een en ander kan geven aan de belendende borden, is gekozen voor een apart staande tafel in de hoek van de speelruimte… U kunt zich misschien voor beide spelers voorstellen wat deze handicap in tijdnood kan betekenen… Louis die haast niets ziet en Oleksii die zowel de witte als zwarte stukken moet zetten…

Hoe verliepen de “potjes” schaak? O ja, nog even dit: om het de zogenaamde ongewenste  “pottenkijkers” van toekomstige tegenstanders niet al te gemakkelijk te maken, ga ik vanzelfsprekend niet in op de gespeelde openingen J

Een voorzichtig beginnetje…       
Aan het 7e witte bord speelde Theo van Zessen (1826) tegen Ries Wiltenburg (1483). Het ratingverschil bedraagt 343 punten… De opening verliep voor Theo binnen de gebaande paden, en een prettig ruimtevoordeel werd zijn deel. Op de damevleugel zocht Ries zijn heil. Theo bouwde daar aan ’n valstrik die de zwarte dame moest vangen. Het snode plan van Theo slaagde, de zwarte dame beet toe en werd ingesloten. Kennelijk had Ries toch verder gekeken, het materiaal dat hij voor de dame wist terug te krijgen was eigenlijk meer dan aanzienlijk. Beiden spelers vertrouwden het zaakje niet en besloten tot remise…’n voorzichtig beginnetje van de match derhalve.
½-½

Theo remise...

              
Toch nog ‘n opening prijsgegeven…
Aan bord 5 speelde Jan Zoorob (1918) en Jan had 331 ratingpunten meer dan zijn tegenstander. Jan  mailde mij het volgende:
Ik had wit tegen Piet Bervoets. Piet (1587) vertelde mij na afloop dat hij dit seizoen slechts 3 partijen had gespeeld: geen wedstrijdritme als gevolg. Zwart speelde Owens Defence. Op zet 8 koos Piet een weliswaar voor de hand liggende zet, maar het zadelde zwart toch met problemen op.
Wit won al snel een pion, terwijl zwart zijn stukken niet (goed) kon ontwikkelen. Dit leidde tot een door wit uitgevoerde combinatie die een stuk opleverde, waarna zwart opgaf.
Piet en ik hebben daarna aan de bar nog wat gekeuveld over schaken en andere zaken.
½-1½

Jan...geen openingsgeheimen


Stand in…(1)
Invalkracht en teamleider van het 2e Andries Schukking (1645) speelde aan het zwarte bord 8. Dirk van Vuuren (1456) was de tegenstander. In wat ik als ’n typische Andries opening zou willen noemen, stelden beide heren de rokade ’n poosje uit. Toen Andries op de 13e zet besloot kort te rokeren, stelde Dirk daar meteen de lange rokade tegenover. Inmiddels was er nog niets van het bord af, dat gebeurde pas op de 15e zet. Deze slagenwisseling pakte meteen desastreus uit voor Dirk, kleinigheidje overzien lijkt me. De witte koning op b1, de witte dame op e4, en zwart de mogelijkheid om de loper naar f5 te spelen, zogezegd ’n nogal vervelende penning voor de witte dame. De rest was  “zelfs” voor Andries de gebruikelijke “peanuts”…
½-2½

Andries...voortreffelijke stand in!


Mooier kunnen we het niet maken!
Aan het zwarte bord 6 vinden we David van der Mast (1847) tegen Nico van Vliet (1630). David mailde mij het volgende: In de opening speelde wit een gambiet. Dit gambiet leverde sowieso David voordeel op. Op de 7de zet offerde wit een volle loper en kreeg hier enkel zijn pion voor terug. Hierna werd en nog wel 23 zetten verder gespeeld. Maar zwart handhaafde het voordeel waarna Nico opgaf. De tekst komt vrij zakelijk en summier over, waarschijnlijk vandaar dat David de volgende toevoeging onder het mailtje zette: Excuus ik kan er niks mooiers van maken J
½-3½

David...mooier kunnen we het niet maken!


Stand in…(2)
Let's dance!!
Teamleider F.G. M. houdt niet van tactische opstellingen. Invallers spelen gewoon aan de borden waar het gat is gevallen. In het geval van Piet Hofstee (1657) betekende dit het thuisbord van FM John van Baarle (2202), en dat is dus het (witte) bord 1. Tegenstander Kees van ’t Land (1588) zag zich geconfronteerd met ’n opmerkelijke opening 1.Pc3 en 2.Pf3…Volgens Piet heet zoiets de white knights' tango, wanneer zwart zoiets met zijn paarden doet is het vanzelfsprekend de black knights’tango. Ik heb het fenomeen op internet opgezocht… en raadt eens… het bestaat nog echt ook! Oké dus, let’s the music play, een tango met Piet. Na ‘n voorzichtig begin, volgt rond de 11e zet een flinke slagenwisseling. Rond de 21e zet resteert een 4-toren  eindspel met voor beide heren 7 pionnen, de tango is geruisloos overgegaan in een Weense wals... Wanneer er één torenstel is geruild en zwart te fanatiek op winst blijft spelen, slaat Piet geruisloos toe door de zwarte losse pionnen te innen.       
½-4½

Piet!!!


Voor de sceptici onder ons: hiermee was de teamoverwinning veilig gesteld, en was bij de overige 3 zwoegers de “druk” van de ketel. Teamleider F.G. M. kon ook weer lachen, en in ontspannen sfeer werd vrolijk verder geploeterd, door de bordnummers 2,3 en 4.

Werken als een (zwart) paard…(1)
Daniël van Loenen (2006) kreeg het vanavond niet gratis aan het witte bord 3. Tegenstander Cees van den Berg (1619) had kak aan de cijfertjes, die bij benadering toch 400 punten in het voordeel van Daniël uitwezen. Daniël was mijn directe buurman, kon ik mooi zijn “geschuif” in de peiling houden, ten gunste van dit verslag. Een rustige opzet, met wat wit ruimtevoordeel. Cees zocht spel op de damevleugel. Daniël regelde een breed centrum, dat gestaag richting de overkant dreigde op te schuiven. Laat op de avond werd het nog echt spannend ook! Op het moment dat Daniël een stuk voor kwam, kreeg Cees gevaarlijke kansen, die met de nodige kalmte door Daniël werden opgevangen en uiteindelijk geneutraliseerd…’n avondje zwoegen werd beloond!
½-5½

Daniël "schuift" zich naar de winst...


Werken als een (zwart) paard…(2)
Ondergetekende beter bekend als Aad Juijn (1924) speelde aan het witte bord 4. Tegenstander Ronald Möhrke (1595) kwam een kwartiertje te laat. De tegenstander van Daniël probeerde mij gerust te stellen, en merkte op: Ronald komt altijd te laat, maar maak je geen zorgen, want hij is ook altijd als eerste klaar! Dat klonk wel goed in mijn oren, per slot van rekening zou ik het verslag schrijven. Bovendien had Ronald 329 ratingpuntjes minder tot zijn beschikking…nee, dat zou wel goed komen, als eerste klaar en dan lekker op ’t verslag focussen. In een van mijn lijfopeningen speelde Ronald onbeschaamd op nivellering, d.w.z. dameruil. Geen verkeerde strategie wanneer je de underdog bent. Na heel veel strategisch geschuifel, miste Ronald nota bene nog een aardige kans op voordeel (kwam ik thuis achter). Na heel veel gepiel en 34 zetten later kwam ik dan toch uiteindelijk een inmiddels los geweekt pionnetje voor. Hiermee was de zaak nog niet geslecht, na veel gemanoeuvreer en touwtrekkerij op de vierkante millimeter wist ik op de 66e (!) zet nog een pion binnen te halen, Ronald liet het zich helemaal bewijzen (ik zat in ernstige tijdnood). Met voor mij nog 43 seconden op de klok ging Ronald mat. Een verschrikkelijke bevalling…dit geesteskindje!
½-6½

Aad...veel gepiel, en "lekker" laat klaar...


Werken als een (zwart) paard…(3)
Het eerste halfje aan het begin van de avond, en het laatste halfje aan het eind. Aan het zwarte bord 2 zat in een hoekje van de zaal weggefrommeld Alex (Oleksii) Kapitonenko (nog geen rating). Tegenstander was de al eerder aangehaalde Louis van Duuren (1817). Louis had een zogenaamd “blindenbordje” naast zijn speelbord staan. Alex moest de zetten van Louis op het speelbord uitvoeren. Louis is op rating de sterkste speler van H.W. 2, en heeft inclusief deze partij steeds remise gespeeld, een zeer knappe prestatie gezien zijn handicap. Alex is één van onze sterkste spelers! De partij ging redelijk gelijk op. Dit spelbeeld handhaafde zich gedurende de gehele avond, het kwam mij zelfs voor, dat Alex het laatste deel van de partij wat minder stond, en moest knokken voor remise. In de tijdnoodfase werd tot remise overgegaan, en ik had het idee dat dit ook wel te maken had met het voor beide kanten zetten van de stukken, waar Alex mee “opgezadeld” zat…
1-7  

Alex...partij met extra handicap


Al met al ’n raar avondje, immers zo gemakkelijk als de uitslag doet vermoeden, ging het alleszins. Verrassend is wel te constateren, dat de 2 invalkrachten (aan de borden van de verhinderden) gewoon wisten te winnen, en zo kunnen wij concluderen dat het resultaat niet hoger zou zijn uitgevallen met Frans en FM John erbij!

Hoe zit het verder met de kampioensaspiraties?
In onze rare poule, waar steeds een team per ronde vrij is, geeft de ranglijst wat vertekening. Wij staan nu 3e, maar hebben wel als enige team de volle 100% aan matchpunten binnengehaald. De competitieleider geeft de voorkeur aan het laten prevaleren van bordpunten, i.p.v. matchpunten. Het andere team dat na 3 ronden nog 100% had was RSR Ivoren Toren 4, echter zij verloren in de 4e ronde van Charlois Europoort 5! De 2 concurrenten (op papier) treffen wij in de volgende 2 ronden, te beginnen met RSR Ivoren Toren 4 (10 februari, thuis). Ik zou zeggen: iedereen weer even op scherp, dan kan er niet zoveel misgaan!

Verslag/Ballonnetjes: Aad Juijn
Fotografie: David van der Mast    

  




               HZPS 1 – Ridderkerk 1  6-2  RSB Klasse 2, Ronde 3

Aad "keukenprins"...
Het verslag is deze keer ’n allegaartje, waar ikzelf ’n soepje van diende te koken. Nu is kokkerellen niet echt mijn hobby, maar ik kan het wel (hoewel mijn kinderen daar dan weer anders over denken). Onze gezinsideologie is dusdanig georganiseerd dat ik de “keukenprins” ben…zeg maar naar het model van het jaren '50 rollenpatroon, maar dan precies omgekeerd. Mijn vrouw werkt en ik ben het “huissloofje”…De emancipatie is dus bij ons erg goed gelukt. Mocht uw vrouw nu al meteen geïnteresseerd zijn geraakt in een dergelijk concept, dan kan zij zich telefonisch (E-mail kan natuurlijk ook) in verbinding stellen met mijn vrouw (telefoonnummer en E-mailadres zijn bekend bij de redactie). Wat het allegaartje betreft rond de verslaggeving: Frans Groeneweg en Aad Juijn (ondergetekende) hebben vorig seizoen de afspraak gemaakt dat degene die het eerst klaar is met zijn partij het verslag schrijft…Frans was er vanavond niet, en dat gaf al meer duidelijkheid dus. Mijn partij was pas rond kwart voor elf klaar, en dan heb je toch aardig wat gemist.

...kleine behuizing?
Eerdere seizoenen liep ik al vroeg in de avond langs de borden en sloeg een en ander op in mijn hoofd (ruimte zat…zou mijn jongste zoon zeggen). Onze teamleider “Godfather” F.G.Maas…stak een stokje voor deze praktijken, onder het motto van geconcentreerd aan je partij enz…Toch ben ik helaas niet het type dat aan zijn bord gekluisterd kan blijven, dan ga ik ’n sjekkie roken en wanneer ik terugkom, loop ik toch even langs de borden om toch even “stiekem” zoveel als mogelijk op te slaan. En ik rook op zo’n avond best wel ’n paar sjekkies. Sinds vanavond heb ik ontdekt (aan den lijve ondervonden) dat in ons nieuwe clubgebouw(tje) geluk en ongeluksgetallen bestaan. Wanneer je in een vliegtuig zit, dan zit men graag bij het raam, in onze nieuwe speellokaliteit is dat nu precies niet wat je wil. We spelen met 4 mensen aan één (krappe) tafel (2 van ons en 2 van de tegenpartij), de 4 bijbehorende stoelen zijn luxe en riant, maar wel te groot voor deze tafels. De even bordnummers (ongeluksgetallen) zitten bij het raam (ik had 4), de geluksgetallen (oneven) aan het gangpad. De rugleuning van je stoel staat pal tegen de rugleuning van je achterbuurman zijn stoel. U kunt zich een voorstelling maken, neem ik aan. Waar ik in mijn hoofd dan nog ruimte genoeg mag hebben, is mijn positie aan de tafel te vergelijken met de situatie van de welbekende sardientjes in hun veel te kleine behuizing. Het gevoel geen ruimte te hebben werkt kennelijk ook nog door in je partij (daar ontdekte ik toch ook wat ruimtenadeel), bovendien is het heel erg vervelend om je naaste buurman (Daniël van Loenen in mijn geval) om de 10 minuten te storen…Ik heb het tweemaal toch moeten doen (de eerste keer om iets te drinken voor mijn tegenstander te halen, je wilt per slot van rekening toch ook niet als een gier overkomen, en de tweede keer om een natte broek te voorkomen). Bij zo’n interruptie moet je buurman opstaan en zijn stoel op het gangpad schuiven…en dan weer opnieuw herinstalleren. Dit is dan natuurlijk van korte duur, want je komt ook weer terug, en dan begint het ritueel van voren af aan. Mijn noodkreet aan het bestuur is dan ook dringend…zet dit issue voor de volgende bestuursvergadering op de agenda, en kijk of er bij RSB wedstrijden andere tafel indelingen mogelijk zijn…

Ik heb dus hoegenaamd zeer weinig van de partijen meegekregen, en onze nieuwe wedstrijdleider extern heeft na de wedstrijd de spelers verzocht een mailtje naar ondergetekende te sturen met daarin een beknopt partijverslagje. Het aangeleverde materiaal liep qua stijl behoorlijk uit elkaar, en het is wel eens aardig de spelers zoveel mogelijk te citeren…

Rest nog te zeggen dat teamleider F.G. Maas een beroep moest doen op 2 invalkrachten, Frans Groeneweg en Theo van Zessen moesten verstek laten gaan. Cees Verhagen en Freerk Gerkema waren de “stand ins”.

Teamleider F.G. Maas...(wel ruimte)


Zoals gewend gaan we in chronologische volgorde langs de borden:

Alexander “the Great”…
Aan het 2e (witte) bord, speelde Alex (Oleksii) Kapitonenko (nog geen rating) tegen Tuvshin Boldoo (1758)…Alex was al snel klaar en evenzo snel weg. Later in de week mailde Alex mij het volgende berichtje: De tegenstander liet het centrum in de openingsfase aan wit, hopend op het later vernietigen van de pionnen, maar het is probleemloos gelukt om het centrum te behouden. Hoewel zwart het een lange tijd lukte om de centrale velden, die in het bezit van wit waren, te verwaarlozen, deed zwart toch een kansloze poging aan te vallen. Helaas voor zwart wist ik via het centrum de vijandelijke linies toch te doorbreken. Dat leidde tot een spoedige en gemakkelijke winst… John zat naast Alex en wist nog te melden dat in rap tempo de koning van Tuvshin omsingeld was door witte stukken en dat kennelijk niet overleefd had. Het zal iets van kwart over negen zijn geweest, dat Alex huiswaarts keerde. 1-0

Alex...komen, zien, overwinnen en weer gaan!


Johnnie “be good”…
FM John van Baarle (2202) speelde aan bord 1 (zwart) tegen oud RSB voorzitter Teun Koorevaar (1741). Teun vertrouwde mij voor de wedstrijd toe, er van uit te gaan dat het 8-0 (HZPS, zo objectief was Teun wel) zou gaan worden. John vatte het als volgt samen. De eerste die won was Alex Kapitonenko. De eerste keer dat ik een blik op zijn stelling wierp stond hij overwegend. Daarna werd ik door mijn tegenstander Bobo Teun Koorevaar een tijdlang onder vuur genomen, die zijn openingszetten á tempo op het bord uitvoerde. Toen ik een half uur later, na enigszins bijgekomen te zijn, wederom op het bord keek van Alex zag ik dat deze zijn stukken om de zwarte koning had heen gebouwd. Hij ging weg op een tijdstip dat normaal gesproken alleen Ben Riksen de zaal verlaat.
Het snelle spelen heeft ook zijn nadelen, want Teun verloor een pion en nadat ik nog een tweede en derde pion  had gewonnen,  gaf hij de partij al mompelend - ik heb er een rotzooi van gemaakt - op. 2-0

Voormalig schaakcoryfee FM John van Baarle vs
voormalig schaakbobo Teun Koorevaar...


…van ’n leien dakje
Aan het zwarte bord 5 speelde Jan Zoorob (1918) tegen Frans Frishert (1675)…Jan stuurde ’n uurtje nadat ik thuis was het volgende berichtje: Ik had zwart aan bord 5 tegen Frans Frishert. Een rustige opbouw van de opening.  Met zet 9 ging de partij mijn kant uit; wit ruilde af op d7 waarna zwart een ontwikkelingsvoorsprong verkreeg. De zestiende zet van wit (Lg5) deed de witte stelling geen goed; ik kon met tempowinst de stelling verbeteren (f6). Na de 18e zet van wit (Kf1) speelde ik de zet die Deep Houdini aangaf: 18. ..;Pc4 en verkreeg beslissend voordeel (ruim +2 voor zwart). De volgende zet van Frans (19. b3) versnelde de gang van zaken; wit verloor een stuk. Het stuk kon ik behouden, maar ik verkoos het terug te geven voor 2 pionnen. Zet 28 van wit deed de partij gelijk beslissen: ik zou een stuk winnen en Frans gaf op, waarna we nog wat analyseerden en vluggerden. 3-0

Jan...3-0


Van dik hout…
Onze nieuwe wedstrijdleider extern David van der Mast (1847) speelde met wit aan bord 6. Tegenstander was Peter de Weerdt (1404). Het ratingverschil was meer dan behoorlijk. David mailde het volgende: David van der Mast (1847) nam het met de witte stukken op tegen Peter Weerdt (1404). Maar liefst een verschil van 443 punten… Voor en tijdens de partij was David zich niet bewust van dit behoorlijke ratingverschil. In de opening speelde wit een gambiet.
Peter nam beide pionnen aan waardoor wit de mogelijkheid kreeg om razend snel zijn stukken te ontwikkelen. Op de 15e zet won David zijn pionnen terug met een overweldigende aanval. Zwart besloot om zijn dame te offeren voor een paard en een toren. Ook dit mocht niet baten omdat de koning van zwart bloot stond aan schaakmogelijkheden. Het gevolg was dat de koning uit de vertrouwde stelling werd gejaagd hetgeen spoedig tot mat leidde. 4-0

David...van dik hout...


Met de schrik vrij?
Zelf speelde ik aan het witte bord 4 (Aad Juijn 1924), tegenstander Frank van Manen (1737) bediende zich van het Siciliaans. Zoals eerder aangegeven, was ik al ingesnoerd voordat de partij goed en wel begon. De partij zelf kende een strategisch karakter, Frank zocht spel op de damevleugel, en zelf probeerde ik een koningsaanval van de grond te krijgen. Frank voorkwam met de zet f5 eigenlijk dat wit concreet op de koningsvleugel kon worden. Laveren en positie verbeteren voerden de boventoon. Geleidelijk aan verdwenen de stukken van het bord. Het eindspel van 4 torens, 7 pionnen ieder en voor zwart een paard, terwijl wit met een (mindere) loper opgezadeld zat, stond beter voor Frank. Mijn goed getimede remiseaanbod werd echter door Frank vrijwel meteen geaccepteerd, naderhand bleek Frank toch enige spijt te hebben van zijn enigszins gemakzuchtige acceptatie.
4½-½   

Aad (r) en Daniël...kn(e)usjes naast elkaar...


Deze remise betekende in ieder geval de teamoverwinning, maar zo mogen wij natuurlijk niet denken met het grote ELO surplus…HZPS bracht een bordgemiddelde van 1933 (in de promotieklasse zouden we als derde geplaatst zijn met deze rating), terwijl Ridderkerk het met 1653 punten moest zien bol te werken. Wat gebeurde er verder?

Ontspanning door inspanning??
Cees (z)...
wit dacht nog te winnen!
Bord 7 (zwart) werd bezet door Cees Verhagen (1830). Albert Scholte (1654) was hier de tegenstander. Cees mailde mij het volgende commentaar: Nou daar gaat ie dan...maak er maar wat van. Behoorlijk gespannen begon ik aan de partij (is niet niks HZPS 1 !!). Een soort Ben-Oni maar wel een hele slechte voor zwart. Waarom heb ik iedere keer het gevoel na een zet of wat, dat ik de opening die op het bord staat nooit meer wil spelen!? Zwart stond aardig gedrukt en met hangen en wurgen kwam die een beetje los en kon zowaar wat spel regelen. De zwarte dame kon de stelling binnen dringen en wat dreigingen creëren. Wits stukken stonden toch iets minder actief dan ik dacht. Won een pion met een klein trucje, kon alle stukken afruilen. Wat wil je nog meer? Toch was het pionnen eindspel nog even leuk/spannend. Wit dacht nog te winnen (diagram misschien?? Beter dan een foto Aad!!!).  Wit speelt 1) g4, hxg4.  2) hxg4, Kf6.  3) Kg2, e3.  4) Kf3, e4 schaak.  5) Ke2, Ke5.  0-1. Oké, Cees heeft zijn diagram, maar zijn foto lekker ook! Oordeelt u zelf…
5½-½

Cees...fotogeniek?!


Wie schrijft, die blijft…
Aan bord 8 (wit) onze sterschrijver Freerk Gerkema (1803) tegen Jelle van den Berg (1524). Freerk doet niet aan computers, en dus schreef Freerk direct na zijn partij even snel een half A-4tje vol, waarvan hier acte: Het was een heel erg boeiende partij. In een opening met 1.d4-Pf6 2.Pf3-d5 3.e3-Lg4 wist Freerk een pion te winnen, waarvan je altijd af kan vragen of die niet giftig was, want zijn koning stond in het midden en er waren gaten in de stelling, allemaal het gevolg dat Freerk aan de pion bleef hangen. Hij moest dan ook de nodige probleemzetten doen om te voorkomen dat de dame van zijn opponent de stelling binnendrong. Het liep allemaal goed en uiteindelijk ontstond een stelling waarvan iedereen zei dat Freerk gewonnen stond (als dat zo was), maar Freerk wist dat hij toe was aan zijn tegenwoordig gebruikelijke black-out, en omdat de stand toch al 5½-½ stond bood hij remise aan. Menigeen keek vertwijfeld maar Freerk hield dit keer rekening met zijn ouderdomsbeperkingen. De laatste paar keer dat hij dit niet deed leidde tot desastreuze resultaten. Maar misschien had Freerk teveel compassie en die had hij ook voor Aad want die moet het de volgende dag allemaal uittypen…6-1

Freerk...compassie!


NEE!!
Mijn directe buurman Daniël van Loenen (2006), speelde aan het zwarte bord 3 tegen Bas Kuijper (1734). Daniël was als laatste klaar, en op de vraag (2x) van David of hij een verslagje wilde schrijven en doormailen naar Aad, was Daniël vrij duidelijk…NEE!!  Het is natuurlijk niet al te geinig wanneer je als enige een nul voor je kanis krijgt, en daarna nog helemaal naar je huis in Den Haag moet (fietsen?). Gelukkig zat ikzelf noodgedwongen met mijn neus boven op Daniël zijn partij. Bas begon al vroeg moeilijk te doen op de koningsvleugel, waardoor Daniël zijn korte rokade voor het gemak seponeerde. De zwarte koning begon een wandeltocht naar de damevleugel, en Daniël ging langs de h-lijn zelf tot maatregelen over tegen de witte koning. Het leek er allemaal sterk op dat Daniël als overwinnaar uit de strijd te voorschijn zou komen. Bas vond een fraaie uitweg…Daniël had op dit moment kunnen kiezen om Bas een eeuwig schaakmechanisme in handen te geven, Daniël wilde echter meer. Nu ontstond een toreneindspel met voor ieder 5 pionnen, ik heb het slot niet meegekregen, maar Daniël verloor het wel! Eindstand 6-2

Daniël...NEE!!


...op koers
Tja…voor Teun Koorevaar viel de schade dus alleszins mee, en voor HZPS lijkt ieder afgestaan halfje wel ’n geestelijke aanranding te zijn. We varen nog steeds op koers, en ik zie geen reden tot bezorgdheid. Voorlopig gaan we op reces en in 2014 gaan we pas weer verder. Dat gaat op donderdag 9 januari de uitwedstrijd tegen Hoeksche Waard 2 worden. Hoeksche Waard 2 heeft de laagst gemiddelde rating (1597) van onze klasse, maar goed ik wil verder niemand onder druk zetten!


Verslag: Aad Juijn (met dank aan de teamspelers)
Fotografie: Elise Juijn       


   







ERASMUS 2   -   HZP SCHIEDAM 1

Veel hogere rating,
dan de tegenstander...
Op maandag 4 november had ons eerste team een uitwedstrijd tegen Erasmus-2. Teamleider was F.G. Maas en Elise Juijn ging mee om te chaufferen, aan te moedigen en om mooie foto's te maken. Onze verwachtingen waren hoog gespannen, want ons team was versterkt met Alex Kapitonenko, Daniël van Loenen en Jan Zoorob en dit in combinatie met FM John van Baarle en samen met de rest van ons team moest dit leiden tot een grote overwinning en promotie aan het eind van het seizoen. Inderdaad had iedere speler van ons een hogere en soms veel hogere rating dan de tegenstander.

Aad en John...voor de wedstrijd


Aan bord 2 speelde Alex Kapitonenko (geschatte ELO rating 2000) met zwart tegen Ruurd Ouwehand (ELO rating per november 1798). Alex vertelde dat eerst de dames geruild werden. Er ontstond een open lijn en toen werden een loper plus een paard geruild voor een toren plus twee pionnen. Als gevolg van deze ruil kreeg Alex een vrijpion. Die pion promoveerde en daarmee was het al om 21.30 uur  0 - 1.

Alex...goede voorbeeld


Aan bord 8 had Frans Groeneweg (1785) zwart tegen Henry Pijpers (1712). Beiden rokeerden kort. Henry kreeg de dame en twee torens op de e-lijn. Daarna ging de dame naar de h-lijn. Maar Henry overwoog dat doorzetten erg riskant was, want Frans kreeg dan grote tegenkansen. Er werd geruild tot beiden alleen twee torens en 6 pionnen hadden. Remise werd overeengekomen. Fritz vond dat het evenwicht nergens was verbroken (0.5 - 1.5).  Aan Frans nu de taak om de rest van de partijen te volgen en het verslag te maken.

Frans tegen oud-lid Henry...


Het gelijk van Frans...


Op bord 4 speelde Aad Juijn (1924) met zwart tegen Gilles Donze (1759). Gilles kreeg initiatief en een steeds sterkere aanval: de dame en 2 toren op de e-lijn, een pion op e6 en lopers op b3 en c3. De dreigingen werden te veel en Aad moest opgeven.  Aad zei dat er een remisekans was geweest maar hij had één zet overzien (1.5 - 1.5).

Aad...oops, niet gezien...


Theo van Zessen (1826) had aan bord 7 wit tegen Emiel Verhoef (1694). Het bleef een vol bord met nauwelijks aanknopingspunten voor een aanval. In totaal werden twee stel lichte stukken geruild. Geen van beiden had een dreiging en remise werd overeengekomen
(2 - 2).

Theo...remise


Alex...kritische toeschouwer


Aan het eerste bord was het ratingverschil erg groot: John van Baarle (2202) had wit tegen Jaap van Meerkerk (1684). Om 22.00 uur had John overal dreigingen: via de a-lijn, via de zevende rij en op pion f6 vlak bij de koning. John veroverde een paard en kreeg daarna een mataanval die niet te stoppen was (2 - 3).

John wint (natuurlijk) weer...


John..."vroeger was alles beter"...


Toen we binnenkwamen dachten we aan een grote overwinning. Maar op dit moment zouden we gezien de stand aan de overige borden al blij zijn met een 3.5 - 4.5 overwinning!!!

Sfeerplaatje 1...


Sfeerplaatje 2...


Aan bord 3 had Daniël van Loenen (2006) wit tegen Arie de Jong (1760). Daniël zei met een grote grijns tegen Frans dat het een Engelse opening was. Daniël wist dat Frans dit ook altijd speelt (1. c4) en Frans krijgt daar vaak goedmoedig commentaar op. Maar als Daniël dit ook speelt dan kan Frans het commentaar voortaan met een gerust hart naast zich neer leggen. Het middenspel zag er remiseachtig uit: de pionnen stonden precies tegenover elkaar en het was onduidelijk hoe er iets bereikt moest worden, ook al had Daniël wat initiatief. Toen offerde Arie zeer moedig zijn paard voor twee vrijpionnen. Arie dacht dat die verbonden vrijpionnen sterk konden worden. Maar Daniël veroverde één van die pionnen en toen gaf Arie direct op (2 - 4).

Daniël...1. c4?! (je moet het maar durven)


Aan bord 6 had David van der Mast (1847) zwart tegen Jan van Hoek van Dijke (1736). David had kort gerokeerd. Jan begon een koningsaanval. David had meer ruimte in het centrum maar kon daar niet veel mee. De aanval van Jan werd steeds sterker en David kon alleen maar verdedigen. Op het hoogtepunt van de koningsaanval maakte Jan het prachtig af door zijn toren op h7 te offeren en mat volgde (3 - 4).

David...verloren!


Aan bord 5 had Jan Zoorob (1918) wit tegen Frits Steenbergen (1807). Er werd een eindspel bereikt waarin Jan een loper, een paard en 5 pionnen had en Frits alleen een paard en 6 pionnen. Jan besloot zijn paard te offeren voor 3 pionnen, maar daarna verloor Jan een pion. De situatie was nu dat Jan een loper en 4 pionnen had en Frits een paard en drie pionnen. Het bleef moeizaam manoeuvreren. Jan kreeg een vrijpion en slaagde erin het paard op te sluiten met zijn loper. Jan zou het paard veroveren en Frits gaf op.

Jan...het beslissende 5e punt!


Hiermee wonnen we met 3 - 5. Hoezo grote overwinning?? Teamleider F.G. Maas formuleerde het duidelijk: "Voor de poorten van de hel".  We hebben inderdaad de hoogste gemiddelde rating in onze klasse, maar de overwinning moet nog steeds bevochten worden!!

Een teamleider is ook maar 'n mens...


...die zijn verwachtingen, soms bij moet stellen.


Verslag: Frans Groeneweg
Fotografie: Elise Juijn
Storyboard (ballonnenblazer): Aad Juijn





Een reactie posten