zondag 24 augustus 2014

Team 2 2013/2014


RSB seizoen 2013/2014, Team 2




Evaluatie Team 2…

Het moment van schrijven is zaterdagochtend 29 maart en ik zit met een kop koffie en een beschuitje komijnekaas naarstig te wachten op nieuws over hetgeen zich de avond er voor heeft afgespeeld in Brielle. Is Moerkapelle 2 er in geslaagd het kampioenschap te veroveren? Of zijn wij toch bovenaan gebleven? Even had ik gisteren nog overwogen er naar toe te rijden om zelf gade te slaan hoe Ruud Bosch en zijn houten paarden het er af zouden brengen tegen onze rivalen, maar de wijsheid won het van de passie en ik bleef toch maar thuis.


Zowel de RSB site als die van Moerkapelle zwijgen vooralsnog in alle talen, hetgeen de twijfel alleen maar doet toenemen. Als je kampioen bent geworden schreeuw je dat toch direct van alle daken? Of zijn wij verwend geraakt met een webmaster die vrijwel real-time verslag doet van alle uitslagen en doet de rest van de schaakwereld het gewoon nog wat rustiger aan? Hoe dan ook, de uitslag laat nog op zich wachten wat betekent dat ik tijd heb om een evaluatie te schrijven.

Nadat het tweede team vorig jaar op het nippertje ontsnapte aan een tweede degradatie op rij was het begin dit jaar hoog tijd voor wat versterking. Gelukkig kon het eerste team afgelopen zomer een paar sterke spelers aantrekken, waardoor een paar spelers van wat mindere garnituur (waaronder ondergetekende) hun biezen mochten pakken en zich bij het tweede mochten melden. Daar moet je dan mentaal wel even overheen stappen, het ene jaar speel je nog eerste klasse met het eerste, het jaar daarop mag je in de derde klasse je kunstje vertonen. Totaal overmoedig en in de volste overtuiging dat de derde klasse een eitje zou worden, besloot ik wel even het teamleiderschap er bij te kunnen doen. Dat viel in de praktijk toch wel tegen, de voorbereiding voor elke wedstrijd was geen probleem, maar tijdens de wedstrijd ook de andere partijen nog bijhouden en spelers coachen was vaak moeilijk te verenigen. De oplossing was om deze taak tijdens de wedstrijd zoveel mogelijk te delegeren, diverse mensen hebben zich gedurende het seizoen voor dit karretje laten spannen en het is dan ook mijn plicht hen hier als eerste in het zonnetje te zetten: David, Frans, Aad en Frans, allen heel erg bedankt voor de geboden hulp.

Het tweede begon dus “new and improved” aan het nieuwe seizoen, maar het was alleszins onduidelijk wat nu precies een reële doelstelling was voor dit team. Jan Brand vroeg mij kort na de eerste wedstrijd wat nu precies mijn insteek was: Gingen we voor het kampioenschap? Of moesten we al blij zijn met lijfsbehoud? Zelf wist ik het ook niet zeker, het tweede was verbeterd maar mistte naar mijn mening nog de kwaliteit en de mentaliteit die nodig was om mee te kunnen doen voor de prijzen. Ook was het onduidelijk hoe het zat met de beschikbaarheid van de spelers. De eerste wedstrijd was wat dat betreft geen goed voorteken geweest: Twee spelers meldden zich af en alhoewel Nick Wiegman en Ron van Vuuren zich onmiddellijk bereid toonden in te vallen, betekende dit toch een verzwakking die we ons tegen andere tegenstanders niet zouden kunnen veroorloven. Mijn antwoord aan Jan was dan ook even simpel als pragmatisch: We gingen volop voor het kampioenschap zolang de verliespunten niet anders dicteerden.

Maar toen kwam er opeens een konijn uit de hoge hoed zetten: Cees Verhagen meldde zich aan als nieuw lid en dat veranderde de vooruitzichten aanzienlijk. Cees is een sterke speler die op basis van rating en ervaring normaal gesproken in het eerste thuis hoort. Maar de teams stonden al vast bij de RSB dus meer dan een rol als invaller bij het eerste zat er voor hem niet in. Dat betekende echter wel dat hij volledig beschikbaar was voor het tweede, waardoor dat niet alleen behoorlijk versterkt werd maar vooral ook iedere wedstrijd over negen vaste spelers kon beschikken i.p.v. de gebruikelijke acht. Zo was ik plotseling in de luxepositie beland dat ik iedere wedstrijd een speler teveel had zolang zich geen afmeldingen voordeden. Opeens waren daarmee de meeste problemen voor mij als teamleider opgelost en was ik er veel meer gerust op iedere wedstrijd met een representatief team te kunnen verschijnen. Alleen de mentale gesteldheid van de verschillende spelers was nog een probleem: Sommige spelers leden aan faalangst en onzekerheid, anderen juist aan overmoed. Een bijzonder voordelige loting bracht hier uitkomst: Doordat we de sterkste tegenstanders pas in de laatste speelrondes zouden ontmoeten, was het in de eerste helft van het seizoen makkelijk scoren en kon het team zelfvertrouwen opdoen en zo groeien in de rol van favoriet.

Dan de spelers zelf, ik zal ze kort één voor één behandelen alvorens ze collectief de hemel in te prijzen:

Freerk...
Freerk Gerkema was al voor mijn aanstelling als teamleider benoemt als eerste bordspeler en op basis van zijn rating en ervaring had hij daar ook het volste recht op. Wie ben ik dan om daar aan te willen sleutelen, dus heeft Freerk dit seizoen de meeste wedstrijden op bord één gespeeld. Toch was hij daar niet zo goed op zijn plaats: Freerk is een speler die een onhoudbare positie tegen een sterkere tegenstander remise kan houden en dat is zeker een waardevolle kwaliteit. Maar een eerste bord speler moet in mijn visie juist de aanval kiezen en het team op sleeptouw nemen. Je bent dan niet voor niets de hoogst geplaatste speler, van jou wordt verwacht dat je het verschil maakt. Freerk mist een dergelijke killer-mentaliteit en heeft tegen zwakkere tegenstanders vaak moeite een winstplan te verzinnen. Wel lukte het hem om vrijwel alle partijen minstens remise te houden, maar over het algemeen wel tegen zwakkere tegenstanders. Dat heeft zich vertaald in een middelmatige 50% score van 3,5 uit 7.

Freerk, ik heb je er volgend jaar graag weer bij! Maar zie dan voor jou meer een rol weggelegd als libero dan als spits.

Piet...
Piet Hofstee begon het seizoen op het derde bord om al snel promotie te maken naar het tweede bord en uiteindelijk zelfs op het eerste te belanden waar hij zijn hoogtepunt beleefde met een bijzonder mooie overwinning op de Gerard van der Wouden van de IJssel in de laatste ronde. Piet begon het seizoen sterk met 3 uit 3 om daarna een terugval te maken met drie partijen die eigenlijk alle drie verloren hadden moeten gaan. Dieptepunt was de zwakke partij thuis tegen WSV3 waar Piet een snelle kans op winst liet liggen en daarna totaal verloren kwam te staan tegen een veel zwakkere tegenstander. Piet toonde echter zijn kwaliteit en vasthoudendheid door deze partij bijzonder fraai remise te houden met een dolle toren. Met een 64% score van 4,5 uit 7 was Piet van grote waarde voor het team en solliciteert daarmee openlijk naar een vaste positie op het eerste bord.

Piet, je enthousiasme (of fanatisme) kent geen grenzen.

Cees...
Cees Verhagen is de sterspeler van dit team en heeft, zoals ik in de inleiding al schreef, alleen met zijn aanwezigheid al een grote bijdrage geleverd aan het succes. Daar bovenop komt nog eens de 92% score van 5,5 uit 6 waarbij je alleen in de laatste partij een halfje moest weggeven. Ik had Cees met veel plezier op het eerste bord willen zetten, maar dat was al bezet en hij gaf zelf aan liever aan een lager bord te spelen, daarom speelde Cees afwisselend op bord 3 en 4.

Cees, ik vrees dat ik je komend seizoen moet inleveren bij het eerste, maar zou graag zien dat je blijft.

Elise...
Elise Juijn is de stille kracht achter dit team gebleken. Tevreden met een rol in de middenmoot op borden vier en vijf en zelfs een enkele keer op bord zes harkte zij op een degelijke en vertrouwenwekkende manier een 80% score van 4 uit 5 bij elkaar. Elise is het type speler dat, als je haar een beetje uit de wind houdt, een zekerheidje vormt voor de teamleider en dat is altijd heel prettig. Bij haar geen vuurwerk maar ook zeker geen blunders en wel een hoge score.

Elise, bedankt! Het is erg fijn jou in het team te hebben.

Jan...
Jan Brand heeft dit seizoen na een slechtere periode de weg terug omhoog gevonden. In de luwte van de lagere borden kon hij zich een paar kleine misstapjes veroorloven en wist zijn partijen vrijwel altijd tot een goed einde te brengen, waarbij hij meer dan eens het winnende punt scoorde. Een enkele keer verslikte hij zich door een gebrek aan zelfvertrouwen, maar als hij zo door gaat komt ook dat vanzelf weer terug. Met een 64% score van 4,5 uit 7 heeft hij het prima gedaan.

Jan, goed gedaan en graag tot volgend seizoen.

Gerard...
Gerard Turkenburg is de eeuwige wederhelft van Jan. Goede vrienden op en buiten de club en zo ook in de scores. Met eveneens een 64% score van 4,5 uit 7 geldt voor hem hetzelfde als Jan: Over het algemeen goed gespeeld met een paar kleine uitschieters naar beneden. Bij Gerard zit het met het  zelfvertrouwen echter wel goed en tot een paar rondes voor het einde was hij zelfs brutaal de hoogst geplaatste HZP speler in het individuele klassement van onze klasse.

Gerard, goed gedaan en graag tot volgend seizoen.

Arnold...
Arnold van der Kammen heb ik dit seizoen als een soort kop van Jut gebruikt. Weliswaar altijd in overleg heeft hij het meermalen op een te hoog bord tegen een te sterke tegenstander op moeten nemen. Daarbij ontbreekt het Arnold nooit aan bravoure maar nog wel aan finesse. Om Arnold af te rekenen op zijn 40% score van 2 uit 5 zou dan ook niet fair zijn. Liever wijs ik op zijn rol in de cruciale wedstrijd tegen onze rivalen van Moerkapelle 2: Vooraf stond wel zo ongeveer vast dat de uitkomst van deze strijd onze promotiekansen zou bepalen en werkelijk ieder half puntje telde, wat ook wel blijkt uit de uiteindelijke score van 4 tegen 4. Arnold nam met veel enthousiasme de onmogelijke taak op zich het ratingkanon van Moerkapelle, Boudewijn Weijermars, te bedwingen. Alhoewel dit, zoals verwacht, onmogelijk bleek, stelde het Freerk in staat om tegen een andere tegenstander een half puntje te pakken en daarmee onze promotiekansen veilig te stellen.

Arnold, heel erg bedankt voor je onbaatzuchtige inzet!

F.G. Maas speelde slechts twee partijen en wist daarin een 75% score van 1,5 te halen. Dat F.G. niet meer speelde ligt niet aan een gebrek aan inzet, maar juist aan zijn zelfverloochening. Toen Cees het team kwam versterken hadden we per partij een speler teveel en F.G. bood geheel onbaatzuchtig aan tijdens een aantal partijen plaats te maken voor Cees. Verder liep hij de kantjes er bepaald niet af: Door bij te dragen als vervangend teamleider, chauffeur, supporter en HZPS bobo volgde hij het team op de voet en droeg zo de nodige steentjes bij aan het succes.

F.G., mijn dank is zeer groot.

Dan de invallers, er zijn gedurende het seizoen nogal wat huurlingen ingezet en ik wil niet nalaten ook hun prestaties te benoemen.

Ron van Vuuren zei direct ja toen ik hem vroeg in te vallen tegen Messemaker 5, helaas zei zijn auto nee en leverde het niet meer dan goede bedoelingen op. Toch heel erg bedankt, Ron! En ik hoop nog eens een beroep op je te mogen doen.

Nick Wiegman haastte zich eveneens naar Gouda voor de wedstrijd tegen Messemaker. Zijn inzet mocht helaas niet baten, maar wordt desalniettemin bijzonder gewaardeerd.

Diego Kaersenhout viel in tegen 3-torens. F.G. was afwezig en ik meende mij een avontuurtje te kunnen veroorloven door deze gretige, maar onervaren, jeugdspeler op te stellen. Mijn vertrouwen werd nimmer beschaamd en Diego speelde een prima partij waarna hij het punt voor HZP mocht bijschrijven. Zo tevreden was ik, dat ik hem in de laatste ronde nogmaals verzocht in te vallen, zij het deze maal op het allerlaatste moment. Helaas stond een toets latijn deze deelname in de weg, blijkbaar weet Diego, dan wel zijn ouders, prima waar zijn prioriteiten liggen. Diego bedankte voor deze keer, en terecht: “Impossibilium nulla obligatio est”.

Hans Schrumpf stond iedere thuiswedstrijd te popelen om in te vallen maar door de komst van Cees en het daarmee samenhangende spelersoverschot was het team thuis juist meestal compleet. Uiteindelijk mocht Hans in de voorlaatste ronde toch nog laten zien wat hij waard was, wat hij met verve deed door zijn tegenstander kansloos te laten en de partij zeer vlot te winnen. Goed gedaan, Hans!

Eric Emor liet zich in de laatste ronde, in weerwil tot zijn tegenzin en tegen beter weten in, verleiden om toch nog éénmalig het shirt met het zwarte paard aan te trekken. Alhoewel zijn deelname geen succes opleverde, waardeer ik hem toch enorm dat hij het probeerde op het moment dat de club hem nodig had. En zo deelt Eric op de valreep toch nog volop mee in de glorie van een team dat net geen kampioen werd, maar wel promoveerde nadat het vorig jaar nog op het nippertje degradatie ontliep.

Net geen kampioen? 
Inderdaad! Op het moment dat ik dit schrijven afmaak is het inmiddels zondagavond en het is alweer een dag lang duidelijk dat we het kampioenschap op een haar na gemist hebben. En dat heeft dan weer een zekere poëtische rechtvaardigheid in zich: Een team dat vorig jaar op een half bordpuntje na net niet degradeerde werd nu op een half bordpuntje na geen kampioen. Gelukkig staan we niet met lege handen: Ook de tweede plaats geeft recht op promotie en laten we eerlijk zijn, dat is wel even belangrijker dan een blikken bekertje. Vanaf september begint iedereen weer aan het nieuwe seizoen en zijn we allemaal vergeten wie er het vorig jaar ook alweer kampioen geworden was. In plaats daarvan zullen we keihard aan de bak moeten om te bewijzen dat de degradatie van het tweede team, twee jaar terug naar de derde klasse, een foutje was en dat ons team zich niet alleen in de tweede klasse kan handhaven, maar ook daar zo snel mogelijk kan meedoen voor de prijzen.

Het ziet er naar uit dat ons eerste team grootse plannen heeft, en mocht het daar in slagen dan is het onze taak er voor te zorgen dat het tweede team in de pas blijft lopen, zodat het het eerste kan ondersteunen door goede invallers te leveren, die gewend zijn op niveau te spelen en die die druk aankunnen.

Ik zelf...
Tenslotte is er nog één speler die ik niet genoemd heb, en dat ben ik zelf. Ik zal mij niet uitlaten over mijn functioneren als teamleider, want dat is aan anderen om te bepalen, maar over mijn spel heb ik slechts van één ding grote spijt: Ik had moeten winnen van Ruud Bosch van HHP uit Brielle. Ik stond een stuk voor en had ik die partij tot een goed einde gebracht, dan hadden we nu een bordpunt meer en waren we kampioen geweest. Aan de andere kant: Als ik later tegen Moerkapelle niet met de moed der wanhoop had doorgespeeld en een punt had gepakt, dan was het kampioenschap anderhalve maand geleden al verkeken geweest en waren we een stuk minder gerust begonnen aan de eindstrijd tegen de IJssel 2, met alle mogelijke gevolgen van dien. Dus waarschijnlijk mag ik uiteindelijk niet klagen.

Aan alle leden die dit seizoen hebben bijgedragen aan dit team: Gefeliciteerd! De behaalde promotie is van ons allen en ik zie u graag volgend seizoen terug voor een nieuwe ronde. En dan begint onze missie pas echt!

Andries Schukking
Teamleider HZPS 2



De IJssel 2 – HZPS 2  3½-4½  (Klasse 3B, Ronde 7)

Kampioenschap = 0-8!
Het 2e team heeft de laatste wedstrijd erop zitten en is dus voor dit seizoen uitgespeeld. Het gestelde doel dat vooraf toch wel verwacht mocht worden van dit team, namelijk promotie (terug) naar de 2e klasse van de RSB is waargemaakt. Naast de 3 kampioenen van de 3e klassen promoveren dit jaar, door de versterkte promotie degradatie regeling, de nummers 2 uit diezelfde 3 klassen mee. Die 2e plek hadden we in de vorige ronde al veilig gesteld. Deze laatste ronde wedstrijd kon alvast een voorschot op de hoofdprijs ( het kampioenschap) worden bewerkstelligd. De opdracht luidde dan… winnen, en wel met zo groot mogelijke cijfers (0-8 betekende het kampioenschap). Immers, we stonden slechts een half bordpuntje voor op de nummer 2 Moerkapelle 2. Aanstaande vrijdagavond (28 maart) gaat Moerkapelle 2 op bezoek bij HHP 1 te Brielle. Wanneer Moerkapelle met 3-5 weet te winnen, staan we gelijk in matchpunten en bordpunten. Moerkapellenaar Kevin Bakker kwam maandagavond ’n kijkje nemen in Moordrecht, en vertelde mij dat bij zo’n gelijke stand Moerkapelle aan het langste eind zou trekken i.v.m. de toepassing van de zogenaamde Sonnenborn-Berger score. Dus m.a.w. HHP moet 3½ bordpunt zien te scoren, dan zijn wij kampioen. Goed, dat gaan we vrijdag dus pas weten…

Andries "effetjes" invaller regelen
De wedstrijd tegen de IJssel 2 was me ’r ook eentje zeg. Captain Andries Schukking had nogal wat te organiseren. Op de speeldag kreeg Andries ’n ziekmelding van Elise Juijn. Oké “effetjes” een invaller regelen. Verschillende kandidaten gebeld… sommigen onbereikbaar, ’n enkeling studieredenen, en ook “geen trek in” passeerden de revue. Teneinde raad dan maar eens Eric Emor proberen… Eric heeft al 261 x aangegeven (bij ondergetekende, tevens vorig teamleider) niet extern te willen spelen (en al zeker geen uitwedstrijden), dit om onnodige stress te voorkomen. Het schijnt dat Andries ongeveer een halfuur huilend en smekend op zijn knieën bij Eric voor de deur heeft gelegen. Wat daar verder is bekokstoofd en hoever Andries uiteindelijk is moeten gaan om Eric te overtuigen is mij, helaas voor u, verder niet bekend. Feit is wel dat Eric ‘s avonds keurig aan bord 5 zat, in speellokaal “de Zespunt” te Moordrecht. Een andersoortig probleempje was het maken van het verslag, dat u nu zit te lezen, en de fotografie.  Ondergetekende zou sowieso als supporter van het 2e team meereizen met speelster en dochter Elise. Elise maakt zo goed als altijd de foto’s, en Pa Juijn als hij meegaat de verslagen. Nu dochter Elise niet lekker was, viel er meteen een auto weg, en daarbij de fotografe. Teamleider van het 1e F.G. Maas bood uitkomst. Wedstrijdleider extern David van der Mast wilde in zijn hoedanigheid als “official” namens het bestuur ook mee om te supporteren. Het was wel zo dat F.G. Maas het allemaal niet zou redden om vanaf de aftrap aanwezig te zijn. De afspraak was dat ondergetekende en David om 21.00u bij ons clublokaal door F.G. opgepikt zouden worden. Met teamcaptain Andries was afgesproken dat hijzelf de foto’s zou maken en de eerste partijgebeurtenissen aan het papier zou toevertrouwen totdat Aad zou arriveren…

Aad en David... vlak voor vertrek naar Moordrecht


Andries... "helaas geen verslagen"
Dat liep enigszins anders. Om ongeveer kwart voor tien arriveerde het driemanschap. Andries kwam zich meteen bij ondergetekende verontschuldigen, en dat ging ongeveer zo… “Helaas heb ik geen verslagen, want ik kon er geen touw aan vast knopen waar de spelers mee bezig waren, bovendien had ik het al lastig genoeg met mijn eigen partij”. Dit betekent voor u, waarde lezer, dat ik de meeste partijbesprekingen er pas in laat komen rond ongeveer de 20e zet… Dan nog de foto’s… het mailtje van Andries de andere dag op mijn vraag of er nog foto’s waren gemaakt liet aan duidelijkheid niet te wensen over. Ik citeer Andries: “Tsja, dat is helaas een beetje misgegaan. Ik had zoveel tijd verknoeid om een invaller te vinden dat ik vervolgens met iets te grote haast nog mijn dochter van de bso moest halen en een kleinigheidje eten. Gevolg is dat ik in de gauwigheid mijn camera thuis heb laten liggen. Toen ik er vervolgens tijdens het spelen aan dacht dat ik nog foto's moest maken bleek mijn telefoon ook nog eens leeg te zijn, en ik wilde de andere spelers niet lastigvallen. Ik had toen bedacht dat ik het David ging vragen zou gauw jullie er waren, maar dat ben ik in alle hectiek op en rond de borden dus straal vergeten. Dus sorry, nee, geen foto's”... Hieruit kunt u meteen opmaken dat ik het verslag deze keer op zal moeten luisteren met archieffoto’s. Tot zover het organisatorische gedeelte… Dan gaan we nu over tot de partijbespreking.  Ik gebruik in dit verslag de meest actuele ratings (KNSB lijst februari).

Nog net op tijd…
… kwam ik aan om getuige te zijn van de paar laatste zetten van de partij aan het zwarte bord 4. Onze topscorer Cees Verhagen (1846) die tot nu toe goed was voor de volle 100% (5 uit 5), was tegen Leen Boonstra (1614) in een eindspel verzeild geraakt van 4 torens, en voor beide spelers een zwartveldige loper en ’n vijftal pionnen. Cees vertelde mij dat Leen nogal op ruil had gespeeld, en logischerwijs op remise probeerde aan te sturen. Gezien het ratingverschil en de 100% score (van Cees) is de prestatie van Leen uitstekend te noemen, want Cees zag geen heil meer in verder spelen, en ging akkoord met het vredesvoorstel.
½-½

Cees... halfje afgestaan


Het goede voorbeeld!
Teamoverste Andries Schukking (1656) had zich zoals al gezegd minder met randzaken bezig gehouden (fotografie, verslag) en dat wierp vruchten af aan het zwarte 2e bord. Invalkracht Aad van der Meer (1493) had de moeilijke taak om Andries te tackelen. Bij deze partij kwam ik er pas in bij de 25e zet. Er resteerde een toreneindspel, en voor beiden 6 pionnen. Een eindspel met behoorlijke remisetendensen. Zoals zo vaak worden dit soort eindspelen gewonnen door degene met de hoogste rating. Aad bood remise aan… Andries speelde door, en met het nodige duw en trekwerk ging Aad door zijn as. Andries won een pionnetje en de rest speelde vanzelf… Een zwaar bevochten punt derhalve!
½-1½

Succescoach... Andries

      
Autonomiteit…
Aan bord 1 (wit) speelde deze keer Piet Hofstee (1684). Voorzitter Gerard van der Wouden (1732) was de tegenstander. Piet was als enige speler op het idee gekomen zelf een verslag te schrijven, ik citeer: Aanvankelijk kreeg wit voordeel in de opening. De dames werden geruild. Daarna werd het voordeel weer ingeleverd. Zwart kreeg het initiatief, maar wit was realistisch, vereenvoudigde. Zwart wilde iets teveel, beging in het latere eindspel enige onnauwkeurigheden. Op de 33e zet brak na een offer de c-pion door naar promotieveld c8. Waar een nieuwe dame wacht. Zwart gaf voortijdig op. De partij was uit het slop.
½-2½

Piet... fraaie winstpartij


Deze tussenstand doet misschien riant aan, en stemt mogelijk tot optimisme. Enkele blikken op de andere borden lieten toch ruimte voor enig gevoel van onbehagen…

Brandveiligheid…
Aan bord 6 (zwart) speelde Jan Brand (1631) tegen Sjaak in ’t Veld (1603). Jan trok uiteraard zijn Hollandse Stonewall op. Ten tijde van onze aankomst was ook hier veel gebeurd. De dames en de paarden waren verdwenen. Voor beide spelers nog 7 pionnen en de torens en lopers dus. Met zoveel pionnen op het bord werden de paarden node gemist. Een lastig geschuif was gaande, Jan vroeg mij remise te mogen voorstellen. Om de een of andere duistere reden sloeg Sjaak het aanbod af. Een paar zetten later bood Sjaak zelf dan toch maar remise aan, er was stomweg geen doorkomen aan.
1-3

Jan... Hollandse degelijkheid


Heintje Davids…
Invalkracht Eric Emor (1768) die al vele, maar dan ook héél vele malen aangaf, nu écht voor de láátste keer mee te spelen (RSB verband) maakte zijn (zoveelste) comeback, deze keer aan het witte bord 5. Tegenstander van Eric was Menno van Dijk (1577). Het was op de 21e zet toen ik een eerste blik op de stelling kon werpen. Menno had zojuist met een stukoffer de witte koningsstelling aan gort geholpen. Het offer leek me weerlegbaar. Eric vond de juiste zettenreeks niet. Eric verzeilde uiteindelijk in een hopeloos toren + paard eindspel, met daarbij 3 pionnetjes minder. Een schier hopeloze operatie, die dan ook snel gestaakt werd door Eric…
2-3

Eric verliest één na laatste wedstrijd


Gerkemania…
Voor de broodnodige variatie speelde Freerk Gerkema (1754) vanavond eens niet aan bord 1. Deze keer was bord 3 (wit) de plaats van handeling. Tegenstander was Rien Duine (1657). De tussenbalans, toen ik arriveerde, kon als volgt worden opgemaakt: beide heren waren nog in het bezit van de dames, torens, lopers, en een paard, bovendien konden daar nog een vijftal pionnen bij worden opgeteld. De stelling was ongeveer in evenwicht, hoewel de witte opstelling mijn voorkeur genoot. De partij kwam eigenlijk vrij onverwacht aan zijn einde. Een flinke onoplettendheid van Rien, gaf Freerk de kans om een dubbelaanval te plaatsen. Mat of torenverlies op a8 was de zwarte optie. Rien koos uiteraard voor het laatste, maar dat was natuurlijk uitstel van executie…
2-4

Freerk... leuk trucje


Met deze tussenstand op het scorebord, waren we in ieder geval verzekerd van een ongeslagen status dit seizoen, op zich al ‘n prestatie. Er waren nu nog 2 borden bezig (7 en 8)… De optimisten onder ons (waaronder ikzelf) meenden dat met wat geluk 1½ bordpunt binnengesleept kon worden. De pessimisten zagen 2 verliespartijen aankomen…

Tijdloosheid…
Aan het zwarte bord 8 speelde Arnold van der Kammen (1464) tegen invaller Stefan Lipschart (1445). De stelling leek mij ontstaan uit het fameuze 3-rijen systeem van Arnold. Na een zet of 20 was Arnold nog in het bezit van loperpaar, torens en dame, en 7 pionnen. Stefan had i.p.v. het loperpaar een paard + loper, voor de rest hetzelfde als zwart. Arnold wist een pion buit te maken, en er begonnen zich goede vooruitzichten te ontwikkelen. Het enige nadeel was de tijdloosheid waarmee Arnold te kampen had. Arnold had nog slechts 6 minuten, terwijl Stefan nog ’n klein half uurtje tot zijn beschikking had. Helaas, helaas… Arnold moest eieren voor zijn geld kiezen, en de vrede werd (noodgedwongen) getekend.
2½-4½  

Arnold... de tijd zal het leren


Bergafwaarts…  
Aan het witte 7e bord had Gerard Turkenburg (1530) de lastige taak om Aad van den Berg (1598) te beklimmen. Aad is de trotse lijstaanvoerder van het Top-10 klassement, met maarliefst 5½ punt uit 6 wedstrijden! We komen erin bij de 21e zet. Gerard is in het bezit van het loperpaar en staat zeer behoorlijk. De dames gaan van het bord, en Gerard ruilt ook zijn loperpaar. Nu wordt het moeilijker want het paard van Aad is duidelijk sterker dan de loper van Gerard. Wanneer Gerard even niet goed bij de les lijkt, slaat Aad toe, en maakt een pionnetje buit. Met de moed der wanhoop maakt Gerard het nog knap ingewikkeld. Aad nog 10 minuten en Gerard 25 stuks. Aad speelt het buitengewoon koelbloedig en laat zijn paard instaan, dat door de witte toren wordt aangevallen. Gerard hapt toe… helaas overziet Gerard hierbij dat hij meteen mat wordt gezet!
3½-4½ 

Gerard... mat in één!


Een overwinning dus… maar geen grote. Het ligt nu in de lijn der verwachting dat Moerkapelle 2 er met het kampioenschap vandoor gaat. Om dit te bereiken moet Moerkapelle in de wedstrijd tegen HHP 5 bordpunten scoren. Iedere score die hieronder zit, levert HZPS het kampioenschap op. We wachten dus nog even af. Het is sowieso een geslaagd seizoen te noemen, slechts één maal werd een gelijkspel afgestaan, en dat was tegen Moerkapelle. Vanaf deze plaats feliciteer ik teamoverste Andries en uiteraard de spelers met hun behaalde prestatie…  

Verslag: Aad Juijn
Fotografie: Archief HZPS






HZPS 2 – RSR Ivoren Toren 5 5-3  (Klasse 3B, Ronde 6)


De haven komt in zicht...
De haven komt in zicht, het seizoen 2013/2014 loopt zo’n beetje naar het einde toe. Het “sprookjesteam” van captain Andries Schukking doet volop mee voor de hoofdprijs. Samen met Moerkapelle 2 staat zij immers op de volledig gedeelde 1e plaats, in matchpunten en bordpunten 100% gelijk. Het lijkt vooralsnog op ’n bordpunten kwestie uit te draaien, hoewel? Aanstaande vrijdag (7 maart) staat de superkraker Moerkapelle 2 – de IJssel 2 te gebeuren. Het hoeft geen betoog dat wij gebaat zijn met een gelijkspelletje of liever nog een overwinning van de IJssel 2. Zelf krijgen we in de laatste ronde nog te maken met datzelfde de IJssel 2 (uit). Deze 6e ronde zorgt dus voor al iets meer duidelijkheid wat betreft de prijsverdeling, maar dat weten we komend weekend pas (de andere 3 wedstrijden vinden alle plaats op vrijdag)…
PS. Na publicatie van bovenstaand stukje kreeg ik commentaar op mijn visie (en terecht), u vindt e.e.a. onderaan dit artikel!

Dan de aanloop naar de wedstrijd van afgelopen maandagavond. Teamcaptain Andries Schukking kende deze keer weinig personele bezettingsproblemen, iedereen kon meespelen, op slechts één iemand na. Die “ene iemand” was echter Andries zelf. Dochtertje jarig, en bovendien kan er ieder moment gezinsuitbreiding plaatsvinden, spannende tijden dus in huize Schukking. Andries moest naast een invaller voor zichzelf ook nog even een competente teamleider annex wedstrijdleider regelen. Dan heb je ook nog het issue van het verslag en de foto’s, want wij als HZPS’ers staan inmiddels wel zo’n beetje bekend binnen de RSB, om het feit, dat wij onze wedstrijdverslagen misschien nog wel belangrijker vinden dan de teamuitslagen zelf. Delegeren aldus… Het wedstrijdleiderschap werd aan de heer F.G. Maas toevertrouwd, ‘n beetje teamleideren en verslag doen ging naar ondergetekende, die op zijn beurt weer wedstrijdleider extern David van der Mast “belastte” met het fotografische gedeelte. Zo had iedereen dus wat te doen…

"ouwe archiefkast"
Tja… en dan de tegenstanders. Het 5e en tevens laatste team van de s.v. RSR Ivoren Toren. Naar wat ik begreep had de teamleider van RSR (Angelo Ayala) in aanloop naar deze wedstrijd onze wedstrijdleider David een mailtje gestuurd met daarin de mededeling dat RSR mogelijk met maar zes man op zou komen draven. De “finesse” was echter dat RSR kennelijk toch nog ergens in hun speellokaliteit ’n ouwe archiefkast had staan waar nog het een en ander aan “overbodig” spelersmateriaal opgeslagen lag. De twee invalkrachten trokken met hun ratings het teamgemiddelde van RSR tot het hoogste aantal punten dat zij dit seizoen op de been wisten te krijgen. Invaller Robin Reijnaert met zijn 1677 is in dit RSR team al de hoogst gerate speler, maar als klap op de vuurpijl kwam daar ook nog eens “good old” Wil Sparreboom binnenlopen die met zijn 1878 op het ogenblik even uit vorm lijkt te zijn. Wil schommelt de afgelopen seizoenen tussen de 1900 en 2000 en viel bijvoorbeeld in 2012/2013 twee maal in RSR 1 (KNSB 1e klasse) in (1x winst 1x verlies). Goed… Dit RSR team was dus duidelijk niet gekomen om onze bordpunten drift te bevredigen. RSR 4 (ook al 2 invallers!) werd vorige maand nog door ons eerste aangepakt met 7-1. Het jongere broertje was dus in ieder geval gewaarschuwd.

Zoals gezegd kon Andries zelf niet meespelen, en dus moesten wij ook een geheim wapen uit onze kast trekken. Bij ons lag daar nog op de bovenste plank het “enfant terrible” Johannes Schrumpf! Hans is natuurlijk een onberekenbaar projectiel, dat bij de minst geringe verkeerde beweging al voortijdig kan afgaan. Even afstoffen, en hoppetee aan bord 8 met het gevaarte. De geheime wapens van RSR werden aan 2 en 3 in stelling gebracht.

Wat bracht ons deze maandagavond van 3 maart?
Om de zaken actueel te houden, maak ik in dit verslag gebruik van de meest actuele ratings, en die zijn te vinden in de KNSB ratinglijst van februari…

Surprise, surprise…
Freerk Gerkema (1754) speelde (uiteraard) aan het zwarte 1e bord. Verrassend genoeg had teamleider Angelo Ayala (1339) zichzelf “opgeofferd”, hoewel “tactisch neergezet” gezien het partijverloop, een juistere uitdrukking bleek. Freerk kwam met het Hongaars op de proppen, en dat is natuurlijk al niet echt ’n ambitieuze opzet. Vreemd genoeg kwamen er zowaar Leeuw aspecten in de stelling (zwarte koning in centrum en met g5 dreigend naar de witte koning). Angelo pakte de zaak voortvarend aan en vond een zwakte op f7 (loper dame batterij), om dit te dekken besloot Freerk kort te rokeren. In het centrum gaf Angelo een pionnetje op, maar dit opende gevaarlijke lijnen en diagonalen ten gunste van wit. Voor Angelo was nu de tijd rijp om een “tactisch” remiseaanbod te plaatsen. Freerk kwam naar ondergetekende om e.e.a. te overleggen. Tja… ’n ratingverschil van 415 punten, en bovendien hebben we de bordpuntjes hard nodig om ons doel (kampioenschap) te bereiken. Freerk smeekte me haast om remise te mogen aannemen, want zijn stelling was verre van comfortabel. “Ja… lekker zeg, en dat ratingverschil dan”? Angelo gaat heus nog wel in de fout, was mijn gedachte. Freerk wist mij te overtuigen dat ‘ie eigenlijk verschrikkelijk stond. Remise derhalve! Na de post mortem kwam Freerk mij toch nog even briefen dat hij er gigantisch vanaf was gezet in de analyse… en dat het dus maar goed was dat het zo was gelopen! Vooruit dan maar…
½-½

Freerk... 415 meer of minder?


Oké, ons ratingkanon was dus kennelijk met nat kruit gevuld, hoe zat dat met het vijandelijke rating kanon?

Free Willy…
Aan het witte bord 2 zag onze sterdichter Piet Hofstee (1684) de bui al hangen, toen Wil Sparreboom (1878) geen supporter bleek te zijn, maar doodleuk tegenover Piet plaatsnam! Ach ja… ‘n typisch gevalletje van Bredero’s oneliner “het kan verkeren”. Wil heeft dus tegenwoordig, naar het zich laat aanzien ’n vrije rol binnen de RSR community. Piet ging voor een systeem met f4 en later ook c4. Wil rokeerde kort en beveiligde de koning d.m.v. een koningsloper fianchetto. Nadat Piet een zwart paard van g4 verjaagde door h3 te spelen, werd de witte koningsveste al verdacht. De ellende begon pas goed toen Piet met e4 meende een centrumactie te moeten plaatsen. De gaten op d4 en e3 bleken fatale zwakten. Met wat handige manoeuvres werd zulks pijnlijk duidelijk gemaakt door Wil. Een kwaliteit ging nu sowieso verloren, Piet gaf echter de voorkeur aan een dameoffer (voor één stuk). Zo konden de stukken al snel in het doosje, en Wil, na bewezen diensten, meteen weer richting huiswaarts.
½-1½

Piet... "geinige tegenstander"


Ja… en zo kon het zijn, dat de borden 1 en 2 rond tien uur al uitgerangeerd waren, en keken we zomaar tegen ’n ongebruikelijke achterstand aan… Inmiddels was ook de commandant der strijdkrachten Andries Schukking gearriveerd, om zich persoonlijk te laten informeren en ook zelf te aanschouwen hoe het gesteld was met “de vorderingen” die zijn armee op het slagveld aan het verrichten was. Aan het gezicht van Andries te zien, had hij, wanneer ik het juist heb geïnterpreteerd, toch enigszins méér met een ander scenario gerekend…


“Hoe lomper den boer, hoe grutter z’n errepel”…
Ondanks alle carnavalsperikelen wist onze “Brabolander” Gerard Turkenburg (1530) toch nog in ons clublokaal verzeild te geraken. Aan het zwarte 5e bord moest Gerard het opnemen tegen Hans Veraart (1579). In een opening die ik zou willen typeren als “wel héél erg gesloten Siciliaans”, wist Gerard beslag te leggen op het loperpaar. Wanneer Hans besluit om een paard op f5 te posteren en Gerard daar vervolgens slaat, verschijnt er een zwak pionnetje op f5. Zoals verwacht gaat deze pion verloren, en lijkt de rest een kwestie van de overbekende techniek. Er wordt vervolgens veel geruild, maar tot overmaat van ramp (voor ons) wint Hans ’n pion terug. Er ontstaat dan een naar m.i. remiseachtig eindspel. Het tij keert echter definitief, wanneer Gerard met een listigheidje een wit stuk weet in te rekenen! Dat is op dit moment een welkome meevaller, dat vervolgens de stand weer keurig in evenwicht brengt… Lekker doorgeploegd “boer” Gerard!
1½-1½

Gerard... gelukkig gewonnen!


Dan is het nu de hoogste tijd om de verrichtingen van ons “geheime wapen”, hetgeen voornamelijk een biologisch wapen is, aan het worldwide web toe te vertrouwen. Johannes Schrumpf speelt zoals hij eruit ziet… anarchistisch, grimmig, onberekenbaar, en laat ik er verder maar niet omslachtig over doen… vóór al onbetrouwbaar. Hoe pakte dit uit?

Erop en erover!
Biowapen... Hans
Genesteld aan het witte bord 8 zag ons biowapen Hans Schrumpf (1475) de sympathieke doch argeloze Mischa van Vlaardingen (1527) tegenover zich plaats nemen. Wat begon als een Aljechin eindigde in een opmerkelijke Fransachtige variant. Het verschil zat hem in het feit dat Mischa de “moeilijke” Franse loper van c8 buiten de keten had weten te verkrijgen (f5) en deze kon ruilen tegen de witte collega op d3. Op zich gunstig, minder gunstig was de toestand op de damevleugel voor zwart. Doordat de loper op b4 het paard op c3 had afgeruild. Was er ook hier sprake van typisch Franse kenmerken (witte pionnen: a2, c2, c3, d4, e5, f4, g2 en h2. Zwarte pionnen: a7, b7, c4, d5,e6, f7, g7 en h6). Beide heren hadden kort gerokeerd. Met de opmars g4 ging Hans over tot een vervaarlijke aanval richting de zwarte koning. Mischa zat zonder noemenswaardig tegenspel, het enig mogelijke tegenspel zou in de aantasting van e5 hebben kunnen zitten (door iets als f6 te proberen), het probleem was echter dat Mischa pion h6 had opgespeeld, waardoor de zwarte “koningsveste” er al niet fris uitzag. Nadat de g-lijn halfopen was gekomen en de witte torens aldaar tot verdubbeling kwamen, ging het in rap tempo de foute kant op met zwart. De koning kon zich weliswaar nog redden, maar dit ging dan wel ten koste van 2 pionnen en ’n stuk! Uitstekende partij van Hans!
2½-1½

Hans... uitstekende partij!



Vrouwen van nu…
Die weten wat ze willen! Elise Juijn (1600) was aan het witte 4e bord gesitueerd. Tegenstander was Leon Cornelissen (1609). De Siciliaanse opening verliep vlotjes, de paarden gingen snel op stal. Wat wel was, is dat door de afruil perikelen Leon met een geïsoleerde pion op c6 zat. Een klein voordeel voor Elise dus. Met de lopers, torens, dames en voor ieder nog 6 pionnen op het bord was de zaak nu niet bepaald eenvoudig te noemen. De “zwakke” pion op c6 kon eenvoudig verdedigd worden, en andere echte aanknopingspunten waren niet voorhanden. De dames werden geruild, de lopers ook, maar inmiddels was de zwakke zwarte pion op c4 terechtgekomen, en onhoudbaar gebleken. Elise kon dit pionnetje winnen, maar liep daardoor nu zelf een dubbele geïsoleerde c pion op. Bovendien werd door deze transactie één setje torens afgeruild. De remisekansen waren groot, totdat Leon besloot het allemaal wat overzichtelijker maken, door de overgebleven toren dan ook maar meteen tot ruil aan te bieden. Nu was het resterende pionneneindspel eenvoudig gewonnen, de lang begeerde c prooi viel (eindelijk) in handen van de witte koning… de rest was een kwestie van uittempo-en, en ondanks er ’n nieuwe witte dame op het bord verscheen, liet Leon het zich helemaal bewijzen… tot mat aan toe. Goed vastgebeten van Elise!
3½-1½

Elise... lachend naar winst


Met deze score als tussenstand zou een voetbaltrainer flink tevreden zijn (hij zal zich hooguit afgevraagd hebben wat er fout is gegaan met die halve doelpunten)… De resterende 3 borden was weinig peil op te trekken (Arnold stond moeilijk, Jan ongeveer gelijk, en dat gold ook voor Cees)…


Partijtje SM schaak?
...of zoiets
Aan het zwarte bord 7 speelde Arnold van der Kammen (1464) tegen Jeffrey Ouwersloot (1458). Arnold koos vanavond voor het 3-rijen systeem en bezorgde zich daarmee een benauwde avond. Dit SM systeem komt er op neer, dat je als het ware, met de handen geboeid op de rug, vrijwillig in een “lijkenzak” gaat liggen, vervolgens ritst de “ander” de zak dicht, en dan maar kijken of je er op eigen kracht weer uit kan komen. De nadruk ligt uiteraard op vrijwillig (je kiest hier zelf voor) en juist dat vrijwillige aspect maakt het zo “boeiend”. Het is een gecontroleerde vorm van lijden. Jeffrey speelde het spelletje mee en ritste inderdaad de zak dicht, de dames gingen spoedig in de doos ( nog zonder deksel!). Het verlichte de zwarte taak niet bijster. Alle pionnen bleven opmerkelijk lang op het bord, beetje bij beetje werd de toestand bij zwart nijpend. Arnold leek niet (levend) meer uit de zak te komen… Met kunst en vliegwerk lukte het Arnold uiteindelijk om de rits open te krijgen, Jeffrey kon de verwurging niet met succes afronden… Toch een prestatie van formaat, hetgeen Arnold vanavond demonstreerde… een remise waarbij iedereen met ’n HZPS hart opgelucht adem haalde!
4-2

Arnold... benauwde remise


Het minimale gelijke spel zat dankzij Arnold nu in onze “zak”… Nu nog even afwachten wat Jan en Cees ervan bakten.

Nog meer geheime wapens…
Onze man in vorm Cees Verhagen (1846) speelde aan bord 3 (zwart). Cees die tot nog toe alles wist te winnen kreeg met geheim wapen nummer 2 te maken, Robin Reijnaert (1677). Robin vertrouwde mij toe al ’n lange tijd niet te hebben gespeeld, maar vos Reijnaert was zijn schaakstreken nog niet verleerd, zoals Cees moest ondervinden deze avond. In een soort van klassiek Hollands leek Cees hard op weg om wit snel te overspelen. De witte koning kwam voor hij goed en wel kon rokeren, door ’n “ongelukje” op f1 terecht. Cees’ dame was m.a.w. op h4 terecht gekomen. Nadat Robin via e1 zijn dame tot ruil aan bood, schatte Cees in dat na dameruil de zwarte stelling vanzelf zou spelen. Dus dameruil… en daar had Cees achteraf toch behoorlijk spijt van. De zwarte machine liep toch niet zo soepeltjes als gedacht. De stelling wordt door Robin gaandeweg dichtgeschroefd, en een fase van eindeloos laveren breekt aan. In het verre eindspel weet Cees de enig halfopen lijn (b) in het bezit te krijgen. Op leerzame wijze verbetert Cees zijn positie, met samenspel van toren en koning weet Cees tastbaar voordeel te verwerven. Wanneer de zwarte toren in de vijandelijke stelling is weten binnen te dringen, is het pleit beslecht! Een voortreffelijk doorzettingsvermogen gecombineerd met de nodige techniek leverde Cees het fraaie punt op… Chapeau!
5-2

Cees... nog steeds 100%!


Zo… de teamoverwinning is moeizaam, maar uitermate beheerst door Cees binnengesleept. Bijna gelijkertijd beëindigde ook Jan zijn partij…

Verkeerde afslag…
Het witte bord 5 werd door Jan Brand (1631) bezet. Zijn opponent was Shakir Salih (1516). In het vrij zeldzame Budapester gambiet, moet Jan al meteen flink in zijn geheugen. Jan besluit de gambiet pion terug te geven. Bovendien gaat een en ander gepaard met veel stukkenruil. Beide heren houden de zware stukken en de witveldige lopers over, en een zevental pionnen. Jan staat actiever, de zwarte toren die noodzakelijkerwijs op b8 het pionnetje op b7 staat te verdedigen, doet niet lekker mee. Jan lijkt dus het betere van het spel te hebben. Nadat de dames verdwijnen, en Jan een pion wint lijkt Jan zelfs op de winst af te gaan. De actieve witte toren op de 7e rij is hier debet aan. Beetje bij beetje raakt Jan de draad kwijt en zijn pluspion (de wet is dat toreneindspelen over het algemeen actief moeten worden gespeeld, Jan ging teveel op behoud van de pluspion spelen). Jan biedt remise aan, maar Shakir wuift dit glimlachend weg. Waarschijnlijk (bijna zeker) is de witte stelling nog steeds houdbaar, tot Jan zijn pion op h2 cadeau doet… Dan loopt de zwarte winstvoering plots op rolletjes. Erg jammer voor Jan, want het ging lang erg goed, met reële winstkansen zelfs.
5-3   

Jan... erg jammer


5-3 en dus… gezien de verrassende opstelling van RSR nog niet eens zo slecht gedaan. De aandacht gaat nu natuurlijk uit naar de wedstrijd van vrijdag (Moerkapelle 2- de IJssel 2). Wanneer Moerkapelle deze ontmoeting weet te winnen dan heb je iets vervelends. Dan blijven we namelijk in matchpunten gelijk en kan het kampioenschap op een voor ons minder gunstige wijze worden beslist, het vervelende issue doet zich namelijk dan voor dat wij onze laatste wedstrijd op maandag spelen en Moerkapelle op vrijdag. Moerkapelle weet dan dus exact hoeveel bordpunten zij moeten scoren (er voor het gemak van uitgaand, dat wij dan van de IJssel hebben gewonnen). Het scenario voor aanstaande vrijdag moet dus zijn: gelijkspel of winst voor de IJssel. Hup Moordrecht!!

Naschrift: Ik kreeg op dit artikel 'n nogal relevante reactie van de bevelhebber der strijdkrachten Andries Schukking (en iets later ook van Frans Groeneweg). Andries (en Frans) wees mij op het feit, dat als doel promotie boven het kampioenschap gaat! Tja da's ook zoiets... daar heeft hij wel 'n punt. M.a.w. Moerkapelle moet dus winnen, dan zijn wij ten alle tijden 2e en promoveren wij sowieso, al verliezen wij met 8-0 in de laatste ronde. Mijn fixatie op het kampioenschap is dus strikt genomen niet het meest praktische scenario! 

Verslag/Ballonografie: Aad Juijn
Fotografie: David van der Mast      




Moerkapelle 2 – HZPS 2  4-4  (Klasse 3B, Ronde 5)

Op vrijdag 7 februari staat de zeer belangrijke wedstrijd tegen Moerkapelle 2, voor teamleider Andries en zijn mannen en één dame (Sneeuwwitje en de 7 dwergen?) op het programma. Beide teams wisten tot nu, de volle 100% score voor zich behaald te hebben. Bovendien, en opmerkelijk genoeg, wisten zij beiden 22½ bordpunt te verzamelen. De winnaar zet dus een grote stap richting kampioenschap. Wanneer ik mij goed heb laten informeren promoveren er 2 teams uit deze klasse, een mooie kans dus om weer terug te keren naar de 2e klasse...

Het leek mij aardig om alvast (vrijdagmiddag) een gedeelte van dit verslag te schrijven, vóórdat de wedstrijd is gespeeld. Het voordeel hiervan is, dat je dan nog niet “bedorven” bent door de uitslag, en dus nog met een fris gemoed, en geloof in de goede afloop zit te “tikken”. Ik houd het vooralsnog op ‘n 3½-4½ overwinning (voor ons uiteraard). Deze toch licht optimistische “profetie” is mij feitelijk ingegeven, door onze bord 1 speler en tevens “geloofsdeskundige” Freerk Gerkema. Freerk had het afgelopen maandag (onze clubavond) al voorzichtig over het wonder van Moerkapelle (zie hier… te beginnen bij het fotootje “wie niet waagt, blijft maagd”). We zullen zien of ons sprookjesteam, dat bestaat uit Sneeuwwitje en de 7 dwergen, bijstand krijgt van “de Heilige maagd”, m.a.w. kan er een synthese ontstaan tussen de wereld van de gebroeders Grimm en de bijbel, hier ligt dus de mogelijkheid om tot een nieuw geloof te komen. Teamleider Andries Schukking vindt zijn “roots” in de klei (Friesland) en mag hierdoor gerust het predicaat “nuchter” of zoals u wilt “aards”, “no nonsense” opgespeld krijgen (Bonifatius kwam daar in 754 pijnlijk achter tijdens zijn missie te Dokkum). Wat wil het geval: aan bord 1 van Moerkapelle 2 speelde tot nog toe in hun thuiswedstrijden Boudewijn Weijermars, die met zijn rating van 1947, tenminste in de promotieklasse of zelfs 3e klasse KNSB thuishoort. Andries vertrouwde de relatie tussen Freerk en de Heilige maagd toch niet helemaal, en zette psycholoog Arnold van der Kammen (kan heel erg goed met verlies omgaan) bij uitzondering aan bord 1. De vraag die dan opdoemt is… of Andries dan niet met zijn scepticisme ten aanzien van de hogere machten, het onheil over zijn sprookjesteam afroept. Ik ben me nu heel bewust van het feit dat dit de laatste dag kan zijn dat ik in mijn huidige bewustzijnstoestand doorbreng, wanneer het wonder van Moerkapelle zich vanavond daadwerkelijk openbaart, compleet met de verschijning van de Heilige maagd, dan zal ik in verlichte toestand de rest van mijn huidige leven doorbrengen… Mocht de verschijning uitblijven, en zelfs uitdraaien op een zeperd voor ons team, dan ben ik feitelijk niet meer dan een soort ramptoerist gebleken. Mijn voorstel aan het bestuur zal dan wel zijn om Freerk de schaaktempel uit te laten jagen!

Gelegenheidsteamleider/verslaggever... Aad Juijn


En dan nu de realiteit…

Zoals u bovenaan heeft kunnen lezen is de einduitslag op 4-4 uitgekomen. Is het wonder dan uitgebleven, voor ons sprookjesteam? Nee… moet hierop het antwoord zijn! Het wonder werd vanavond niet door de Heilige maagd volbracht (of ik moet iets gemist hebben), het was teamleider Andries Schukking himself (met dank aan zijn tegenstander) die met de eer ging strijken. Geloofsdeskundige Freerk Gerkema zag dit toch anders. Freerk heeft vrijdagsavond Taizé gezang in een Rotterdamse kerk, en is verder verstoten van elke vorm van een mechanisch vervoermiddel. Freerk had Andries bezworen dat wanneer deze zo goed zou zijn om Freerk bij de kerk op te pikken, met zijn auto, Andries beloond zou worden door de Heilige maagd (uiteraard op geestelijk dan wel spiritueel vlak)… In zekere zin is de manier waarop Andries won, zeer wonderlijk te noemen, daarover straks meer.  In de partijbesprekingen maak ik gebruik van de actuele KNSB ratinglijst (1 februari 2014)…

Moerkapelle… wat is dat eigenlijk?

Rivièra hal... 
In Wikipedia valt o.a. het volgende te lezen… “De naam Moerkapelle duidt op de aanwezigheid van een kerkje of kapel aan het moeras. Het ontstaan van het dorp is verbonden met de geschiedenis van de polder De Wildeveenen. Door de vervening en bepoldering van het moerasgebied ontstond er in de 17e eeuw bedrijvigheid en vestigden zich mensen in Moerkapelle. Na drooglegging wordt in de veenpolder landbouw, en later vooral veeteelt bedreven. Maar al ver voor de verveningactiviteiten was er sprake van bewoning. Het gehucht 'Op Moer' is ontstaan rond 1400. Omstreeks 1560 wordt er voor het eerst melding gemaakt van een kapel”… Het clubhuis waar de plaatselijke schaakvereniging zich ophoudt heeft de alleszeggende naam  “Gebouw Tropica”, bij een gebouw stellen wij stedelingen zich automatisch iets groots voor, hier in het dorp heeft het nog de oorspronkelijke betekenis van “iets” dat gebouwd is, en waar je in kunt! De naam “Tropica” is ook al niet uit de lucht gegrepen. In deze schaakloods (met zelfbedieningsbar) liep de temperatuur en luchtvochtigheidsgraad met het uur op, een atmosfeertje dat zich prima laat vergelijken met de klimatologische omstandigheden in de Rivièra hal in Blijdorp. Dan nu de wedstrijd…

Elise “Sneeuwwitje”Juijn…
Sneeuwwitje...
De enige dame van het team Elise Juijn (1600) speelde aan het zwarte bord 6, tegenstander was Ad Voerman (1665). Elise kwam door een vingerfoutje (Te8?) niet heel goed uit de startblokken, en werd veroordeeld tot passiviteit. Ad pakte de boel voortvarend aan, en trok met g4 richting de zwarte koning. Bovendien wist Ad een gedekte vrijpion op e6 te krijgen. Met het goedgetimede f5 wist Elise tegenspel te verkrijgen, de nu ontstane stelling bood een zeker dynamisch evenwicht. Degene die op winst zou spelen, zou waarschijnlijk aan het kortste eind trekken, zodoende werd gekozen voor het puntdeling. Onbedoeld zou deze remise de voorbode zijn van latere eindstand… Gezien de moeizame openingsfase een verdienstelijke remise van Elise…
½-½

Elise... verdienstelijke remise


Jan “Grumpy” Brand…
Grumpy... 
Aan bord 7 (wit) speelde Jan Brand (1631) tegen Dirk Molenaar (1580). In een, zoals we dat van Jan kennen, rustige opening kwamen de heren in positioneel vaarwater terecht. De lijn die open kwam was de c-lijn. Langs deze lijn werden de zware stukken geruild. Wat nu resteerde was een stelling waarbij beiden het loperpaar bezitten, een paard en 7 pionnen, bovendien was de stelling vrij gesloten. Andries had aan ondergetekende gevraagd de teamcoaching op zich te nemen, zodat Andries zich op zijn eigen partij kon concentreren (dat pakte goed uit voor Andries). Hier kreeg ik de moeilijke vraag van Jan voorgeschoteld of het remiseaanbod van Dirk mocht worden aangenomen. De stelling was er naar om dit te honoreren, maar op de rest van de borden voelde het niet helemaal oké. We besloten niet meteen te antwoorden, maar de tijd te laten doortikken, in afwachting van de ontwikkelingen bij de anderen. Deze tactiek leidde natuurlijk tot acceptatie van het remiseaanbod, want het tijdverschil was inmiddels van dien aard dat bij doorspelen verlies op vlag het meest waarschijnlijke resultaat zou worden…
1-1        

Jan... ook remise


Cees “Dopey” Verhagen…
Dopey...
Aan het zwarte bord 4, speelde Cees Verhagen (1846) zoals we dat van hem gewend zijn. Tegenstander was de ratingloze Hans Geerling (tot nu toe 2x winst, 2x remise!). Hans werd geconfronteerd met een oud en bijna vergeten systeem, maar in handen van Cees ‘n kennelijk gevaarlijk wapen. Een snelle dameruil gaf zwart al het betere van het spel, en dit leidde al vroeg tot de verovering van pion e4. Hierna was het feitelijk in hogere zin bekeken. De partij sleepte zich voort en een 2e pion kon worden bijgeschreven. Hans stribbelde nog lang tegen en bracht nog aardige patgrapjes in de stelling… Cees liet zich natuurlijk niet foppen, en speelde het zaakje geconcentreerd naar winst! Altijd prettig, zo’n speler als Cees in de gelederen… eigenlijk ’n vast punt!
1-2   

Cees... vast punt!


Arnold “Doc” van der Kammen…
Doc...
Clubpsycholoog Arnold van der Kammen (1464) werd vanavond ingezet als kop van Jut, of als joker zo u wilt. Aan het witte bord 1, dat normaliter door Freerk Gerkema wordt bezet. De verwachte tegenstander hier was het Moerkapelse kanon Boudewijn Weijermars (1966), die op zijn club qua rating de 5e plek inneemt (Moerkapelle 1 speelt promotieklasse). Arnold stuurde aan op een snelle dameruil, met daarna gelijke kansen. Arnold kiest ervoor om zijn zwakke pion op c5 af te schrijven en tegendruk op de  zwarte pion e4 te zetten, dit zorgt ervoor dat witveldige zwarte loper gebonden wordt aan de dekking van deze pion. Boudewijn blijft de druk opvoeren, en een witte kwaliteit sneuvelt. Doordat zwart in deze fase wat minder accuraat begint te spelen, slaagt Arnold erin om een paard buit te maken. Helaas gaan er iets teveel pionnetjes bij Arnold af, er resteert dan een toreneindspel met 3 pionnen minder, en dat gaat natuurlijk verloren. Alle egards aan Arnold, die met zijn 502 ratingpunten minder Boudewijn lekker bezig hield, en af en toe tot het uiterste dreef!
2-2

Arnold... 502 ratingpunten minder!


Arnold... strijdvaardige trui!


Tja… met deze tussenstand, en een blik op de resterende borden leek een kleine nederlaag aanstaande… Piet stond eerder in de partij wat beter, maar mocht op dit moment met remise in zijn handen knijpen, bij Gerard het zelfde verhaal, Freerk staat misschien technisch gewonnen, maar dat is zeer lastig. Andries staat een pion achter, en daar moet het ergste gevreesd worden… Wat gebeurde er verder?

Gerard “Sneezy” Turkenburg…
Sneezy...
Aan het zwarte bord 8 treffen we Gerard Turkenburg (1530). Tegenstander Jan Blok (1534) pakt al rap in de partij meer ruimte. Na de korte rokade van Gerard, ontketent Jan een vervaarlijk uitziende koningsaanval. Het lijkt zomaar een “walkover” te worden. Gerard vindt echter de enig juiste verdediging (gelukkig)… Dan komt er zelfs een tegenaanval uit de hoge hoed van Gerard, en is het op dit moment dat Jan remise offreert. Zoals gebruikelijk krijgt ondergetekende deze vervelende vraag op zijn bordje… Tja, Gerard is tot mooie dingen in staat, maar ook tot zetten waarvan je als teamleider spontaan suïcidaal kunt geraken. Met groot gevaar voor het verprutsen van het eventuele kampioenschap, geef ik Gerard de opdracht door te spelen. Vrijwel direct hierna gaat Gerard de fout in, tot mijn grote afgrijzen. Jan doet het ook niet handig, en Gerard komt gewonnen te staan, ook Gerard gaat weer in de fout… Hierna vindt Jan niet de lastige winstweg, waardoor Gerard zijn laatste kans grijpt en remise weet af te dwingen! Oef!!
2½-2½     

Gerard... Oef!


Piet “Sleepy” Hofstee…
Sleepy...
Piet Hofstee (1684) had eerder op de avond al niet de gemakkelijkste weg genomen naar ons verzamelpunt, ons speellokaal “de Pionier”. Piet was namelijk vanaf zijn woonadres in Vlaardingen helemaal komen lopen naar ons verzamelpunt… gewoon, vindt ‘ie leuk. Aan het zwarte bord 2 trof Piet, Christiaan Noorland (1720). Piet zoekt zijn spel op de damevleugel, terwijl Christiaan iets in het centrum zal moeten beginnen. Na veel gemanoeuvreer en gelaveer lijkt Piet de c-lijn in zijn bezit te hebben. Op voor mij niet duidelijke wijze verdwijnen de zware stukken van deze lijn, waarna een eindspel van voor ieder 4 paarden en 6 pionnen resteert. Door zijn slechtere pionnenstructuur staat Piet moeilijker, en passiever. In meesterlijke zin lijkt remise haalbaar… Dan slaat het noodlot toe, en gaat Piet de fout in… 2 pionnen en een paard worden ingeleverd. Piet probeert nog krampachtig wat patgeintjes, maar helaas…
3½-2½     

Piet... geen patgeintjes, uit de hoge hoed


Freerk “Bashful” Gerkema…
Bashful...
Aan het witte bord 3 zien we “geloofsdeskundige” Freerk Gerkema (1754) opboksen tegen Marcel de Haan (1745). De bekende rustige openingsbehandeling die Freerk eigen is, wordt ook in deze partij aangewend. Freerk weet het loperpaar te behouden, en kan bogen op meer ruimte. Met een aardige combinatie weet Freerk een stuk tegen 3 pionnen te winnen, en wint daar even later nog één pion bij. De stelling is razend moeilijk, wanneer Freerk nog één pion weet te bemachtigen, ziet het er dreigend uit voor Marcel. Vervelend voor ons is echter, dat de gang van zaken Freerk zeeën van tijd heeft gekost. Net nu Freerk gewonnen staat heeft hij nog slechts iets minder dan 2 minuten op de klok, terwijl Marcel er nog 4 heeft. Helaas moet Freerk eieren voor zijn geld kiezen, en biedt remise aan. Freerk had Marcel in deze resterende tijd hoogstwaarschijnlijk niet mat kunnen zetten, sterker nog, mogelijk op tijd verloren!
4-3 

Freerk... remise door tijdnood


Andries “Happy” Schukking…
Happy...
De playing captain Andries Schukking (1656) speelde vanavond aan het witte bord 5. Om zich vooral met zijn eigen partij bezig te kunnen houden werd de schrijver dezes en oud-teamleider van het sprookjesteam gebombardeerd tot teamleider. Andries’ tegenstander was de lijstaanvoerder van het top 10 klassement (4 uit 4) Kevin Bakker (1638). Andries vertrouwde mij toe behoorlijk gespannen te zijn deze wedstrijd, en dat was me inderdaad niet ontgaan. Per slot van rekening gebeurt het niet ieder jaar, dat een HZPS team dicht bij promotie is, sterker nog, vorig jaar zijn team 1 en 2 gedegradeerd. Andries speelde zoals gewoonlijk compromisloos. Het zijn partijen die zelden een vroegtijdige “remisedood” sterven. Met (te) brutaal spel richting naar voren, kwam de witte koning op de tocht te staan, en waren 2 hangende pionnen op d4 en f4 vijandelijke aanknopingspunten. Toen pion d4 eraan moest geloven, leek de zaak (ook voor het team) beslecht te zijn. Met de moed der wanhoop bleef Andries door ploeteren. Het bleek nog een lastig zaakje voor Kevin. In wederzijdse tijdnood kwam de door Freerk in het vooruitzicht gestelde beloning uit! Kevin verblunderde zijn dame… ’n ware tragedie voor de Moerkapellenaren. Met vaste hand dirigeerde Andries de zwarte koning naar mat!! Bij Kevin sloegen alle stoppen door (begrijpelijk, dat wel) scheldend (op zichzelf) en met de vuist op een tafel slaand (ik weet niet of dit de tafel met de stukken betrof) trok Kevin zich in een hoek van het speelzaaltje terug… Wat kan Caïssa (of de Heilige maagd) ongekend wreed zijn… zeg!
4-4

Andries... MAN OF THE MATCH!!


Zo werd Andries de held van de avond (voor ons dan tenminste)… Met kunst en vliegwerk een gelijkspelletje afge…/nomen/pikt/jat/snoept? Aan de andere kant moest Freerk een gewonnen staande stelling remise geven… en ging Piet onnodig in de fout, en kon het bij Gerard verkeren. Al met al een zinderend heet (letterlijk en figuurlijk) avondje… We hebben nu de volgende stand:

   Klasse 3B          N  Mp Bp  1  2  3  4  5  6  7  8
1. Moerkapelle 2      5  9  26½ x  4  .  6½ .  6  5  5
2. HZP Schiedam 2     5  9  26½ 4  x  .  5  5½ 5  .  7
3. De IJssel 2        5  8  27  .  .  x  2½ 5  6  7½ 6

En dit nog voor de boeg:

          Ronde: 6
ma 03 mrt HZP Schiedam 2      - RSR Ivoren Toren 5  -
vr 07 mrt Messemaker 1847 5   - WSV 3               -
vr 07 mrt 3-Torens 3          - Het Houten Paard 1  -
vr 07 mrt Moerkapelle 2       - De IJssel 2         -

          Ronde: 7
ma 24 mrt De IJssel 2         - HZP Schiedam 2      -
do 27 mrt WSV 3               - 3-Torens 3          -
vr 28 mrt Het Houten Paard 1  - Moerkapelle 2       -
vr 28 mrt RSR Ivoren Toren 5  - Messemaker 1847 5   -


Het wordt nog ongemeen spannend… we zijn er nog niet, 3 honden vechten om 2 benen, want er promoveren 2 teams. Maar we gaan natuurlijk nog steeds voor het kampioenschap!!

Verslag: Aad Juijn
Fotografie: Sneeu… eh, Elise Juijn



HZPS 2 – WSV 3 5-3 (Klasse 3B, Ronde 4)


Kampioenen...
Als je ongeslagen de winterstop in gaat ben je al gauw favoriet voor de titel, zo gaat dat althans bij die andere grote volkssport. Maar in het schaken is alles relatief en toen wij maandag 17 december WSV3 in ons kleine maar knusse speellokaal mochten ontvangen leek het er in niets op dat ons tweede team een serieuze kandidaat is voor het kampioenschap. We wonnen wel, zoals te verwachten viel tegen de hekkensluiter, maar daarmee is al het goede nieuws wel zo ongeveer gezegd. Als dit team kampioen wil worden moet er nog heel wat gebeuren.

Het begon al niet zo best: Ik heb dit jaar het voorrecht in dit tweede team te mogen spelen en ook nog eens te proberen het hele zootje in goede banen te leiden. Een playing captain heet dat zo mooi, maar deze avond speelde de captain even niet en zodoende kon ik eens goed in ogenschouw nemen wat mijn mannen en dame er van bakten. Omdat nieuw lid Cees Verhagen zich dit seizoen net te laat aanmeldde om als basisspeler opgegeven te worden en hij daardoor alleen voor het tweede team alle wedstrijden mag uitkomen, is hij mede gelet op zijn speelsterkte toch een vaste speler van dit team geworden. Feitelijk speelden er zo toch 8 basisspelers, dus was het niet nodig een beroep te doen op reserves.

...slecht nieuws bankzitters
Bij binnenkomst bleek dit tegen het zere been te zijn van onze eeuwige reserve bij thuiswedstrijden. Deze speler is niet bij een team ingedeeld omdat hij alleen op maandagen kan spelen en eerder dit seizoen riep ik hem nog joviaal tot ‘eerste reserve’ uit. Sorry Hans, maar met de komst van Cees hebben we eigenlijk een speler teveel voor dit team. Daar boven op moeten de basisspelers elk minimaal twee wedstrijden spelen dit seizoen en dat wilde ik maar geregeld hebben zodat we in de laatste drie ronden in de sterkst mogelijke opstelling kunnen verschijnen. Goed voor het team, maar slecht nieuws voor de bankzitters..

Eenmaal aan de wedstrijd begonnen werd ook al snel duidelijk dat er nog wel het één en ander aan schort. Spelers die in de opening al winstkansen krijgen en die ook net zo snel weer laten schieten, een andere speler die aan het teambelang denkt door wel zeer ongebruikelijk te openen en zo was er nog wel hier en daar wat aan te merken. Aan de andere kant moet ik daar zelf ook niet al teveel over zeuren, ik had immers gekozen om niet te spelen en dan is het wel erg makkelijk om daarna vanaf de kantlijn kritiek te hebben. Daarnaast zal menig speler en captain zich wel eens achter het oor hebben gekrabd toen ze zagen wat voor openingszetten ik zelf op het bord placht te brengen.

Andries...moeizame
toiletgang?
Hoe dan ook, eenvoudig ging het niet worden die avond en de captain trok zich eens rustig terug op het toilet om de situatie te overpeinzen en zich in stilte te beklagen dat ik niet, zoals bij wederom die andere grote volkssport, halverwege spelers mocht wisselen. Op het gemak bleek echter ook daar de situatie verraderlijk: Na op de gebruikelijke wijze te hebben plaatsgenomen, klonk een luid gekraak en stortte ondergetekende naar beneden te midden van stukken van de spontaan onder mij gedesintegreerde toiletbril. Het was duidelijk: Iemand daarboven had de pik op me en alleen Freerk’s gebeden aan de heilige maagd konden de avond wellicht nog redden.

Uiteindelijk werd de soep toch net iets minder heet gegeten, maar het was zeker een wake-up call. Hoe de wedstrijd afliep is inmiddels bekend, maar ik wil u de details toch niet onthouden want die zijn zonder meer spectaculair:

Dame wint...
Op het vijfde bord speelde onze enige dame Elise Juijn met zwart (1601) tegen de heer Gerard Torenbeek. Deze heer is, gezien zijn leeftijd en lage bondsnummer, overduidelijk een ervaren schaker maar heeft blijkbaar al dusdanig lang geen partijen voor rating meer gespeeld dat hij zonder rating vermeld staat op de KNSB lijst. Het wordt een Siciliaanse draak waarbij beide spelers strijden om het centrum en om de ruimte op de damevleugel. Elise komt daarbij gedrongen te staan en haar paard moet wijken van c6 naar a7 waar het eigenlijk buitenspel staat. De partij keert echter wanneer het andere zwarte paard een witte soortgenoot mag slaan op d5 en wit terugneemt met de c-pion. Het centrum is nu weliswaar voorgoed in witte handen maar zit tegelijkertijd potdicht met een witte dubbelpion op de d-lijn. Er komt nu ruimte op de damevleugel waar zwart, met nog wel een pion op de c-lijn, nu een overtal heeft en ook het paard weer in stelling kan brengen. Elise speelt dit op routine snel uit en wint de partij.
(1-0)

Elise (misschien overbodig, maar voor de duidelijkheid links) 1-0


Geschiedenisles...
F.G. Maas (1527) speelt op bord acht met wit tegen Jaap Smit (1185). F.G. speelt een Engelse opening, welke door Jaap met een soort Hollands wordt beantwoord. Deze nieuwe Engels-Hollandse oorlog loopt in tegenstelling tot de eerste drie, maar geheel in lijn met de vierde oorlog slecht af voor het Hollands wanneer zwart probeert zijn pionnenstelling uit te bouwen tot een soort stonewall terwijl wit zijn stukken ontwikkelt. Zwart ziet niet dat het veld e5 daarbij ongedekt blijft en deze wordt prompt bezet door een witte pion. En dat is dan weer heel slecht nieuws voor het zwarte paard dat gepend staat op f6. Stukwinst is het gevolg en er volgen nog vele anderen. Uiteindelijk heeft zwart alleen nog een koning terwijl wit voldoende materiaal over heeft om ook Frankrijk nog even aan te pakken. Reden voor Jaap om toch maar eens bij zijn teamleider te informeren of het, gelet op het materiaalverschil en de ontwikkeling op de andere borden, nog nodig is dat hij doorspeelt. Moegestreden geeft de zwarte Koning zich over en wordt de vrede van Schiedam getekend.
(2-0)

F.G. vlotjes naar 2-0


Offerfeest op zijn Hollands...
Cees Verhagen (1830) had zwart tegen Jan Muit (1491) op bord drie. Cees probeert het eens met een Hollandse verdediging maar geeft al na een uurtje spelen aan dat dat gelijk de laatste keer is geweest dat hij die opening gaat spelen. Blijkbaar was Cees beslist niet tevreden, maar iedere keer als ik bij zijn bord keek vond ik het allemaal best meevallen. Met steeds kleine dreigingen op het witte centrum en de witte koningsvleugel dwong zwart de tegenstander tot een aantal verdedigende zetten die steeds weer een nieuwe verzwakking van de witte stelling inhielden. Toen Cees uiteindelijk ook nog een stuk offerde door het in te laten staan terwijl hij zijn eigen aanval verder opbouwde, durfde wit deze niet te nemen en was het pleit daarna al snel beslecht. In de analyse kon Cees mij niet 1-2-3 duidelijk maken wat er gebeurd zou zijn als wit het offer had aangenomen en het geheel kwam een beetje dubieus op mij over. Nadat ik mijn aandacht weer aan andere partijen wijdde analyseerde hij nog even door en kwam even later melden dat het toch klopte. Dat neem ik dan ook direct van hem aan, want volgens mij is Cees geen speler die over één nacht ijs gaat voor hij zijn stukken in de aanbieding doet. Niet voor niets heeft hij met 3 uit 3 nog steeds een scoringspercentage van 100%.
(3-0)

Cees...100%?


Cees maakt de geïnteresseerde "non playing captain" Andries
deelgenoot van zijn geesteskindje... 


Sinterklaas is voorbij, maar het regent nog cadeautjes...
Op bord vier had Arnold van der Kammen (1480) het voorrecht het met wit op te mogen nemen tegen Djarah Kleinweg (1260), de enige (jonge)dame die de tegenstanders uit Waddinxveen hadden meegebracht. En hier besefte ik al snel dat ik een fout had gemaakt, een ernstige fout: Ik heb Arnold ooit op bord 4 gezet omdat hij het zijn tegenstanders met zwart altijd heel moeilijk kan maken en zo wellicht een hoger geplaatste tegenstander op remise kon houden. De volgende wedstrijd zou hij dan weer gewoon op bord acht spelen. Maar Arnold had in de tussentijd niet meer gespeeld en omdat ik zelf de laatste keer op bord vier gespeeld had en nu niet meedeed was dat bord wederom vrij. Zodoende kwam hij weer op bord vier terecht, maar nu met wit. Nooit had ik er nog aan gedacht dat ik van Arnold helemaal niet weet wat hij normaal met wit opent, behalve dat hij in vluggerpartijen altijd de meest bizarre openingszetten speelt. Ik hoefde er niet eens zelf achter te komen: Triomfantelijk kwam hij mij na de eerste zet melden dat hij 1. a4 !? had geopend. De krachttermen die ik toen uitte slaagden er slechts met moeite in binnensmonds te blijven.

De partij ontwikkelde zich vervolgens tot een soort tombola. Eerst stond zwart beter, met een halfopen f-lijn terwijl een witte loper op b2 tegen een gesloten pionnenfront in het centrum stond te staren. Daarna brak wit de d-lijn deels open en kreeg wit meer ruimte. Vervolgens laat wit een zwart paard in zijn stelling die prompt een vork geeft en een kwaliteit wint, waarna zwart twee zetten later een witte loperzet mist die de kwaliteit weer terugwint. Inmiddels staat Arnold dan beter met een vrijpion op de e-lijn. Terwijl ik nog met Aad sta te discussiëren of Arnold zijn paard moet ruilen op c6 tegen drie pionnen en wat aanvalskansen, krijg ik een seintje dat er iets veranderd is en moet ik plots constateren dat de witte vrijpion verdwenen is en in plaats daarvan zwart nu een vrijpion heeft op de d-lijn. Bovendien heeft zwart een venijnige dreiging op het veld h2 waarmee het een wit paard op g3 gepend houdt. Ik kan bijna niet begrijpen dat deze stelling voortkomt uit de stelling die ik zojuist heb gezien, maar dat schijnt toch echt het geval. Inmiddels komt Arnold vragen of hij remise mag aanbieden. Dat had hij beter vijf minuten eerder kunnen vragen, toen was er nog een kans dat zwart het aannam. Maar nog is het prijzenfestival niet over, Arnold ziet dat hij een pion kon winnen omdat het alleen gedekt staat door een gepende pion, daarvoor gebruikt hij het eerder genoemde paard op g3. Maar die stond daar toch iets belangrijks te doen? Inderdaad! Mat in één op h2 is het gevolg.
(3-1)

Arnold...weggedoken voor het naderende onheil?


Van den vos Reinaerde Piet Hofstee...
Aan bord twee heeft Piet Hofstee (1657) met wit plaatsgenomen tegenover Henk van Erk (1409). Het ratingverschil tussen beide heren doet vermoeden dat Piet de partij met twee handen op zijn rug zou moeten kunnen winnen, maar de praktijk blijkt niet zo simpel: Het begint al gelijk met een pion op e5 die wit al op de tweede zet kan winnen, maar Piet speelt in plaats daarvan een loper. Gemiste kans, maar een zet later kan wit de pion nog steeds slaan en weer neemt Piet hem niet. Nu ken ik Piet als een speler die zijn theorie wel aardig op orde heeft, dus ik begin te twijfelen en zoek naar allerlei openingstrucjes. Is dit een mij nog onbekend systeem waarbij één pion het lokaas vormt voor een gruwelijke vernedering? Ik kan niets vinden en besluit de stelling te onthouden om het thuis nog eens aan Fritz te vragen. Fritz, die toch al niet de meest vriendelijke is in zijn commentaar op schaakpartijen, lacht mij echter nog harder uit dan normaal en geeft aan dat er reeds na enkele zetten sprake is van doorslaggevend wit voordeel. Piet heeft in zijn eigen wijsheid echter een ander plan, maar ziet dat gefrustreerd door een tegenstander die steevast zijn actieve stukken afruilt. Normaal is dergelijk anti-schaak een poging remise te forceren, maar als Piet tijdens één van de ruiltjes ook nog een pion inlevert en zijn ander pionnen vrijwel onverdedigbaar worden, begint het er toch heel hard op te lijken dat zwart deze partij gaat winnen. Beetje bij beetje raakt wit zijn pionnen kwijt en ook nog een stuk. De witte koning staat helemaal klem.

Maar dat is het moment waarop Piet zat te wachten! Want deze sluwe vos had nog een grapje in petto: Een dolle toren. Een dolle toren is een toren die nog als enige stuk kan bewegen, als deze van het bord verdwijnt is het pat en daarom mag hij niet geslagen worden door een speler die meer dan remise beoogt. Nu zie je zelden een dolle toren in een echte partij, maar wat Piet hier presteerde is vrijwel uniek: Hij had er twee! Beide torens konden naar believen schaak geven, wanneer één geslagen werd ging de ander vrolijk verder. En die kon dan niet geslagen worden wegens patdreiging.

Henk was niet blij met deze truc en was nog lang overtuigd dat hij een wending kon vinden die hem toch de winst zou opleveren. Dit leidde nog tot een klein incidentje: De omstanders zagen bepaalde stellingen drie keer of meer langskomen en Piet gaf ook aan dat het remise was, maar kon dit niet aantonen omdat hij minder dan vijf minuten bedenktijd over had en gestopt was met noteren. Zijn tegenstander had nog drie kwartier en moest nog wel zijn zetten noteren maar was daar eveneens mee gestopt. De wedstrijdleider maande Henk dat hij gewoon moest noteren. Henk nam de gelegenheid te baat om even goed naar de stelling te kijken en accepteerde toen remise.
(3,5-1,5)

Piet had er zelf het volgende over te melden:
"Piet tegen Henk aan het werk. Totaal verloren deed de dolle toren op de schaakkerk beschrijvende meetkunde de partij eindigen in een remisère voor Henk. Piet ontsnapt dankzij eeuwig schaak als een vreselijke onmacht, maar voor de club een uitredding als pracht. Elk half punt zwaar bevochten, zoals ook Gerkema op bord één deed. Hij liet geen schaakscheet, hield zich goed in. De rest had goede, zwaar bevochten victories. Een enkeling een dissonant en stond verloren aan de kant. Toch moedig gestreden. Het team heeft er niet onder geleden".

Piet...dolle toren!!

Man of the match...
Jan Brand (1633) had op bord zes wit tegen Herman van Offeren (1062). Dit is de partij met veruit het grootste ratingverschil. Het wordt een damegambiet dat door zwart geweigerd wordt met Pf6 en Le6! Alhoewel dit niet direct tot rampen leidt, is deze laatste zet duidelijk inferieur aan het meer gebruikelijke pion e6. Er wordt geruild op d5 en wit krijgt een ijzersterk centrum. Later slaat wit nog in op h6 en wint het een paard op b8. Zwart krijgt een doorgeschoven vrijpion op a3 en wit op c7. Alhoewel Jan vaak niet de sterkste zet speelt en het afmaken hem veel meer tijd en zetten kost dan nodig was, zijn het stuk voor stuk stevige robuuste zetten die beetje bij beetje tot de winst leiden. En daarmee harkt Jan alweer zijn derde overwinning binnen en scoort hij opnieuw het winnende punt.
(4,5-1,5)

Jan...man of the match...


Voodoo..
Freerk Gerkema (1803) heeft het dit seizoen niet zo naar zijn zin op bord één: Hij komt steevast in grote problemen tegen tegenstanders met een lagere rating. Toch heeft hij nog maar één partij verloren tegen Messemaker’s jeugdtalent Lyam Vrolijk in de eerste ronde. De andere partijen wist hij op onnavolgbare wijze toch tot een remise te brengen. En dat is gelijk de grote kracht van Freerk: Je hebt niet eerder van hem gewonnen dan dat hij je een hand geeft en de stukken in de doos gaan. Er kan zich op het bord nog zoveel gruwelijks afspelen, Freerk weet zich er bijna altijd weer uit te draaien. En dat tot grote frustratie van zijn tegenstanders! Als je hem vraagt hoe ie dat toch doet, kom je steevast in aanraking met Freerk’s nogal over ontwikkelde spirituele kant en begint hij je honderduit te vertellen over Boeddha, yoga en vooral zijn gebeden aan de heilige maagd Maria. Maar nadat ik hem tegen Theo Goor (1689) bezig heb gezien geloof ik er allemaal niets meer van. Quatsch! Ik weet het zeker: Freerk doet aan voodoo! Als ware hij Baron Samedi zelve, hij heeft gewoon vrienden aan gene zijde die hij aanroept als het op het bord misgaat!

En man, oh man.. ging het even mis op dat bord! Freerk liet zich volledig klem zetten. Zijn stukken konden geen kant uit, hij verloor twee pionnen en als ik me goed herinner raakte hij op enig moment ook nog een paard kwijt, maar dat heb ik niet goed gevolgd. Hoe dan ook, hij stond straal verloren, geen redden aan, einde oefening! En toen liep ik even een paar minuten naar een ander bord…
(5-2)

Freerk (ra) wonderlijke remise...


De Turkenburg is gevallen..
De laatste partij die nog bezig was, was vergeleken met de andere partijen een soort anticlimax. Gerard Turkenburg (1535) speelde aan bord 7 met zwart tegen Marten Nitrauw (1189). Het was een oerdegelijke, rustig opgebouwde, gesloten partij waarbij beide spelers lange tijd recht tegenover elkaar stonden op de damevleugel. Uiteindelijk breekt wit door en verliest Gerard een paard waarna hij het in het eindspel niet meer kan redden.
(5-3)

Gerard...ten onder


Concluderend moet ik vaststellen dat we, behalve aan bord één, overal minimaal tweehonderd ELO ratingpunten meer hadden en soms zelf vier- of vijfhonderd. Als dit team kampioen wil worden, dan had deze wedstrijd met minimaal 7-1 gewonnen moeten worden. Maar het werd 5-3 en gedurende de avond zag het er zelfs lang naar uit dat het wel eens 4-4 zou kunnen worden! Volgende ronde wacht de uitwedstrijd tegen Moerkapelle 2, een team dat tot nu toe met de hoogste gemiddelde rating is verschenen en dat tot aan deze ronde precies gelijk stond met ons. We moeten er van uit gaan dat zij vrijdag met een groter aantal bordpunten zullen winnen van 3-Torens 3. Kortom: De laatste drie wedstrijden moeten nu gewonnen worden: Als we gelijk spelen zijn er altijd nog twee teams met meer bordpunten en als we verliezen is het gelijk einde oefening…

Andries...concluderend...


Verslag: Andries Schukking
Fotografie: Frans Groeneweg
Ballonografie: Aad Juijn



               3-Torens 3 – HZP Schiedam 2   1-7  Klasse 3 B, ronde 3

Wat doet een “normaal” mens zoal op de vrijdagavond?... Misschien moet de vraag meer zijn: Wat zou een “normaal” mens zoal op de vrijdagavond moeten doen?... Schaken in Bergschenhoek?

Sinds ik mijn functies van wedstrijdleider extern en teamleider van het 2e team en het voormalige 3e team heb neergelegd, kwam ik op het idee om eens ’n keertje als supporter mee te gaan, per slot van rekening speelt één van mijn dochters (Elise) in dit 2e team. Bovendien is het 2e team onder mijn regie gedegradeerd, mijn bedoeling is nu door enige betrokkenheid te tonen, het te doen lijken alsof er toch sprake is van een zekere vorm van schuldbewustheid. Feitelijk heb ik voor mijn opvolger (playing teamcaptain Andries Schukking) de poort naar succes wagenwijd opengezet. Het team speelt immers nu 3e klasse RSB, en wint tegenwoordig de één na de andere wedstrijd, en is samen met de IJssel 2 en Moerkapelle 2 serieus kandidaat voor de titel.

Aad...akelig voorgevoel
Oké…mee dus om te supporteren. De reis verliep als zo vaak voorspoedig, en het vinden van 3-Torens nieuwe clubgebouw kende ook weinig problemen (slechts 2 x de weg gevraagd). Elise heeft een “autonomiteits issue”, en weigert derhalve een TomTom aan te schaffen. Binnengekomen, bleek iedereen van “ons” team al aanwezig. Een van onze spelers vond de sfeer van de ruimte iets uitademen in de “geest” van een crematorium. Dit gevoel werd nog versterkt doordat de bardame steevast een stukje cake bij de koffie presenteerde. Teamcaptain Andries was blij dat ondergetekende  was meegekomen! Op dat moment bekroop mij een akelig voorgevoel, wanneer mensen blij zijn dat je er bij bent, zit er nogal eens een addertje onder het gras, in dit geval hing er zelfs  ’n Boa Constrictor in de boom…”Mooi dat je er bij bent, zou jij misschien teamleider willen zijn”? “Dan kan ik tenminste mijzelf richten op mijn partij”. Enigszins vertwijfeld vroeg ik…”en het verslag”? “Nou ja…als jij een paar aantekeningen zou willen maken”?! Mijn verweer bestond uit het zwakke argument dat ik geen aantekeningenblok bij mij had. Van alle kanten werd mij de helpende hand toegestoken, alle chauffeurs overhandigden hun routebeschrijvingen, met de mededeling dat ik op de achterkanten van de gewraakte A4’tjes aardig wat ruimte zou vinden…

Zo loop je dus op vrijdagavond in Bergschenhoek, als “normaal” mens, met een pen en papier in je hand, zin en betekenis te geven aan (soms onbegrijpelijke) zettenreeksen, waarvan je jezelf afvraagt of de betrokken spelers het eigenlijk zelf wel snappen. Maar zoals reeds eerder gesuggereerd, ik sta bij ze in het krijt (…hoewel ikzelf vind, dat ze bij mij in het krijt staan. Zij hebben het toch potdomme af laten weten, vorig seizoen)…

Een leuke en spannende primeur viel er nog wel te noteren in team 2…Ons (enige) jeugdlid Diëgo Kaersenhout (10 jaar) speelde vandaag zijn eerste RSB partij in seniorenverband! Pa Kaersenhout (met onafscheidelijke laptop) was met zoonlief Diëgo al ruim voor aanvang van de wedstrijd aanwezig in de aula van “De Smitshoek”, het nieuwe thuislokaal van 3-Torens. Ik denk dat Diëgo best wel zenuwachtig was, hoewel dat niet was te merken. Hoe zijn debuut verliep leest u zo dadelijk verderop in het verslag.

Dan zijn wij nu aan de wedstrijd toegekomen, waarbij wel even de aantekening dat het onderlinge krachtsverschil (rating) tussen de 2 teams nogal een statement was.

Vlak voor de wedstrijd...


Eerste de beste…
Op rating was ons nieuwe lid Cees Verhagen (1830) op papier de sterkste speler van het 16-tal combattanten, dat vanavond de (ongelijke) strijd aanging. Aan bord 3, en dus met wit. Tony Tang (1410) had de discutabele eer om met zwart Cees beentje te lichten. Het ratingverschil deed echter het ergste vermoeden. In de opening vochten beide spelers op invloed in het centrum, daar werd het inderdaad druk en ontstond een zekere hoogspanning. Op de 14e zet slaan kennelijk door de hoogspanning de stoppen door, en ontstaat er bij zwart kortsluiting…Cees wint ’n stuk. Tony gooit nu alles op een koningsaanval, en slaat met een schijnoffer Cees koningsstelling uit elkaar. Het gevolg van dit schijnoffensief is dat de dames en nog wat stukken van het bord gaan, Cees houdt natuurlijk wel zijn stuk meer over. Na nog meer witte druk wordt het stuk een toren voor. Na nog wat gespartel in de marge geeft Tony op. Een snelle 0-1 voorsprong derhalve!

Cees...sterkste man


Nog meer kortsluiting…
Aan bord 7, en dus ook met wit, speelde Gerard Turkenburg (1535). Tegenstander hier was Martijn Vroegindeweij (1070). Het ratingverschil is ook hier weer beangstigend hoog. Gerard zet zijn partijen degelijk op, ook met wit! Een strategische kwestie aldus. Gerard begon voorzichtig met de opstelling d4 en c3, maar om verder te komen besloot Gerard dat de pion toch op c4 moest staan, en daar komt hij ook het best uit de verf (m.i.). De stelling is best gelijkwaardig, en lastig te beoordelen. Martijn speelt het prima. Dan volgt er een diep triest moment (kortsluiting). Martijn zijn dame staat ongedekt op a5, Gerard biedt door De1 dameruil aan. Martijn negeert het zaakje, doet achteloos een loperzetje, en gaat van de tafel richting bargedeelte. Gerard kijkt mij aan, en pakt zonder gêne de zwarte dame. Martijn komt weer niets vermoedend binnenwandelen, neemt plaats achter zijn bord, en ziet dat zijn dame van kleur is veranderd! Bizar en triest…evenzogoed 0-2!

Gerard...dame cadeau!


Kleine man, grootse partij!!   
Normaal bewaren wij mensen het lekkerst voor het laatst, maar ik behandel de partijen in chronologische volgorde, dus…Debutant Diëgo Kaersenhout (jeugdrating 812) speelde zoals eerder vermeld zijn eerste RSB teamwedstrijd in seniorenverband. Aan het zwarte bord 8 trof Diëgo, Ron Vollebregt (957) tegenover zich. Zoals we dat gewend zijn, schudde Diëgo de opening supersnel uit zijn mouw. Ron zat met een dubbel iso op de c-lijn opgezadeld, en Diëgo een achterblijvertje op d6. Ron lost zijn dubbelpion op tegen pion d6, nu is e5 het achterblijvertje van Diëgo. Wit lijkt wat beter te staan. Ik gaf Diëgo tot 2 x toe ’n seintje dat remise oké was. Ik vergat natuurlijk dat Dolf Meijer zijn leraar was, en die leert zijn leerlingen dat zolang er strijd mogelijk is…doorgaan! Daar leer je natuurlijk wel het meest van. Er ontstaat een toreneindspel met voor beiden 5 pionnen. De torens gaan er ook af, en tegelijkertijd biedt Ron remise aan. Diëgo gaat door!! En vindt op buitengewoon knappe wijze, de weg naar winst, op één tempo nota bene! Enkele 3-Torens deskundigen buigen zich nog over het pionneneindspel, en kunnen niets anders concluderen dat het in alle varianten uit was!! Erg knap gespeeld Diëgo! Je trainer en je vader, maar ook wij zijn trots op je!! Ga zo verder en je wordt een heel goeie! 0-3

Diëgo...fantastisch debuut!


Een draak van ’n Najdorf…
Aan bord 2 (zwart) ons wandelende (doch verouderde) theorieboek Piet Hofstee (1657). Tegenstander was Arno Verbakel (1422). Ik schreef in mijn aantekeningen voor dit verslag, dat de opening een Siciliaanse draak was. Weliswaar speelde Piet op de 5e zet de Najdorf zet a6, maar op de 6e zet toch ook g6. Hiermee was het voor mij een draak geworden. Piet kon zich hierin niet vinden, en noemde het dan maar een mengvariant van beide systemen. Mijn schaakprogramma houdt het toch echt op ’n draak, genoeg theoretisch gelul nu. Arno rokeerde lang, en Piet liet zijn koning in het centrum staan (de gehele partij). Piet vond spel langs de c-lijn, terwijl Arno zijn heil op de d-lijn zocht. De witte dame stond uitdagend op veld d5, midden in het strijdgewoel. Piet zag scherp dat de dame hier niet safe stond, voor Arno het in de gaten had, dreigde zij ingesloten te worden. Om dit te beletten moest een stuk worden gegeven, de rest was aan Piet natuurlijk wel besteed! 0-4   

Piet...0-4


Met deze tussenstand was teamverlies uitgesloten (dit voor de pessimisten onder ons), er moest dus nog een halfje bijkomen voor de winst. Nu was het zelfs op dit moment verre van duidelijk of 3-Torens nog wel aan ’n halfje zou komen. De strooptocht gaat verder…en wel met de bedenker van al dit kwaad, de captain himself.

Predator Schukking…
Hij had zichzelf aan het zwarte bord 4 gezet, teamcaptain Andries Schukking (1645). Tegenstander was Jan Breugem (1398). Wij bij HZP Schiedam kennen de rare openingen van Andries inmiddels wel. Indien je er niet mee bekend ben, is het rare koek. Jan liet zich op zijn koningsvleugel niet gek maken en stelde zicht solide doch actief op. Toen Andries achter zijn eigen linie met zijn koning ging wandelen (Kd7) meende Jan toe te moeten slaan. Met een opmerkelijk schijnoffer wist Andries de aanval over te nemen (damevleugel), dit in combinatie met een sterk centraal opgesteld paard. Het geintje leverde een kwaliteit en bovendien ’n ongenaakbare aanval op. Jan zag wijselijk van verder spelen af! 0-5     

Andries...geestelijk vader van 't team


Brand meester…
Aan het zwarte bord 6 speelde Jan Brand (1633), tegenstander Ron Bijl (1112) bediende zich met de Franse ruilvariant. Daar de dames ook nog eens vroeg naast het bord terechtkwamen, was de partij gedoemd een touwtrek potje te worden. Ron stopte Jan de helpende hand toe, door op onhandige wijze een stuk in te leveren. Toch was het klusje daarna verre van eenvoudig, er stonden teveel pionnen op het bord, bovendien stonden Jan zijn stukken niet bijster actief. Laat op de avond, en na veel gemanoeuvreer deed Ron nog maar een stuk in de aanbieding. Nu was het restant van de witte stelling echt heilloos te noemen, Jan maakte nu korte metten met de witte ruïne…0-6

Jan...2 stukken voor!


Sympathie of gewoon lui?   
Aan bord 5 en dus met wit, speelde ons enig vrouwelijk lid Elise Juijn (1601) tegen Patrick Smaal (1052). Het ratingverschil is nogal erg aanwezig. Elise is de laatste tijd wat minder gemotiveerd met schaken bezig, en dat is merkbaar. De partij werd rustig opgezet, totdat Elise met de opmars g4 een andere weg insloeg. Patrick zocht met een dame uitval zijn heil op de damevleugel, en dat leverde zowaar de a-pion op. Toen Elise nog maar een pionnetje in de aanbieding deed, hapte Patrick meteen toe. Dit pionnetje was echter vergiftigd en kostte Patrick een kwaliteit. Zwart ging nu vol in de verdediging, en hoewel Elise technisch gewonnen stond, was de rit nog een hele klus. Elise vond het wel best, en mede omdat zij Patrick wel sympathiek vond bood zij remise aan. Patrick twijfelde geen moment…½-6½   

Elise...sympathieke tegenstander


Oef!!
Resteert het witte bord 1 nog…Freerk Gerkema (1803). Tegenstander Erik Smits (1455) liet 2 x een uitgelezen kans lopen om voor het enige 3-Torens volle winstpunt te zorgen. Freerk was zich na afloop goed bewust van dit feit, en beklaagde zich dus bepaald niet. De strijd spitste zich aanvankelijk toe op de c-lijn. Freerk lijkt optisch beter te staan. De witte paarden dringen het vijandelijke kamp binnen, maar Erik doet met zijn paarden het zelfde, een zeer complexe maar spannende fase breekt aan. Zwart mist een matcombinatie en heeft dat achteraf in de gaten, altijd lastig om met zo’n wetenschap van ’n gemiste kans door te gaan. Op een bepaald moment hangt er van alles bij Freerk, en lijkt de ondergang nabij. Ik denk dat Erik ergens in deze fase het sterker had kunnen doen. Freerk weet nu op wonderlijke wijze te ontsnappen, en beide spelers vinden het mooi geweest en besluiten tot remise…1-7   

Freerk...zware bevalling


2 compartimenten...
Het valt op dat in onze klasse 3B de teamsterkten sterk uiteenlopen, je zou deze klasse in 2 compartimenten kunnen indelen. De bovenste helft, 4 teams van rond de 1600 en hoger (max. 1672 tot nu toe). De onderste helft van 4 teams variërend van ongeveer 1150 tot 1550. Door dit fenomeen zijn de “monsterscores” dus niet van de lucht. De volgende wedstrijd (maandag 16 december thuis) krijgen wij te maken met WSV 3 (de rode lantarendrager). De rondes 5 (Moerkapelle 2) en 7 (de IJssel 2) zijn matches tegen directe concurrenten, terwijl in ronde 6 het grillige team van RSR Ivoren Toren 5 nog verslagen moet worden. Al met al nog een spannende competitie voor de boeg, waarbij misstappen erg ongewenst zijn…voorlopig gaat “ie goed!

Verslag/Storyboard: Aad Juijn
Fotografie: Andries Schukking


             

                    HZP SCHIEDAM-2   -  HET HOUTEN PAARD-1

Het team van Het Houten Paard-1 kwam afgelopen maandag bij ons om het op te nemen tegen ons tweede team. Omdat teamleider Andries Schukking zelf in ons team speelde en onze wedstrijdleider-RSB in het bekerteam speelde, was aan Frans Groeneweg gevraagd om naar de wedstrijden van ons team te kijken, terwijl Jan Zoorob optrad als wedstrijdleider en naar de partijen van het bekerteam keek.

Jan...optreden als wedstrijdleider


Andries...hoofdprijs
Andries had vooraf voorspeld dat hij de hoofdprijs zou krijgen en dat klopte: al onze spelers hadden een hogere rating dan hun tegenstander, behalve Andries, want zijn tegenstander had 200 ELO-punten meer.

Aan bord 4 speelde ons nieuwe lid Cees Verhagen (ELO rating 1830) met wit tegen Arie Langendoen (1615). Cees speelde agressief en zette zo snel mogelijk een koningsaanval in: Tf1 ging via f3 naar h3, de dame ook naar de h-lijn en de g-pion naar voren. Cees deed het zorgvuldig en betrok steeds meer stukken bij zijn aanval. Alles werkte prachtig samen, terwijl Arie ruimtegebrek had waardoor zijn stukken niet goed konden verdedigen. Arie zag dat het hopeloos was en gaf op. Een prachtige aanvalspartij van Cees !!! (1 - 0)

Cees...uitstekend RSB debuut!


Aan bord 3 speelde Piet Hofstee (1657) met zwart tegen Kees Schrijvers (1554). Kees rokeerde kort, terwijl Piet voorlopig niet rokeerde. Piet ging met de pionnen op de koningsvleugel naar voren voor een koningsaanval. Maar de dames en drie stel lichte stukken werden geruild en toen leek het remise achtig. Piet rokeerde toen lang en kreeg een sterke aanval via de h-lijn. Piet kon de loper van Kees veroveren. Uiteindelijk hadden beiden een toren en 5 pionnen en Piet had een loper extra. Uiteindelijk dreigde Piet met twee pionnen te promoveren waardoor het om kwart voor 11  al 2 - 0 voor ons was. Prima Piet!

Piet...snel op 2-0!


F.G. Maas (1527) speelde aan bord 8 met wit tegen Ralph Zwart (1368). In een Engelse partij ontwikkelden beiden eerst keurig alle stukken, maar vervolgens bleek het erg moeilijk om serieuze dreigingen te ontwikkelen. Beiden hielden elkaar in evenwicht zodat remise de normale uitslag was (2.5 - 0.5).

F.G. met wit tegen Zwart...


Aan bord 5 had Jan Brand (1633) zwart tegen Marco Beije (1480). Jan speelde zijn vertrouwde Stonewall. Jan had wat meer ruimte door zijn pionnen op e5 en f5. Jan kwam iets dreigender te staan, maar na afruil hadden beiden 2 torens, een loper en 7 pionnen. De lopers waren van ongelijke kleur. Jan zag geen winstkansen en remise was een feit
(3 - 1).

Jan...geen winstkansen


Gerard Turkenburg (1535) had aan bord 6 wit tegen Sander Dröge (1418). Sander had eerst het beste van het spel. Hij kreeg een pion op c3 en viel aan via de a-, b- en c-lijn. Na een grote afruil hebben beiden een toren, een loper en 5 pionnen. Het spel gaat verder, de torens worden geruild en Gerard heeft een plus-pion. De lopers worden ook geruild. Gerard heeft twee verbonden vrijpionnen, die dus niet aangevallen kunnen worden door de koning van Sander en zijn koning moet er wel bij blijven. Maar Sander gaat een vrijpion maken aan de rand van het bord, terwijl de koning van Gerard aan de andere kant van het bord staat. Maar de koning van Gerard komt precies op tijd en dan is het afgelopen (4 - 1) Prima gedaan.

Gerard...prima gedaan!


Aan bord 8 speelde Elise Juijn (1601) met zwart tegen Jan van Es (1480). Eerst was er een strijd om de open e-lijn. Vervolgens gingen de torens van het bord. De pionnen stonden precies tegenover elkaar en het leek remiseachtig. Maar Elise kreeg initiatief. Er ontstond een eindspel, waarin beiden een dame en paard hadden. Elise had inmiddels 6 pionnen, tegen Jan 5 pionnen. Elise kreeg twee verbonden vrijpionnen en aanval en dat was voldoende. Elise, prachtig gespeeld (5 - 1).

Elise...prachtig gespeeld!


Freerk Gerkema (1803) had zwart aan bord 1 tegen Bram Nederhof 1657). Na e4-e5 bleven beiden verder op hun eigen 3 achterste rijen. Later wordt Bram wat agressiever en komt Freerk passief te staan. Freerk slaagt er in om zich te bevrijden en er wordt veel geruild tot beiden alleen 6 pionnen hadden en remise werd overeengekomen (5.5 - 1.5)

Freerk...remise


Andries Schukking (1670) had aan bord 2 wit tegen Ruud Bosch (1874). Het begon veelbelovend: Andries sloot een loper van Ruud in met een pion en veroverde die loper voor een pion. Andries rokeerde vervolgens kort en Ruud rokeerde lang. Met een fraaie truc weet Ruud het stuk terug te veroveren. Beiden proberen vervolgens een koningsaanval, maar de aanval van Ruud is veel te sterk en Andries moet opgeven.

Teamcaptain Andries...verslikt zich in Ruud.


Hierdoor wint ons team met 5.5 - 2.5!!! Frans was onder de indruk van het spel van ons team!! De eerste twee wedstrijden heeft ons team nu gewonnen en stiekem gaan we aan promotie denken. Dat is echter wel wat voorbarig, want er zijn meerdere teams met een vergelijkbare gemiddelde rating.

Frans...kampioenschap? Voorbarig?


Verslag/Fotografie: Frans Groeneweg
Storyboard (ballonnetjes): Aad Juijn




                  
                          Messemaker 1847 5 vs. HZPS 2 (1e Ronde)


Vrijdag 4 oktober moest ons opgeknapte 2e team (nieuwe formule, nu nog schoner) voor de eerste wedstrijd van het seizoen naar de scherpslijpers uit het 5e team van Messemaker 1847 in Gouda. Vooraf meldden alle acht, maar liefst zeven, slechts zes basisspelers zich beschikbaar. Geen nood, vervangers werden gevonden in Ron van Vuuren en Nick Wiegman.

Volgt u het nog?
Ook David ging mee om de teamleider te assisteren en het verslag te maken. Drie dagen voor de wedstrijd kregen wij echter bericht dat de wedstrijd niet om 20:00 uur begon zoals normaal, maar om 19:30 uur. Dat komt doordat de tegenstanders niet bestonden uit het 5e team van Messemaker van vorig jaar, maar het 4e van toen dat nu het 5e is en het 5e werd het 4e en dat 4e wat nu het 5e is, is dus een jeugdteam en die spelen vroeger. Volgt u het nog?

Paniek! Hoe vertel je zeven spelers dat ze een half uur eerder moeten spelen als je slechts van drie e-mail adressen hebt en verder nog van een paar mobiele nummers en tenslotte van twee spelers alleen een vast nummer waarvan er één permanent bezet is? Na drie dagen bellen, mailen en zelfs thuisbezoek hadden we van vijf spelers bevestiging en van nog eens twee de toezegging het uiterste te doen op tijd te zijn. Alleen Freerk leek van de aardbodem verdwenen.


Ron...autopech!
Even leek de voorzienigheid in te grijpen toen we opeens telefoon kregen van Messemaker dat men bereid was de wedstrijd een kwartiertje op te schuiven tot 19:45 uur. Geweldig! Zelfs als we Freerk helemaal niet meer zouden spreken zou hij nog altijd rond zeven uur bij het clubhuis zijn en hadden we dan drie kwartier om in Gouda te geraken. Maar om kwart voor zeven, we wachtten alleen nog op Freerk, deed het noodlot zijn ijzersterke tegenzet: Ron van Vuuren belde dat hij langs de Rijksweg stond bij Moordrecht met autopech.

Onderweg in de auto was het de vraag hoeveel spelers er van HZPS eigenlijk op zouden komen dagen: De auto’s raakten elkaar kwijt in Gouda door oponthoud bij diverse stoplichten en één auto reed prompt verkeerd. Van Nick Wiegman, die net als Ron met eigen vervoer kwam, was nog helemaal niets bekend. De vervolgvraag is of deze situatie een gezonde stress met zich mee brengt voor de wedstrijd…

Ondertussen leidde de routeplanner ons naar een voormalig spooremplacement dat alleen via een soort van fietspad te bereiken was. Gelukkig bleek Nick daar al aanwezig en tien minuten later had ook de laatste auto het goed verborgen nieuwe speellokaal van Messemaker 1847 gevonden en kon de wedstrijd op tijd beginnen…

Op het wedstrijdformulier stond geschreven dat Ron van Vuuren het opnam op bord 7 tegen Gerrit Jan Hondelink. Na een uur was deze stelling nog steeds volkomen in balans… Er was namelijk nog geen zet gespeeld. Ondanks dat de ANWB hard gewerkt had om de auto van Ron van een nieuwe gaskabel te voorzien, was het hem niet gelukt tijdig naar Gouda te komen... 
Uitslag 1 - 0 voor het thuisteam.



Ron...stelling in evenwicht

Aan bord 3 speelde Piet Hofstee met de witte stukken tegen Jelle Hondelink. Het was een Open Siciliaan waarin wit de g3 variant speelde en Jelle besloot de drakenvariant te spelen… Piet verraste zijn tegenstander door in de opening met zijn paard op c6 te slaan en na een stuk afruil lag de stelling open waarin beide koningen in het midden stonden. Zwart werd dit te veel en koos ervoor om de dames van het bord te halen. In het middenspel sloeg Piet met zijn loper een pion op e7 waarna kwaliteit won omdat een toren en een paard instond. Piet offerde in het eindspel de kwaliteit terug en kreeg hiervoor een vrijpion op de a- lijn en een actieve koning in het toreneindspel. Wit had nog 5 pionnen en zwart had er 4. Voor wit was de stelling technisch gewonnen. Vakkundig bracht Piet de 1 – 1 op het scorebord.



Piet verraste weer eens...


Aan bord 8 mocht Nick Wiegman met zwart invallen tegen Simon Groenendijk. Het werd een Spaanse opening waarin vroeg werd ingeslagen op c6 waardoor zwart koos voor een pion op a6, c7,c6, d6, f7, g7 en h7. De stelling ontstond waarin beide spelers beschikte over de torens, dame, zes pionnen en een licht stuk. Het verschil zat hem in dat Nick een loper heeft en Simon een paard. Nick kon met zijn paard de dame aanvallen en vervolgens kon hij naar het veld c4. Hij dreigde een pion of een kwaliteit te winnen. Wit koos voor het laatste… Dus Nick sloeg met zijn paard op b2 en stond hiermee een pion voor. Vervolgens zag Nick kans om zijn paard op het mooie veld e3 te planten. Alsof dit nog niet genoeg was pakte hij vervolgens met zijn paard een tweede pion (misschien wel de vergiftigde pion). Omdat de toren het zwarte paard aanviel moest deze worden gedekt door de dame. Hierdoor was het paard van Nick gepend. Deze druk werd opgevoerd en tegelijkertijd offerde zwart een stuk op de koningstelling van Nick. Helaas voor Nick was hier niks meer tegen te doen. Desondanks heeft Nick goed partij geboden! 
2 – 1


Als ik mijn zenuwpezen nou doorbijt...Zou dat helpen?

Gerard Turkenburg op bord 6 speelde met zwart de Slavische opening tegen de enige (jonge) dame Ida Hondelink. Wit speelde de zwartveldige loper buiten haar pionnen keten. In het middenspel creëerde Gerard veel dreiging door een batterij op te zetten door zijn loper te plaatsen op dezelfde diagonaal waarop zijn toren te bevinden is en daarachter de dame van de tegenstander. Dit leidde tot een gecompliceerde stelling waarin zwart een gezond stuk heeft weten te veroveren. Gerard trachtte zijn dame af te ruilen maar wit besloot dit niet te doen waardoor Gerard alsmaar actiever werd. Gerard sleepte het punt degelijk en keurig binnen en bracht de stand op 
2 – 2



Gerard: Oerdegelijk!

Aan bord 2 zat de playing teamcaptain Andries Schukking met zwart tegenover Jasper van Wijhe. Andries is Andries niet als hij niet ongebruikelijk opent. Op openingszetten e4 en Pf3 gaf Andries zijn antwoord door Pc6 te spelen en vervolgens f5, ook wel het Nimzowitsch Defence Colorado Counter genaamd! Dapper! In het middelspel had wit een dubbelpion op d3 en d4 staan en Andries had een hangende pion op e6. Andries won op een gegeven moment een gezonde pion maar door een blunder stond het even later qua materiaal weer gelijk. Echter stond Andries positioneel beter door de opmars van een vrijpion op d2. Dit resulteerde in een overwinning.
2 - 3



Pfff met David die op mijn vingers kijkt,
staat nu al het zweet op mijn voorhoofd...

Arnold van der Kammen aan bord vier speelde zijn eigen spelletje, de Hedgehog defence. Uw reporter moet bekennen dat dit ‘’gekke’’ systeem niet altijd eenvoudig is om met wit door heen te komen. Afgelopen maandag trok Arnold in een vluggertje al aan het langste eind. Snel terug naar vrijdagavond… Arnolds tegenstander Steven Fleuren ging in de opening volop in de aanval door met 3 pionnen 2 stappen vooruit te doen (d4, e4, f4 en later zelfs g4!). In de partij creëerde zwart een doorgebroken pion maar in dit stadium was deze niet gevaarlijk. Kort daarna kon Arnold de loper van zijn tegenstander insluiten door met zijn dame pionnen een opmars te beginnen. Na een aanval en dreigingen van Steven teniet gedaan te hebben bleek het stuk voldoende voor de 2-4 voorsprong…



Loopt zijn klok nu? Als mijn "Hedgehog Defence" maar klopt...


Freerk Gerkema met wit speelde tegen de 11 jarige Liam Vrolijk (kampioen RSB PK B groep!) aan bord 1. De partij werd vanuit een d4 opening degelijk opgezet en waarin wit zijn loper naar b2 ontwikkelde en zwart ontwikkelde zijn zwartveldige loper buiten de pionketen op f5. Na de opening kreeg Freerk een pionmeerderheid op de damevleugel en wit creëerde een pionmeerderheid in het centrum. Naarmate de partij vorderende was de extra pion op de damevleugel, inmiddels vrijpion, niet meer te houden. Naast het pionverlies stond Freerk onder druk. Dit koste de nodige minuten. Uiteindelijk werd het zelfs Freerk te veel.
3 - 4



Die kleine jongen (11 jaar) schaakt toch best groots...

De partij welke het langst duurde werd gespeeld aan bord 5 door Jan Brand en Matthijs Borst. Jan opende met d4 en zwart speelde het QGD Chigorin Defense (1. d4-d5 2. c4-Pc6!?). Een onorthodox systeem… Desalniettemin wist Jan, zoals wij hem kennen, de partij rustig en bekwaam op te zetten. Hierna verloor Jan door een foutje zijn c4 pion. Maar Jan kreeg van zijn tegenstander de pion op c4 terug aangeboden en direct hierna de pion op c7. Jan ging dankbaar in op beide aanbiedingen. Nadat Jan een stuk veroverde was de overwinning van de opening van het seizoen voor HZPS 2 een feit! 3-5

Jan oppermachtig!



Fotografie/Verslag: David van der Mast
Playing Captain/Inleiding: Andries Schukking
Storyboard (ballonnetjes): Aad Juijn









Een reactie posten