donderdag 10 september 2015

Bekerteam 2014/2015


 Seizoen 2014/2015








4e Ronde RSB Beker (halve finale), Rokado – HZP Schiedam   3-1

... aldus de Britse psycholoog
“De plaats waar optimisme het meest hoogtij viert is het gekkenhuis”… aldus de Britse psycholoog Havelock Ellis (1859-1939). De vader van de Amerikaanse literatuur Samuel Langhorne Clemens, beter bekend onder zijn schrijversnaam Mark Twain (1835-1910) zei over optimisme “Wie een pessimist is voor zijn 48ste jaar weet te veel; wie een optimist is na zijn 48ste jaar weet te weinig”.

Tijdens de laatst gehouden algemene ledenvergadering zocht men een non playing captain voor het RSB bekerteam. En zoals te doen gebruikelijk rond zo’n ‘zetelverdeling’ of beter gezegd ‘stoelendans’… is er altijd wel een of ander type te vinden die hetzij vanuit een soort onschuldig kinderlijk optimisme, of vanuit een ziekelijke manifestatiedrang/controledwang/machtconflict o.i.d. zijn vingertje omhoog steekt. Ondergetekende is waarschijnlijk meer zo’n 48 plusser waar Mark Twain het over had. Ik ben ook jááááren teamleider van het 2e geweest… in die functie voelde me ik dan weer meer geassocieerd met betrekking tot de uitspraak van Havelock Ellis. In ieder geval is er iets met mij dat ik goed in de gaten moet houden, met name tijdens vergaderingen. Gedurende dit seizoen was mijn gestelde doel als teamleider het winnen van de RSB beker, en deze ambitie was ingegeven door het ‘succes’ van vorig seizoen… de nipt verloren finale tegen het ijzersterke C.S.V.

… en nu teleurgesteld?
Wij mensen zijn over het algemeen niet zo goed in het omgaan met teleurstellingen of tegenslagen. Om dit nare gevoel tegen te gaan heeft het merendeel van de mensen daar de inventieve strategie van het “weg relativeren” tegen ontwikkeld. De moeder van alle “weg relativerende” spreuken is de aansprekende doch cynische spreuk “geld maakt niet gelukkig”, cynisch omdat deze spreuk het meest wordt gebezigd door de financieel minder bedeelden onder ons (op het toilet van Bill Gates zal de spreuk niet hangen, eerder zijn natuurlijke tegenhanger “geld opent alle deuren”). Op het afspreekpunt voorafgaand aan deze wedstrijd, waren FM John van Baarle en ik het er over eens dat Rokado ‘te doen’ moest zijn. Na afloop van de wedstrijd waren FM John en ik het er over eens dat je beter kunt verliezen in de halve finale dan onderuit gaan in de finale…  tja?! Een soort van eeuwige tweede zijn, zeg maar, het ultieme “Joop Zoetemelk gevoel” is toch ook een soort van ‘karma’ dat erg in je systeem gaat zitten… “het grote net niet verhaal”. Mooi zo, alom opluchting en blijdschap dus na de verloren halve finale, en wij leven dan met gepaste gevoelens van consideratie mee met de ‘jongens’ van Rokado voor welke de prijs in de finale zal zijn… een kortstondige roes of een langdurige kater.

Aperitief…  
Uitgelezen persoonlijkheid...
Vooraf kampte teamleider Aad Juijn met het vervelende issue van de immer terugkerende inval perikelen. Ruim van te voren was al bekend dat onze topscorer van de reguliere RSB competitie David van der Mast af moest haken. David kampt met een hardnekkige longinfectie en is daardoor al geruime tijd buitenspel. Aangezien de teamleider niemand anders op de vereniging dan uitsluitend zichzelf competent genoeg acht om op een dergelijk niveau te ‘excelleren’, moest er dus een geschikte teamleider worden aangewezen, welke ook nog eens in staat moet zijn om ter zake doende aantekeningen voor het latere verslag te kunnen produceren. Zo’n iemand hebben wij dan weer wel op de vereniging. Chauffeur en bijna alleskunner (invallen in het bekerteam gaat niet gebeuren) F.G. Maas is de uitgelezen persoonlijkheid voor deze buitengewoon verantwoordelijke positie. Het dilemma van de fotografie loste zich als vanzelf op, dankzij de komst van onze trouwe doch argeloze supporter Jan Zoorob. Op mijn vraag of Jan de fotoreportage op zich wilde nemen was het antwoord bevestigend nog ontkennend (hij deed het natuurlijk wel). Nu we het toch over supporters hebben; Daniël van Loenen is bij uitwedstrijden meestal in gezelschap van vader Daan. In hoeverre dit op vrijwillige basis gebeurt is mij niet geheel duidelijk, het zou kunnen zijn dat Daniël bijgelovig is, en Daan meer in de hoedanigheid van mascotte (voorwerp waarvan de eigenaar denkt dat het geluk brengt) meetroont. Ondanks de inzet van Daan zijn de schaakresultaten van Daniël nog niet echt overtuigend, en dus was de “groep van Loenen” vanavond uitgebreid met Fawzia van Loenen (de vrouw van Daniël). Fawzia is ook nog eens van professie psychiater (handig, wanneer je getrouwd bent met Daniël), bovendien is iemand uit zo’n beroepsgroep, in relatie met welk team van HZPS dan ook, nauwelijks een overbodige luxe te noemen. Ter compensatie naar Daniël, mijn vrouw werkt in een zorginstelling voor mensen met verstandelijke beperkingen… zo zie je maar, vrouwen kunnen werk en privé kennelijk lastig scheiden. Overigens is dit meteen één van de redenen waarom ik mijn vrouw nimmer zou meenemen naar een schaakvereniging, voor je het weet ben je haar kwijt, immers de schaakwereld zit boordevol met ‘interessante’ cases…

Hartelijke ontvangst…
Poolkledij onaangeroerd...
F.G. Maas had zich tot in alle details voorbereid wat betreft de reis, inclusief de aanleg en vertrektijden van “The Queen Jacqueline” het pontje dat de overtocht van Hekelingen naar Nieuw-Beijerland verzorgt. Na precies een half uur gereisd te hebben bereikten wij om half acht Dorpshuis "De Swaensvoet" het onderkomen van Rokado. Wedstrijdleider Jos Visser trakteerde ons op een ‘bak’ koffie en praatte ons bij over de “clubgebouw geschiedenis” van Rokado. De “groep van Loenen” arriveerde om tien voor acht. De ‘ijzingwekkende’ verhalen die op de verschillende websites van eerdere tegenstanders van Rokado stonden te lezen… hadden steevast het verschrikkelijk koude speelzaaltje als hoofdthema. De uit voorzorg meegebrachte poolkledij kon onaangeroerd in de kofferbak van de auto achterblijven. Prima speelomstandigheden derhalve, en dus…

F.G. Maas... tot in alle details voorbereid


Het enige kruit!
FM John van Baarle (2164) wist wederom feilloos de hand met de witte pion te traceren, en speelde zodoende met wit aan bord 1. Hans van der Linden (2119) was de opponent. Voordat de wedstrijd tegen FM John gespeeld was, kon Hans bogen op de fraaie status van 16 RSB wedstrijden op rij ongeslagen te zijn (info: website Rokado). De opening leverde Hans een geïsoleerde d-pion op. Hans besluit de iso te offeren en krijgt daar onderliggende dreigingen op de koningsvleugel voor terug. Zwart slaat echter een andere koers in, en begint afwachtend te spelen. FM John maakt van deze gelegenheid onmiddellijk gebruik en stelt zijn stukken ideaal op, Hans probeert nog met een wanhoopsoffer fouten af te dwingen, maar dat werkt natuurlijk niet bij FM John! Een vrij strakke en vlotte overwinning was het prima resultaat…
0-1     

FM John... eer gered!


Compensatie?
Invallend teamleider Aad Juijn (1903) had aan bord 3 (wit) te maken met Ben Boog (2086). In een merkwaardige Caro-Kann zocht Aad zijn heil in een pionoffer op e4 (hoe kan het ook anders). De stelling moest nu door beide heren accuraat worden behandeld. De witte pion op d4 was nu een iso en een gemakkelijk aanvalsobject. En nu ging Aad op twee gedachten hinken, en dat is zelden goed. De strategie had gericht moeten zijn op het terug verdienen van de gambiet pion (e4), Aad probeerde echter met de korte rokade eerst de koning veilig te parkeren. Deze keus kostte belangrijke tijd, Ben reageerde adequaat toen Aad op zet 14 wederom niet inzette op pion e4 (Te1). Na 15 zetjes was de compensatie voor de pion ver te zoeken. Ben speelde deze fase erg sterk, en de witte pion op d4 ging eveneens verloren. Toen dameruil niet meer te vermijden was, streek Aad op de 24e zet de vlag… Sterk optreden van Ben!
1-1

Aad vrij kansloos ten onder...


Een korte blik op de overige twee borden herinnerde mij aan het feit dat er beneden ook nog een bar was. Gelegenheidsfotograaf Jan vergezelde mij tijdens de niet ongevaarlijke afdaling van de steile trap. Aangekomen in de uitnodigende lounge waar Fawzia meesttijds lezend door had gebracht, viel ons oog op een demonstratief uitgestald apparaat. Jan en ik keken elkaar aan, en mompelden gelijktijdig de naam van onze voorzitter. Theo van Zessen steekt niet onder stoelen of banken dat hij niets, maar dan ook echt niets met de digitale revolutie op heeft. Computers, mobieltjes, laat staan X-boxen, van Theo hoeft het allemaal niet. En het apparaat dat wij aanschouwden was de overgroot opa van het moderne toetsenbord! Speciaal dus deze foto van dit ongetwijfeld begeerde item t.a.v.  onze voorzitter…

Windows 1915?...


Verdrukking…  
Aan het zwarte bord 4 zag Daniël van Loenen (1924) Rick Ensering (2070) tegenover zich. Daniël gebruikte in de opening (1.Pf3) al snel veel tijd (3.Da4). Ook de volgende zetten vergen zeeën van tijd. Rick verkrijgt ruimtevoordeel en verhindert een snelle ontwikkeling van zwart. De dameruil pakt duidelijk in Rick zijn voordeel uit. Het zwarte spel wil maar niet van de grond komen, Rick blijft vasthouden, en verslapt geen moment. Net als Aad aan bord 3 beleeft ook Daniël een vervelend avondje, geen moment spel. Wanneer Rick de druk op pion b7 opvoert, besluit Daniël de boosdoener Ld5 af te ruilen met zijn paard. Het middel is misschien erger dan de kwaal, want nu heeft Rick twee verbonden pionnen waarvan er een ’n vrijpion is. De witte druk neemt nu desastreuze vormen aan, en Daniël kan niet anders dan een stuk geven om promotie te voorkomen. Daniël spartelt nog wel tegen, maar tegen beter weten in… Rick speelt zich met vaste hand naar winst.
2-1

Daniël lastig avondje...


Tussen hoop en vrees…   
Aan bord 2 (zwart) speelde Oleksii (Alex) Kapitonenko (2145) tegen Han Westenberg (2108). Vanuit de opening komt Han met een geïsoleerde d-pion te zitten, nog steeds actuele vraag: sterk of zwak? Langzaam maar zeker ontwikkelt Han een listig initiatief, en komt vervaarlijk met de witte paarden opzetten. Alex moet terug met Pa7 en Dd8. Ondanks dat Alex het moeilijk heeft slaagt hij er toch in het witte gevaar beetje bij beetje te neutraliseren. De stand in de match eist dat Alex voor de winst moet gaan. Met uitermate riskant spel in opkomende tijdnood offert Alex de dame tegen toren en paard, met uitzicht op misschien nog meer. Han geeft geen krimp en vindt steeds weer opnieuw probleemzetten. Zet voor zet komt Alex slechter te staan, en met touwtjes hangt het zaakje nog wat aan elkaar. Wanneer een zo’n touwtje het begeeft dondert het zootje volledig in elkaar, en is de opluchting in het Rokado kamp groot! Spannende partij… dat zeker.
3-1

Alex na zinderend duel ten onder (excuus voor de wazige foto)


Exit!
En met deze uitslag is meteen een eind gekomen aan het RSB beker optreden van HZP Schiedam dit seizoen. Ik kan niet anders zeggen dat Rokado een verdiende overwinning behaalde, bovendien deden zij dat in een ontspannen en vooral sportieve ambiance. Ik wens de heren dan ook veel succes toe in hun treffen met C.S.V. en alvast vooruitlopend op de nakende promotie, evenzoveel succes volgend seizoen in de KNSB competitie…

Aantekeningen: F.G. Maas
Verslag/Gedachtebeheer: Aad Juijn
Fotografie: Jan Zoorob




3e Ronde RSB Beker, Overschie – HZP Schiedam   1-3

Vrijdag de 13e (februari) schijnt van oudsher een ongeluksdag te zijn (uitleg). Mocht u na het lezen van deze uitleg nu in twijfel zijn dat dit inderdaad wel eens een mogelijke ongeluksdag kan zijn, dan bent u waarschijnlijk tegelijkertijd tot de conclusie gekomen dat logischerwijs de regel van het  gelijkheidsbeginsel op zo’n dag van toepassing zal moeten zijn, d.w.z. onze tegenstanders zullen net zo veel pech hebben als wij…

Clubhuis Onésimus...
Ondergetekende, tevens teamleider (Aad Juijn) zag zich vier dagen voor aanvang van het duel geconfronteerd met ’n afzegging. Onze RSB topscorer David van der Mast was het slachtoffer geworden van een longinfectie, en dat was dus pech hebben. Liever op die dag, dan op de speeldag, zullen we dan maar zeggen. Ik probeerde Jan Zoorob te strikken, maar Jan speelt donderdags de interne bij Onésimus, en meldde mij voorts dat hij niet zoveel heeft met het RSB bekergebeuren. Nu we het toch over Onésimus en pech hebben, op Valentijnsdag (14 februari, dag van de liefde) brandde hun speellokaal volledig uit (klik hier), met inbegrip van alle schaakbenodigdheden, “the worst scenario” voor iedereen met een schaakhart…  zo’n ramp kan zelfs niet meer in de categorie van gewone pech worden ingeschaald (het is ‘misschien’ een idee wanneer elke bij de RSB aangesloten vereniging een bedrag van bijv. 100 Euro zou overmaken op de rekening van de penningmeester van Onésimus, teneinde dat zij zich nieuwe spullen kunnen aanschaffen)…

F.G. Maas...
... doktershandschrift?
Goed… ik was dus op zoek naar een geschikte invaller. Zelf ben ik feitelijk principieel non playing captain, bovendien is één van de kenmerken bij HZP Schiedam dat het schrijven van een verslag + bijbehorende foto’s ver boven de schaakresultaten is verheven. Omdat deze wedstrijd een kwartfinale betrof, en ik als teamleider van het bekerteam minstens de finale met het team wil bereiken, zag ik geen andere uitweg dan zelf maar in te vallen. F.G. Maas die zichzelf aan het begin van het seizoen reeds als vaste chauffeur had aanbevolen, en zich bovendien een aantal seizoenen als succescoach van het eerste heeft onderscheiden, leek mij een prima kandidaat om het teamleiderschap in de schoot geworpen te krijgen. Minpuntje: F.G. schrijft niet graag de verslagen, en drukte mij op het hart dat hij bovendien ook nog eens is ‘begenadigd’ met een doktershandschrift, en foto’s maken is verre van zijn hobby. We kwamen toch nog tot een consensus. F.G. zou toch de aantekeningen maken, en bij eventuele onduidelijkheden m.b.t. de leesbaarheid van het ‘handschrift’ is altijd de telefoon nog een optie. Het probleem rond de fotografie loste zich op doordat de moderne mobieltjes tegenwoordig in staat zijn om zelfs de kwaliteit van gemiddelde camera’s te overtreffen, en zo kon het zijn dat ik qua fotografie een beroep op de supporters kon doen, voor het gemak duid ik deze groep in de aftiteling aan als Studio HZPS…

Onze tegenstanders…
onderkomen s.g. Overschie
s.g. Overschie speelt alweer een jaartje in het nieuwe onderkomen “Stichting Prachthuis”, dit gebouwtje wordt op een eigen website aangeprezen onder de noemer “sociale supermarkt”. Het moet gezegd worden… een grootse verbetering ten opzichte van het gedateerde en krakkemikkige schoolgebouw aan de Rodenburgstraat 59. In het nieuwe onderkomen worden RSB wedstrijden zelfs afgewerkt in een privézaaltje, met in ons geval een ruime grote tafel voor iedere speler apart! Daniël merkte zelfs op dat dit bijzaaltje bijkans groter is dan onze gehele speelzaal aan de lekstraat in Schiedam. Wat betreft de wedstrijd zelf, deze werd door de heren van Overschie meer als een toetje ervaren. De sterkste spelers van de club komen uit in de landelijke competitie, terwijl het RSB gedeelte, de heren van Overschie 2 het momenteel stellen met een 1e plaats in de RSB 2e klasse B (10 uit 5!), een te sterke 2e klasser dus. Voor de wedstrijd had ik een onderonsje met naar later bleek mijn tegenstander van vanavond Daan Smit, en Daan vertelde dat de winst in de vorige ronde op het sterke Charlois Europoort, dat met 1966 gemiddeld ongeveer 100 ratingpunten per bord sterker was, al als een onverwachte meevaller was ervaren. Wanneer je echter een team als Charlois uit weet te schakelen dan is de volgende tegenstander op zijn minst gewaarschuwd. Kijken we naar de actuele ratings (KNSB 1 februari) dan komt het gemiddelde van de spelers van Overschie uit op 1880 ratingpunten, terwijl dat van HZPS moet worden vastgesteld op 2034 punten.

Bijzaken…
Het is altijd prettig om je aangemoedigd te weten, en vanavond was Daan van Loenen wederom van de partij om, denk ik, in de eerste plaats de schaakopenbaringen van zijn “spruit” Daniël met Argusogen te volgen, maar uiteraard ook die van diens teammaatjes. Verder kwam “ik heb niet zoveel met RSB bekerwedstrijden” Jan Zoorob met zijn altijd aangename aanwezigheid bijdragen aan de toch al gemoedelijke sfeer. Ik hoorde achter mijn rug langs, teamleider F.G. Maas in onderhandeling met wedstrijdleider Erik Brandenburg het punt de loting bespreken. De vorige twee wedstrijden betroffen thuiswedstrijden, en aangezien ik daar tweemaal in de positie van wedstrijdleider was gemanoeuvreerd, en logischerwijs de lotinghand liet kiezen door de bezoekende bord 1 spelers, die vervolgens steevast de witte pion wisten te traceren, had FM John laten weten voortaan zelf te willen kiezen (helaas kan dit alleen bij uitwedstrijden). Dit voorval schoot dus door mijn hoofd heen, en ik haastte mij tussen Erik en F.G. … “ho, ho, ho John wil graag kiezen”, wist ik juist op tijd in te brengen. Alle aanwezigen keken in absolute stilte toe naar het lotingritueel… Erik nam als gebruikelijk een witte (r) en een zwarte pion (l) in de verschillende nu gesloten handen. Luidt en duidelijk sprak John zijn voorkeur uit… “Ik wil wit!”, “Doe mij de witte maar!”. John koos gedecideerd de rechterhand van Eric, en onder luid applaus van de aanwezigen verscheen daar in de nu geopende hand, het begeerde witte kleinood.

Teamleider F.G. Maas, en supportersvereniging "Jan en Daan"


Jan... later op de avond


Hoofdzaken…   
Dan richten mijn vrouw en ik ons nu verder op het doktershandschrift van F.G. (mijn vrouw is op de een of andere manier heel erg goed in het ontcijferen van de zogenaamde ‘klassieke’ handschriften). En na de ontcijfering, neem ik u in chronologische volgorde mee langs de partijen, en maak ik uiteraard gebruik van de actuele ratings (KNSB, 1 februari)…

Chaostheorie…
Aan bord 3 (wit) kreeg teamleider buiten dienst Aad Juijn (1903) in Daan Smit (1797) te maken met een tegenstander waarvan hij in 2008 al eens verloren had. De insiders (HZPS’ers) weten dat tussentijdse verdieping in de stellingen die bij Aad op het bord komen, weinig duidelijkheid geven. Het is als met de chaostheorie, het lijkt allemaal enorm onsamenhangend en zelfs verre van lineair, maar Aad beweert de verbanden wel te ‘zien’. Binnen enkele zetten had wit een pion geofferd, en vloog met de koningsvleugel pionnen al naar de overkant, en dit terwijl beide heren nog niet hadden gerokeerd. Toch moest Daan erg nauwkeurig te werk gaan, en dat kostte het nodige aan tijd. De witveldige loper van Aad vertegenwoordigde het grootste gevaar. Uiteindelijk wist Daan deze loper onschadelijk te maken onder teruggave van de pion voorsprong. Daan slaagde er in om de stelling weer redelijk in balans te krijgen, maar had zeeën van tijd gebruikt. Op de 27e zet had Daan nog slechts 3 minuten over (Aad iets minder dan 50 minuten). Daan greep, onder de immense tijdsdruk en tevens in gecompliceerde stelling, mis door een vergiftigde toren te slaan, dit kostte de dame…
0-1     

Aad... wint op fantasie

           
Staaltje techniek…           
Aan bord 2 (zwart) speelde Oleksii (Alex) Kapitonenko (2145) tegen Arnout van Kempen (1921). Alex schudt de eerste 15 zetten in amper 6 minuten uit zijn mouw. Dan begaat Arnout een “beginnersfoutje”… wit heeft een ongedekte dame op b5, zwart heeft de dame op d7 en een paard op c6. Het paard op c6 slaat een gedekte pion op e5, maar nu staat de witte dame aangevallen door de zwarte collega, na dameruil neemt het paard van e5 weer terug en het pionnetje is binnen. Alex een pion voor, en de tegenstander heeft hiervoor geen compensatie, wij weten dan dat deze koers gelopen is. De zaak is behoorlijk gesloten, en vergt de nodige techniek. Wanneer Arnout het meest actieve stuk van Alex een paard, besluit de slaan met een toren, dringt zich de vraag op: hoe nu verder met de zwarte torens achter een gesloten zwarte pionnenstelling? Met langdurig manoeuvreren lukt het Alex de zaak te openen en dan gaat het snel bergafwaarts met wit.
0-2

Alex... wint op techniek
(vertaling: Vrijdag de 13e? Wat is dat voor onzin?)


Oeps!
Aan bord 4 (zwart) speelde Daniël van Loenen (1924) tegen Jeroen van der Meer (1868). In de opening vindt Daniël zijn spel door druk op de witte pionnenstructuur te zetten. De zwarte stelling lijkt de voorkeur te hebben. Wanneer Daniël er in slaagt om nog grotere druk via de c-lijn te ontwikkelen ziet het er gunstig uit. Toch weet Jeroen vrij ‘sneaky’ aan een koningsaanval te werken. Het lijkt dat Daniël dit gevaar onderschat, wanneer hij brutaalweg een ‘loze’ pion op a3 met de dame soupeert. Nu staan alle zwarte stukken op de damevleugel, terwijl Jeroen er inmiddels in geslaagd is de g-lijn te openen en daar zelfs een torenverdubbeling heeft weten te realiseren. Een wit paard en de witte dame staan ook al klaar om de zwarte koning te belagen. Dan slaat het noodlot toe en meent Daniël met een kwaliteitsoffer op c3 te kunnen toeslaan. Nu beide zwarte torens van de onderste en 7e rij hun verdedigende posities hebben verlaten, is mat onontkoombaar, en Jeroen profiteert natuurlijk optimaal! Daniël mist duidelijk wedstrijdritme, volgens eigen zeggen…
2-1  

Daniël... zoekt nog naar vorm


“Ik wil wit”…  
En dan krijg je wit, en dan moet je het waarmaken ook, vind ik. Aan bord 1 FM John van Baarle (2164). Tegenstander is Han Smit (1935). FM John komt prettig en met meer ruimte uit de opening. Han blijft wat moeite met zijn ontwikkeling ondervinden. Toch weet Han zich met uiterst taai weerwerk staande te houden, en moet FM John erg diep gaan. We belanden uiteindelijk in een eindspel, waarin FM John inmiddels een pion heeft weten buit te maken. Nog steeds is het verre van gemakkelijk om de winst te vinden. Wit heeft het loperpaar en daarbij 6 pionnen, Han heeft loper en paard en 5 pionnen. FM John krijgt herhaaldelijk de ‘kans’ om op lopers van ongelijke kleur en een pluspion de remisehaven binnen te varen, en daarmee de teamwinst veilig te stellen. FM John denkt daar natuurlijk anders over, verliesgevaar is er nauwelijks (of je moet een stuk weggeven) en bovendien moet ook aan het ratingblazoen worden gewerkt. Het is weer buitengewoon leerzaam om te zien hoe FM John de winstvoering illustratief tot een goed einde weet te brengen. Wanneer Han de witte op handen zijnde promotie niet meer kan voorkomen zijn de felicitaties voor FM John.
1-3

FM John... wint op eindspeltechniek


Goed… het vrijdag de 13e effect is, voor ons althans, uitgebleven. Voor Daniël is het te hopen dat zijn offday wel aan dit fenomeen is toe te schrijven, dan zouden de te verwachten nederlagen binnen aanvaardbare grenzen blijven. Volgende maand is er weer een vrijdag de 13e (best uniek), en in november nog eentje. Dan staan we nu in de halve finale en begint met alle respect voor onze eerdere tegenstanders het grote werk. Feitelijk kun je wat betreft de 2 laatste ronden spreken van nog twee finales… Het treffen met Rokado is een fikse uitdaging en zal een zwaar gevecht worden, aan de andere kant zal Rokado met ons in het vooruitzicht toch ook alles uit de kast moeten trekken.

Het persbericht van het duel tegen Overschie leest u hier...

Aantekeningen: F.G. Maas
Verslag/Gedachtebeheer: Aad Juijn
Fotografie: Studio HZPS     




2e Ronde RSB Beker, HZP Schiedam – Barendrecht/IJsselmonde   2½-1½

Aad ... bosje bloemen beloofd
Op maandag 19 januari was het zover, de RSB bekerwedstrijd tegen Barendrecht/IJsselmonde. Voor de teamleider (ondergetekende) is zo’n wedstrijd een soort van D-day. Elk moment van zo’n dag wanneer de telefoon rinkelt stokt je adem in je keel. Deze dag verliep zonder afmeldingen en dus iedereen blij, behalve dan de tegenstanders misschien. Een aardige bijkomstigheid over dit onderlinge treffen is het feit dat de heren ook nog eens bij ons vlaggenschip in de 1e klasse A uitkomen. In die gedenkwaardige 1e ronde vertrokken wij, vol optimistisch over de goede afloop, met ons beresterke team richting IJsselmonde. Daar ging eigenlijk best wel veel mis! Ondergetekende bijvoorbeeld heeft daar heden ten dage bij tijd en wijle nog immer slapeloze nachten van. Immers, bij een 3 - 4 voorsprong (viel al enigszins tegen), presteerde ondergetekende het om heel erg op zijn Juijns, en dus eigen ”zinnig” maar vooral ook hardnekkig een geijkte remisestelling uit de weg te gaan, dit om de tegenstander wel eens even door de vlag te spelen. Door absurde risico’s te nemen kreeg ondergetekende het op onnavolgbare wijze voor elkaar om, nog vlak voor tegenstanders vlag viel, zelf in een matnet verstrikt te geraken (deze “one man freakshow” speelde zich tot overmaat van ramp ook nog eens ten overstaan van alle aanwezigen af, een normaal mens zou zich daar nooit meer durven vertonen, maar gelukkig zijn schakers geen normale mensen). Het is dat de verengingstatuten iets dergelijks in de weg staan, maar ik ben er van overtuigd dat het overgrote deel van de aanwezige Barendrecht/IJsselmonde leden mij graag had voorgedragen voor de bijzondere titel van “lid van verdienste”. Ja ja, ik heb daar vele vrienden gemaakt, vlak voordat wij met de staart tussen de benen huiswaarts togen werd mij zelfs een bosje bloemen beloofd (die bloemen zijn overigens nooit aangekomen)…

Tot zover een stukje duiding wat betreft het verleden met onze tegenstanders. Het feit dat ons team compleet aan de start verscheen, betekende voor onze jongens enige opluchting, en misschien voor de tegenstanders een lichte teleurstelling, ondergetekende hoefde immers niet in te vallen. Ondergetekende was echter WEL wedstrijdleider, en was dus wederom in een uitstekende gelegenheid om ook in deze hoedanigheid zijn “momentje” te pakken (daarover straks meer).

Doelstelling…
"succescoach"...
Wanneer ons team in de basis optreedt is het gezegend met een ratinggemiddelde van 2037 ELO. Bekijken we even alle teams die zich hebben opgegeven voor de RSB beker, dan zien we dat wij qua gemiddelde 3 teams boven ons moeten dulden. Eén van die teams Messemaker 1847, rating 2045, is in de 1e ronde gesneuveld doordat zij de pech hadden tegen een van de andere krachtpatsers Rokado (2074) te moeten uitkomen. Blijft nog over de kampioen van vorig seizoen C.S.V. (2134). Het team waarvan wij vorig seizoen nogal onfortuinlijk verloren (2½-1½) in de finale. Ons team is in vergelijk met vorig seizoen slechts op één plaats gewijzigd, en dat is de teamleider. Vorig seizoen was David van der Mast playing captain, dit seizoen is op de ledenvergadering besloten om succescoach Aad Juijn aan te trekken (voor weinig geld, veel waar). Het voordeel van deze coach is dat ‘ie voor minder dan de “cup met de grote oren” niet gaat! Het motto van de coach is dan ook “schaken doe je niet voor je plezier”. En daar is natuurlijk niets tegen in te brengen. We zijn nu dus pas in de 2e ronde aanbeland en om de doelstelling te bereiken moeten er 5 rondjes worden gewonnen. Er is één prettige bijkomstigheid, en dat is het feit dat C.S.V. in de andere kant van het schema zit. M.a.w. zij hoeven zich pas druk te maken in de finale. Vervelender is het feit dat aan onze kant van het schema Rokado “zit”, deze heren zouden we in de 4e ronde (halve finale) kunnen treffen, hoewel ik denk dat zij met ons toch ook niet echt blij zullen zijn…

… de wedstrijd
Achteraf goede loting...
Eerst dus nog “even” die 2e ronde winnen, voor de heren van Barendrecht/IJsselmonde waren we dus al gewaarschuwd. Het is zeker een sterk viertal, en met hun gemiddelde rating van 1949 punten zelfs nog iets sterker dan onze opponent uit de 1e ronde Fianchetto (1934), en die was al lastig genoeg (promotieklasse). De bord 1 speler van de bezoekers Feike Liefrink wist uit de vooruitgestoken handen van wedstrijdleider Aad Juijn feilloos de witte pion te traceren, FM John van Baarle becommentarieerde het voorval met de volgende woorden… “dit is nu al de 2e keer dat ik zwart heb, ik kies volgende keer zelf wel” (dat kan wel kloppen want dan spelen we een uitwedstrijd).

Even slikken…
Aan bord vier en dus met wit speelde Daniël van Loenen (1940) tegen André Coenen (1861). In de reeds besproken eerdere ontmoeting verloor André door een openingsblunder binnen het uur van onze invaller Andries Schukking (1682). Vanavond was André wederom als eerste speler klaar. Daniël rokeerde vanavond lang en André kort. Daniël zette een pionnenopmars richting de vijandelijke koning op, en André ving deze bekwaam op. Toen was het de beurt aan zwart, met de toren op b8 de pionzet b5 en de dameuitval naar a5 leek er op het eerste gezicht niet bijster veel aan de hand. Toen André echter zijn loper op a2 “offerde” was het meteen bekeken. Daniël had deze mogelijkheid compleet over het hoofd gezien. Het resultaat was een superslechte stelling, twee pionnen achter, en compleet zonder tegenspel zitten. Zo stond het al vroeg op de avond 0-1, deze stand zette evenwel een compromisloze toon, de overige heren wisten nu dat het aanbieden van voorzichtige remises vergeten kon worden!
0-1

Daniël... Even slikken


Foutje, bedankt!
Diagram 1 na 14. Tad1...
David van der Mast (1884) speelde met zwart aan bord drie. Playing captain Steef Bergakker (1938) was de tegenstander. Steef had in het eerdere duel Jan Zoorob (1955) nog te grazen genomen. David stuurde ondergetekende zijn partij en daarbij drie diagrammen met de kritieke momenten op. In een niet alledaagse opening zocht David zijn heil op de damevleugel, terwijl Steef een gedekte voorpost op e5 had en activiteit tegen de zwarte koning op touw zette (diagram 1). Dit was een fase waar de verschillende toeschouwers en ondergetekende hun hart vast hielden, het luisterde allemaal vrij nauw voor David. Gelukkig sloeg hij met 14… Pc6! De goede richting in, maar precair bleef het.

Diagram 2 na 18. a3...
Op de 18e zet (diagram 2) na a3 vond David de enig juiste zet 18… d4! Enkele zetten later ging David toch even in overleg met ondergetekende om te checken of een remise aanbod geplaatst kon worden. Tja… de stelling was nu in evenwicht. Alex stond een pion voor en FM John stond inmiddels iets beter. Vooruit dan maar… Steef ging op zijn beurt even de borden af, en trok daaruit de conclusie toch maar nog “even” door te spelen…


Diagram 3 na 22. Lg5??
Dit bleek een profetische uitspraak, want twee zetten later maakt Steef het woordje “even” op een verschrikkelijke wijze tot waarheid… met de gigantische bok 24.Lg5?? (diagram 3) is het meteen einde oefening (24.Dxb4 geeft volledig gelijk spel). Er volgde nog 24… Dxc3 25.bxc3 - Lxf3 en opgegeven. Ondanks het “krijgertje” heeft David toch weer aangetoond een vechtertje te zijn die op de lastige momenten goed in staat is het juiste plan te vinden!
1-1  


David... belangrijk punt!


De opluchting bij ondergetekende en iedereen met een zwart hart (oké… zwart paardenhart dan) was ongekend groot, vooral omdat deze winstpartij ook min of meer uit de lucht kwam vallen… remise leek een logischere uitkomst. Onze twee ratingkanonnen moesten nu de finishing touch verzorgen, en dat viel bepaald nog niet mee, gezien de stellingen op dat moment. We vervolgen de partijbespreking…

Op herhaling… (1)
Aan bord een met zwart, natuurlijk onze kopman FM John van Baarle (2211). Tegenstander was Feike Liefrink (2025). In onze vorige ontmoeting speelden beide heren ook al tegen elkaar! Feike won dat duel na een “onoplettendheidje” van FM John (shit happens). In de partij van vanavond stelde FM John zich gedegen op. De paarden gingen op stal, en doordat er slechts één pionnenstel was geruild hadden de lopers het niet gemakkelijk. Een voornamelijk strategische partij met een ruimtevoordeeltje voor wit was de balans na ongeveer 20 zetjes. Feike bood uitstekend tegenstand, met fijn spel wist FM John Feike toch voor de nodige problemen te stellen, er werden kleine verzwakkingen uitgelokt, en FM John won, weliswaar met dameruil, een pionnetje. Helaas betrof de pluspion een geïsoleerde dubbele b-pion. Met uiterst accuraat spel wist Feike het zaakje binnen de remisegrens te houden, FM John kwam slechts één tempo tekort…
1½-1½

FM John van Baarle... één tempootje tekort!


U begrijpt dat het nu wel erg spannend werd, alles draaide nu om die laatste partij… Winnen, verliezen of snelschaken!

Op herhaling… (2)
Met wit aan bord twee Oleksii (Alex) Kapitonenko (2113), en ook hier een herhaling van de eerdere ontmoeting. Iroy Ockeloen (1973) verloor destijds dat duel. De opening laat een langdurig manoeuvreren zien, beide heren proberen hun stukken zo goed mogelijk op te stellen voordat de schermutselingen kunnen beginnen. Na 18 zetten komt dan eindelijk de doorstoot d4 (wit). De paarden belanden naast het bord, en ook hier het euvel dat eerder aan bord een werd besproken. Beide heren een zevental pionnen, en dus voor de lopers een lastig karwei. Een onoplettendheidje van Iroy kost de zwarte pion g6 het leven… De dames worden geruild, en de eventuele witte winstvoering is verre van makkelijk. De tijd gaat meespreken… Alex nog zo’n 20 minuten, Iroy slechts 3 minuten. Inmiddels zijn alle overige partijen beëindigd en is er sprake van een drukte van jewelste rond het overgebleven bord. Alex kruipt in de denktank en dat kost zeeën van tijd. De stelling is inmiddels voor Iroy één toren, en voor Alex één toren + 2 verbonden vrijpionnen, maar een afgesneden koning. De zwarte koning controleert de 2 vrijpionnen. Alex’ tijd is inmiddels geslonken tot 1 minuut, Iroy heeft er dan nog 2... 

Aad... even klok instellen
Dan komt het beloofde “momentje” van wedstrijdleider Aad Juijn! Alex zet zijn koning schaak, en Iroy constateert dat… ’n tijdstraf derhalve voor Alex. Twee minuten eraf gaat niet, en dus Iroy 2 minuten erbij. Aad neemt de klok even mee naar zijn werktafeltje en reset per ongeluk de tijd!! Gelukkig had Aad de tegenwoordigheid van geest om alvorens het klokgebeuren te regelen, toch even het juiste aantal minuten en seconden op zijn notitieblok te schrijven’. Gelukkig maar… nu even de klok snel opnieuw instellen + de tijdstraf, et voilá. Al met al duurde de “grap” toch wel zo’n 2 minuutjes. Klok weer terug bij de spelers, die dus eigenlijk beiden 2 extra minuten de stelling hebben kunnen doorgronden. Iroy drukt de klok weer in, en roept… “hé, hij doet ’t niet”! Wel verdraaid (wat ik echt dacht schrijf ik niet op)… In plaats van 1minuut en één seconde, en voor Iroy nu 4 minuten en 2 seconden, heeft Aad de klok op 1 uur en één minuut, en 4 uur en 2 minuten ingesteld! En dan te weten dat de dames achter de bar al op hun klokjes stonden te turen… Oké Aad weer aan de slag met de klok, de spelers weer de tijd om de stelling nog eens te doorgronden! Allemachtig… ik voelde me net een voetbal grensrechter van Lutjebroek 5 in de 4e klasse onderbond, die een loepzuivere goal buitenspel vlagde, in ieder geval iets in die strekking. Nu werd de klok in vrij snel tempo op de juiste tijd ingesteld, en nee ik vergat niet de extra 5 seconden per zet in te stellen (had ook nog kunnen gebeuren). De partij ging zonder morren verder, Alex had zijn koning bij de pionnen kunnen krijgen, en ging nu op zeker promoveren. Op dit moment zette wedstrijdleider Juijn alvast een witte dame naast het bord. Iroy probeerde nog een laatste duivelse pattruc (torenoffer) in de luttele seconden die Alex nog had. Als Alex volautomatisch de klaargezette dame op het bord had gezet, dan was de zwarte opzet nog gelukt ook! Gelukkig griste Alex een paard naast het bord weg die vervolgens op het promotieveld belandde… Dit was meteen de laatste handeling op het bord!! Iroy feliciteerde Alex… tot grote opluchting van alle HZPS aanwezigen.
2½-1½

Alex... matchwinner!!


Wat een zenuwslopende toestand zeg, dan ook nog dat gedonder met die klok. Het was me het avondje wel, zeg. Volgende ronde hebben we gelukkig een uitwedstrijd, en misschien wel ’n wedstrijdleider die verstand heeft van digitale klokken. Die wedstrijd is trouwens tegen Overschie (gemiddelde rating 1869). Dit team staat momenteel met de volle 100% score bovenaan in klasse 2B. Overigens wist dit bekerteam de heren van het sterke Charlois Europoort (1966) in de 2e ronde uit te schakelen, gevaarlijk zijn ze dus genoeg!

Het krantenartikel van het bekerduel tegen Barendrecht/IJsselmonde is hier te lezen...

Verslag/Gedachtebeheer: Aad Juijn
Fotografie: Frans Groeneweg           
   

      

    

1e Ronde RSB Beker, s.v. HZP Schiedam - s.v. Fianchetto  2½-1½


Wanneer je vorig seizoen verliezend finalist bent geworden, dan smaakt zoiets naar meer. Een 2e plaats is natuurlijk een meer dan behoorlijke prestatie, maar als je zo dicht bij een kampioenschap bent aangekomen, is het misschien vreemd genoeg toch nog enigszins teleurstellend wanneer je zo’n finale verliest.  Ja, ja… de mens is natuurlijk ‘nooit’ tevreden. Het concept is eenvoudig, om kampioen te worden behoeft ‘slechts’ vijf maal gewonnen te worden. Vorig seizoen hebben we het bereiken van de finale niet gratis gekregen… immers, drie promotieklasse teams en twee 1e klasse teams waren de te nemen hobbels. Dit seizoen koppelde de loting ons in de 1e ronde meteen aan stadsgenoot en promotieklasse team s.v. Fianchetto. Voorwaar geen makkie…

Historisch besef…
Historisch besef...
In een niet al te ver verleden kende Schiedam drie schaakclubs, te weten HZP, Schiedam en Groenoord (er was ook nog zeer tijdelijk de ‘dissidente’ afscheidingsbeweging PIP (Primus Inter Pares), dit was een groepje fanatieke ‘niet rokers’ die om het (te) coulante rookbeleid van het HZP bestuur uit de vereniging waren gestapt). Buurstad Vlaardingen kende eveneens drie schaakclubs. Shell, Unilever en HVO. In het jaar 1986 fuseerden HZP en Schiedam, en dat was niet zozeer uit noodlijdende beweegredenen, maar meer het ‘samen staan we sterk’ idee. Schaakvereniging Groenoord sloeg in 2011, onder voorzitter Bart van der Sloot, ook aan het ‘fuseren’. Vlaardingen telde na de fusie van Shell en HVO in 1998, dat toen CHESS werd, twee verenigingen. Beide Vlaardingse clubs werden qua ledenaantal kwetsbaar. In het jaar 2011 ging Unilever op in Groenoord (de Vlaardingers trokken bij de Schiedammers in), de fusieclub ging nu verder onder de naam Fianchetto. In het jaar 2012 was de enig overgebleven club uit Vlaardingen aan de beurt, het lage ledenaantal was er mede debet aan dat ook CHESS opging in Fianchetto (de naam bleef Fianchetto). Enkele jaren geleden was ik als teamleider eens op bezoek bij Fianchetto (toen nog in de gezellige boerderij Landvreugd), en kwam ik met voorzitter Bart van der Sloot in gesprek… Bart bezwoer mij toen op weliswaar grappige wijze dat HZPS ook op het verlanglijstje stond van het nog verder uit te voeren expansiebeleid van Bart en de zijnen, hij droomt van een supervereniging. 

Huwelijk tussen 92 jarige
en 46 jarige...
Ons oprichtingsjaar dateert van 1923, het officiële oprichtingsjaar van Groenoord dateert uit 1968, een huwelijk tussen een bijna 92 jarige en een 46 jarige zal tussen de lakens niet veel worden (mag ik hopen). Zoiets zal dus gedoemd zijn een verstandshuwelijk te zijn. Vlaardingen zit nu dus zonder schaakverenigingen, en Schiedam telt er nu twee. Het ‘fusiebeleid’ dat het bestuur van Fianchetto voert, deed me denken aan het oude zeer dat traditioneel tussen de ‘Haringkoppen’ en ‘Jeneverneuzen’ speelt. In Wikipedia vond ik de eerste daden van Schiedamse agressie jegens onze Vlaardingse buurtjes. Ik citeer:

Aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog is sprake van een 'open stad' en is Vlaardingen nauwelijks te verdedigen. Wanneer de Spanjaarden de Schans in Maaslandsluis (Maassluis) in 1574 in bezit nemen dreigt Vlaardingen een uitvalsbasis voor Spaanse aanvallen op prinsgezind Schiedam te worden. Willem van Oranje besluit daarom dat Vlaardingen onbruikbaar voor de vijand gemaakt moet worden. Een groep poorters van Schiedam besluit daarop Vlaardingen te plunderen en in brand te steken. Nauwelijks enig gebouw lijkt daarbij gespaard te zijn. Gevluchte Vlaardingers worden bij de stadspoorten van Schiedam de toegang tot de stad geweigerd. Tot in de twintigste eeuw was er sprake van schermutselingen tussen Schiedamse en Vlaardingse jeugd op de grens van beide steden, waarvan wordt gezegd dat deze terug gaan op deze geschiedenis. (Overigens is dit Wikipedia artikel een slag in de lucht, hoe het werkelijk is gegaan kunt u door hier te klikken in een audiofragment van 8 minuten beluisteren)

Oké, het in de brand steken van Vlaardingen is gelukkig achterwege gebleven door de ‘poorters’ van Fianchetto, maar op schaakgebied is onze buurstad dus wel op niet mis te verstane wijze leeggeplunderd, en zijn de Vlaardingse schaakbewoners in tegenstelling met toen, nu wel ‘veilig’ binnen de Schiedamse stadspoorten opgenomen. Wij als “Gorzenezen” houden vooralsnog stand tegen het annexatieprogramma van onze imperialistische stadsgenoot, maar gold dat standhouden in het onderlinge bekertreffen ook zo?

PS. Het is voor de lezer goed te weten dat de onderlinge verhouding tussen beide verenigingen niet op concurrentie, maar meer op broederschap is gebaseerd. Enkele spelers spelen intern bij beide verenigingen, zeer af en toe verdwijnt een HZPS’er naar Fianchetto en andersom. Bovenstaande inleiding moet dan ook meer vanuit satirisch oogpunt worden gelezen…

Teamleiderschap…
"wanneer de blaadjes
van de bomen vallen"
In tegenstelling tot vorig seizoen is dit jaar op algemene ledenvergadering besloten weer over te gaan tot het aanstellen van een ‘non playing’ captain. Voor deze stressvolle functie werd ondergetekende (Aad Juijn) gestrikt. De lat ligt hoog, immers wederom zal minimaal de finale moeten worden bereikt, want voor minder moet je niet willen gaan als coach. Het genoemde gegeven ‘stressvolle functie’ zit voornamelijk in het gedeelte ‘team compleet’ krijgen, en zelfs mondelinge en geschreven  toezeggingen van de basis vier betekenen in de regel weinig zekerheid, en zeker in deze periode, de herfst. Het is genoegzaam bekend, dat wanneer ‘de blaadjes van de bomen vallen’ de schakende mensheid (nog) minder stabiel blijkt. Zoals dus verwacht mocht worden werd ondergetekende op de wedstrijddag ’s middags gebeld, Daniël van Loenen aan de lijn… “Aad je weet dat wanneer een speler je op het laatste moment belt zoiets geen goed nieuws betekent”! Oké… Daniël dus ziek. Wat nu? Zelf spelen is natuurlijk een mogelijkheid, ware het niet dat de club momenteel de ‘wederopstanding’ van Frans Groeneweg overkomt. Frans is dit seizoen op buitengewoon imponerende wijze boven zichzelf aan het uitstijgen. Het ene schaaksucces overtreft het andere. De keus was dus snel gemaakt, en Frans stemde in. Dan nu (eindelijk) het wedstrijdverloop… De loting bepaalde dat onze borden 1 en 3 met zwart speelden.

Teamleider Aad Juijn...


Veni, vidi, vici…
Aan bord 3 speelde David van der Mast (1884) tegen Jos Kruidenier (1895). David is nogal autonoom (controlefreak?!) ingesteld, en schreef als enige van onze vier combattanten zijn eigen stukje, ik citeer David:  Kenmerkend aan de opening was dat Jos voor de 10e zet 5x met zijn witveldige loper speelde (inclusief de afruil van dit stuk). Op de 6e zet kon David een pion winnen maar hij speelde een zet waardoor de drukstelling in stand werd gehouden (Rybka vond de tekstzet van David een fractie minder). Later in de opening leek het beste plan voor wit om een pion te offeren met de hoop de ontwikkelingsachterstand weg te poetsen. Na 11 zetten was de loper van wit relatief gepend op de d- lijn. Dit zorgde voor veel dreiging en Jos speelde hierna onnauwkeurig. Rond de klok van 20.45 uur gaf Jos op omdat David in een combinatie een paard zou winnen. De gehele partij werkten de witte stukken niet samen. Na de partij was Jos alles behalve tevreden over zijn spel. HZPS heeft dit punt in zijn schoot geworpen gekregen.
1-0

David "vluggertje"...


“Fluwelen handschoenen”…
Aan het 2e bord (wit) speelde onze Oekraïense crack Oleksii Kapitonenko (2113) oftewel Alex. Tegenstander Bart Voogt (1951) volgde Alex in de opening op symmetrische wijze. In een rustige strategisch georiënteerde partij gingen de dames er al spoedig af. Bart nam genoegen met een geïsoleerde dubbele c-pion (c5 en c6), deze tweeling werd het natuurlijke aanvalsobject. Na langdurig en precies gemanoeuvreer kan Bart toch niet voorkomen dat één van deze c-pionnen sneuvelt. Na wederom een langdurige belegering gaat ook de overgebleven c-pion eraan. Er ontstaat een toreneindspel waarbij zwart 5 pionnen heeft en wit 7. Alex heeft dan het voordeel van 2 ver opgerukte en verbonden vrijpionnen, maar de zwarte koning blokkeert ze, terwijl de witte koning nog ver weg staat. In deze fase verdedigt Bart zich uiterst hardnekkig en zeer actief met zijn ‘vervelende’ toren. Alex speelt echter onberispelijk en weet de enig juiste weg naar winst te vinden. Een knap staaltje eindspeltechniek! De zwarte koning is zogezegd met fluwelen handschoenen gewurgd…
2-0

Alex... knap staaltje eindspeltechniek


Kortsluiting…
Uiteraard aan bord 1 (zwart) FM John van Baarle (2211). ‘Playing captain’ Ron Burgerhout (2041) had de twijfelachtige eer. FM John kwam door de zet Lg5xPf6 al vroeg in de partij met een dubbele f-pion te zitten, daartegenover stond natuurlijk het bezit van het loperpaar. De partij kende een opmerkelijk spelverloop, de zwarte koning bleef lang in het centrum, en de witte dame kwam achter haar eigen h4 pion op veld h2 lange tijd geparkeerd te staan, geblokkeerd door een zwarte pion die inmiddels op f4 (gedekt door Ld6) terecht was gekomen. Na de witte zet e4 kwam de partij flink in beweging. Vooral de witte paarden misdroegen zich. Het leek erop dat FM John lastiger stond, maar dat bleek in de post mortem allemaal nogal mee te vallen, misschien stond zwart zelfs juist beter! Wat er in de partij echter gebeurde zag geen normaal mens aankomen… FM John plantte in een vlaag van schaakblindheid zijn dame op een veld, dat helaas onder controle van de vijandelijke dame stond! Pats, boem, dame eraf! FM John gaf uiteraard meteen op… Tja, een dergelijke kortsluiting overkomt ieder schaker (inclusief wereldkampioenen, grootmeesters enz.) wel eens. Gelukkig hield de blunder geen noodlottige gevolgen voor het team in.
2-1

FM John... 'vingerfoutje'


Het geheime wapen…
Aan het 4e en witte bord speelde invalkracht Frans Groeneweg (1782) tegen René Mersch (1848). Al vrij snel in de opening stoomde Frans met zijn koningsvleugelpionnen richting de vijandelijke koning. De witte koning blijft lange tijd in het centrum, maar vertrekt dan uiteindelijk toch naar f2. René is zowel op de damevleugel als in het centrum op zoek naar actie. De zwartveldige lopers verdwijnen en Frans gaat met de pionzet h5 op verder avontuur, in de hoop de h-lijn te openen. Zwart schuift zijn g-pion rustig naar g5. Dan volgt een flinke afruilactie waarbij de heren 7 pionnen de 4 torens overhouden. Vervelend is dat René daarbij een actief paard heeft tegen de passieve loper van Frans. De zaak blijft flink gesloten en Frans biedt remise aan (Alex en FM John waren toen nog bezig, maar bij Alex stond het resultaat al min of meer vast)… René moest dus doorspelen. Het forceren dat volgde stichtte het nodige gevaar omdat Frans’ b-pion kwetsbaar was. Dan ontstaat er plots kortsluiting bij René, pardoes geeft hij zijn, hoe ironisch, ‘zwarte paard’ cadeau! De stand was inmiddels 2-1 geworden, Frans overlegde met ondergetekende om hoe sportief, remise aan te mogen bieden. René kon dit gebaar onmogelijk weigeren…
2½-1½

Frans... "geheim wapen"!


En… zo bekert HZPS door naar de volgende tegenstander, dat waarschijnlijk de Barendrecht/IJsselmonde combinatie zal worden (zij spelen vrijdag 14 november tegen Hoeksche Waard). En voor stadsgenoot Fianchetto is het bekeravontuur geëindigd. Een sportief onderonsje waarbij de cadeautjes over en weer uitgewisseld werden, wij wensen Fianchetto veel succes verder in de promotieklasse (de eerste ronde werd al winnend afgesloten).

De volgende wedstrijd in ronde 2 zal moeten worden doorgegeven voor 30 november 2014, en uiterlijk zijn gespeeld op 23 januari 2015… U hoort nog van ons.
PS. Het mediaverslag van deze wedstrijd is hier te lezen...

Verslag/Gedachtebeheer: Aad Juijn
Fotografie: Frans Groeneweg   
 





   
Een reactie posten